Nationaal Archief (Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap)

Deelnemers APEx en hun bijdragen

Het APEx-project is de opvolger van het APEnet-project, waarin 14 Europese landen in samenwerking met Europeana startten met het bouwen van het Archieven Portaal Europa in januari 2009. Bij de uiteindelijke oplevering van het portaal in januari 2012 telde het APEnet project consortium al 17 Europese landen en het succes van het APEnet-project vertaalde zich in ruime belangstelling van Europese landen voor deelname aan het vervolg project APEx. Dit paste prima in de voornaamste doelstelling van het APEx project: het verbreden en verdiepen van het Archieven Portaal Europa, zowel in kwantiteit als in kwaliteit.

Op dit moment zijn 28 landen deelnemer aan het APEx-project, namelijk de nationale archieven van België, Bulgarije, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, IJsland, Italië, Kroatië, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Slovenië, Slowakije, Spanje, Zweden en Zwitserland. Daarnaast is ook het International Centre for Archival Research (ICARUS) toegetreden tot het APEx project consortium.

De nationale archiefinstellingen zullen gaan fungeren als nationale 'aggregators' van archief content. Hiervoor zijn er country managers aangesteld, die per land zorgen voor het aansluiten van regionale en lokale archiefinstellingen en daardoor voor een groei van de content. Voor Nederland is dit Wim van Dongen.

Werkzaamheden

De werkzaamheden binnen het APEx-project zijn opgedeeld in 8 werkpakketten. De taken zijn verdeeld over de verschillende deelnemers en samen vormen zij het project management team oftewel de APEx Project Board (PB).

Het Bundesarchiv van Duitsland is verantwoordelijk voor de interoperabiliteit met het Europeana platform (werkpakket 2) evenals voor de standaarden en richtlijnen (werkpakket 4).

Het Spaanse ministerie van Educatie, Cultuur en Sport is verantwoordelijk voor de bouw van het portal (werkpakket 3).

Werkpakket 5: tools & support, dat het verder ontwikkelen van de Data Preparatie Tool en de ondersteuning van nieuwe partners bij het geschikt maken van hun data voor het Archieven Portaal Europa omvat, wordt geleid door het Franse Service Interministériel des Archives de France.

Het Nationaal Archief van Estland werkt werkpakket 6 usability & web 2.0 uit. Dit houdt in: het ontwikkelen van innovatieve methoden ten aanzien van de user interface, moderne manieren van toegang tot informatie en integratie van sociale media.

Het Nationaal Archief zorgt voor het project management (werkpakket 1) en voor de continuïteit van het Archieven Portaal Europa na de projectfase (werkpakket 8), met als doel: de oprichting van een Archieven Portaal Europa Stichting.

Het Zweedse Riksarkivet tot slot regelt de public relations voor het APEx-project (werkpakket 7) en is als zodanig o.a. verantwoordelijk voor het werven van nieuwe consortium partners, voor de APEx bijdragen aan internationale conferenties, het organiseren van APEx workshops en voor het beheer van de APEx-project website.