|
De Rijnbrug, die op 7 oktober 1944 door Amerikaanse bommenwerpers werd vernield en vijf jaar later, voorzien van een nieuwe overspanning, werd heropend, is een van de belangrijkste herinneringsplekken van de Slag om Arnhem. Bij de noordelijke oprit staat een monument: een kapotte pilaar, afkomstig van het nabijgelegen, compleet verwoeste paleis van justitie. Hierin was de simpele inscriptie '17 september 1944' gegraveerd. In 1977 besloot de Nederlandse regering de Rijnbrug naar John Frost te vernoemen. Daarmee wilde zij dit object nog nadrukkelijker verbinden met de dramatische gebeurtenissen van september 1944.
 Gezicht op Arnhem na de Slag, 1944 Voor bataljonscommandant John Frost was de zondag, 17 september 1944, rustig begonnen. Een stevig ontbijt met ham en eieren, een blik in de ochtendkranten en een laatste controle van zijn uitrusting. Wat hem wel enigszins verontrustte, was dat die avond in totaal slechts zevenhonderd man erin slaagden zich bij hem aan te sluiten. Desalniettemin rekende hij erop dat hij spoedig uit zijn kwetsbare positie zou worden verlost. Hij zou dit kostbare bruggenhoofd over de Neder-Rijn in ieder geval tot het uiterste verdedigen tegen de Duitse tegenaanval die ongetwijfeld zou komen.
Stand houden
Deze intentie hebben Frost en zijn mannen ruimschoots waargemaakt. Zonder dat zij precies wisten waarom, werd hun langzaam duidelijk dat de operatie waarvan zij de speerpunt vormden, niet volgens plan verliep en dat ze op zichzelf waren aangewezen. Op eigen kracht probeerden ze zo lang mogelijk stand te houden en de Duitsers het gebruik van de Rijnbrug te ontzeggen. De vijandelijke overmacht, waaronder elementen van een ss-pantserdivisie, schoot de huizen en gebouwen waarin de Britse para's zich schuilhielden, één voor één met zware wapens in puin. Daardoor én door een gebrek aan water, munitie en medicamenten werd de situatie binnen een paar dagen volstrekt onhoudbaar. Frost, die aan beide benen gewond was geraakt, lag in een van de kelders, de pijn verdoofd door een morfine-injectie, toen zijn eenheid op 21 september de strijd moest staken.
Market garden
De Britse veldmaarschalk B.L. Montgomery had generaal D.W. Eisenhower een gedurfd plan voor een snelle doorstoot naar het Duitse Rijk voorgelegd. Na enige aarzeling hechtte Eisenhower hieraan diezelfde dag nog zijn goedkeuring. Het plan van Montgomery, dat de codenaam Market Garden kreeg, kwam erop neer dat een groot aantal waterhindernissen die Nederland van oost naar west doorsneden in één klap zou worden genomen. Om de bruggen over die kanalen en rivieren in handen te krijgen, zouden, verspreid over drie dagen en te beginnen op zondag 17 september, drie luchtlandingsdivisies – één Britse en twee Amerikaanse – aan de grond worden gezet.
Mislukking
Operatie Market Garden liep op een mislukking uit. De geallieerden hadden de Duitse sterkte en het vijandelijke reactie- en improvisatievermogen danig onderschat. Mede daarom slaagden de luchtlandingstroepen er niet in onmiddellijk al hun doelen te verwezenlijken. Daar kwam bij dat de grondtroepen veel langzamer vooruitkwamen dan verwacht.
Met het verlies van Arnhem werd de hoop op een snelle geallieerde overwinning ruw de bodem ingeslagen. De Rijnbrug werd het symbool van de teleurstelling over dit echec. Het zou nog acht lange maanden duren voordat heel Nederland was bevrijd.
 De gebombardeerde Rijnbrug in Arnhem Bron
Deze informatie is gebaseerd op het boek Plaatsen van herinnering. Nederland in de twintigste eeuw onder redactie van prof. dr. H.W. van den Doel (Amsterdam 2005). In dit boek is meer informatie over deze gebeurtenis te vinden.
Het oorspronkelijke artikel is geschreven door Ben Schoenmaker.
terug naar resultaat opnieuw zoeken
|