Na afloop van de terinzagelegging wordt de selectielijst vastgesteld met een vaststellingsbeschikking. Artikel 5 lid 2 van de Archiefwet 1995 bepaalt wie de selectielijsten vaststelt. Dat dit niet altijd op dezelfde manier is geregeld, heeft te maken met staatsrechtelijke beginselen.
Koninklijk Besluit
Een minister kan geen besluit nemen over iets dat de Staten-Generaal, de Hoge Colleges van Staat en het Kabinet van de Koningin aangaat. Daarom worden de selectielijsten voor deze staatsorganen vastgesteld bij Koninklijk Besluit, op voordracht van de minister van OCW.
Tweezijdig besluit
Ook voor archiefbescheiden van andere ministers kan de minister van OCW niet als enige een besluit nemen. Daarom worden de besluiten over de selectielijsten van een minister altijd genomen door die betrokken minister en de minister van OCW.
Eenzijdig besluit
Voor alle andere overheidsorganen, zoals zelfstandige bestuursorganen, provincies en gemeenten, neemt de minister van OCW eenzijdig het besluit tot vaststelling van een selectielijst.
Tegen een besluit tot vaststelling van een selectielijst kan een belanghebbende beroep instellen bij de bestuursrechter.