Hof van Holland: boedelrekeningen, 1637-1811

Bent u op zoek naar boedelrekeningen die dateren uit de periode van 1637 tot en met 1811 uit het archief van het Hof van Holland.

Alles uitklappen

Met behulp van deze zoekhulp en bijbehorende index vindt u de boedelrekeningen, aanwezig in het archief van het Hof van Holland (3.03.01.01), aan de hand van een beschrijving van de boedelrekening.

U kunt scans bestellen of het gevonden inventarisnummer reserveren om in de studiezaal te bekijken.

Scans bestellen

Wanneer u een scan wilt bestellen, klikt u eerst op het zoekresultaat. Op de volgende pagina vindt u meer informatie over het gevonden stuk. Schrijf de toevoeging (tussen haakjes staande nummer) van het stuk op. Klik vervolgens op de knop 'Bestel scans'. Vul bij het bestellen in het veld 'Opmerkingen' toevoeging (tussen haakjes staande nummer) in.

Reserveren

Noteer eerst de toevoeging (nummer tussen haakjes). Klik dan op de link achter het woord 'Bronverwijzing'. Het inventarisnummer dat u wilt reserveren is geel gemarkeerd. Als u daarop klikt kunt u het stuk reserveren voor inzage in de studiezaal. Wanneer u het stuk voor zich heeft kunt u met behulp van de toevoeging (nummer tussen haakjes) het door u gezochte stuk vinden.

Bij lang niet alle boedelrekeningen is duidelijk om wiens boedel het gaat. Zo zijn er bijvoorbeeld boedelrekeningen van openbare verkopingen waar geen naam van de boedelhouder wordt genoemd. 
Denkt u eraan dat namen niet altijd op dezelfde manier werden gespeld. Wanneer u geen treffers krijgt op de door u gezochte naam, probeer dan nog eens een spellingvariant.

Het Hof van Holland had in de vijftiende eeuw taken op het gebied van het bestuur, de wetgeving en de rechtspraak in Holland, Zeeland en West-Friesland. Eén van die taken was het aanstellen van een curator wanneer bij iemands overlijden bleek dat de nalatenschap niet groot genoeg om de schulden te dekken. Deze curatoren hadden tot taak te bepalen welke schuldeisers er voorrang hadden bij de afrekening van de schuld. De curatoren dienden bij het Hof van Holland rekenschap af te leggen voor de werkzaamheden. Dit gebeurde door middel van de zogenaamde boedelrekeningen.
Dergelijke boedelrekeningen moesten niet alleen overlegd worden door curatoren. Ook door het Hof van Holland aangewezen voogden moesten op deze wijze rekenschap afleggen voor het door hen gevoerde beheer van de fondsen en goederen van de minderjarige over wie zij de voogdij voerden.