Openbaarheidsdag 2023: ambassadeur in Moskou

3 januari 2023

Op dinsdag 3 januari vieren we dit jaar Openbaarheidsdag. Zoals elk jaar vallen er veel documenten vrij die tot nu toe niet, of alleen onder voorwaarden in te zien waren. Vaak gaat de inhoud van die documenten over bijzondere affaires en mensen. Zoals over Casper baron van Breugel Douglas, de eerste Nederlandse ambassadeur in de Sovjet-Unie. Wat gebeurde er op de ambassade in december 1945 en waarom moest Van Breugel vertrekken?

Ambassadeur Van Breugel Douglas

Door de Russische revolutie in 1917 bestonden er geen diplomatieke betrekkingen meer tussen Nederland en de Sovjet-Unie. Maar de Tweede Wereldoorlog en allianties zorgen voor een nieuwe realiteit. In juli 1942 besluit de Nederlandse regering in Londen de Sovjet-Unie te erkennen en diplomatieke betrekkingen te herstellen. Casper baron Van Breugel Douglas krijgt in november van dat jaar de opdracht de ambassadeurspost te vervullen. Vanuit Nederlands-Indië en een gezantschap in het Chinese Chongqing, komt hij pas in september 1943 in Moskou aan. 

Incident

Een reeks van gebeurtenissen leidt tot een onderzoek naar het gedrag van ambassadeur Van Breugel Douglas. Het begint met een gewelddadig incident in de nacht van 2 op 3 december 1945 op de binnenplaats van de ambassade waar de ambassadeur en enkele ambassademedewerkers wonen. In het dossier zitten brieven over het incident van zowel de ambassadeur zelf, als van de medewerkers Bosch van Drakestein, Kruijtbosch en Janzen. 

Zij schrijven op 5 december dat ze nog samen wat gedronken hebben in het appartement van Kruijtbosch. Om 2 uur wordt de auto naar de binnenplaats gehaald om Bosch van Drakestein naar huis te brengen. Het starten van de koude motor gaat met wat lawaai gepaard en per ongeluk gaat de claxon twee keer af.

Daarop verschijnt ambassadeur Van Breugel Douglas in pyjama en kamerjas en loopt over de sneeuw naar de auto. Hij opent de autodeur en beveelt al scheldend zijn personeelslid Kruijtbosch uit te stappen. 

Met geweld probeert de ambassadeur Kruijtbosch uit de auto te sleuren. Als dat niet meteen lukt, slaat hij hem met zijn vuisten in het gezicht. Kruijtbosch stapt uit en zegt dat Van Breugel niet het recht heeft hem te slaan. Het maakt geen indruk. Opnieuw gaat de ambassadeur Kruijtbosch te lijf. Medewerker Janzen komt tussenbeide om erger te voorkomen, maar ook hij krijgt een schop van de ambassadeur. 

Kruijtbosch dringt er bij de ambassadeur op aan om de zaak onmiddellijk te bespreken en volgt hem naar boven. Van Breugel schreeuwt hem toe zijn huis te verlaten. Hij beschuldigt Kruijtbosch van dronkenschap en probeert hem verschillende keren met geweld en al scheldend van de trap naar beneden te gooien wat niet lukt. Van Breugel duwt Bosch van Drakestein opzij om door te kunnen gaan ‘met zijne handtastelijkheden’. Uiteindelijk lukt het Bosch van Drakestein de ambassadeur te kalmeren. 

Twee versies

Kruijtbosch vraagt om overplaatsing. Door de aanval van de ambassadeur weigert hij nog langer onder hem te werken. De ambassadeur biedt uiteindelijk zijn excuses aan, maar geeft in zijn rapportage een heel andere versie van het verhaal. Kruijtbosch was volgens hem dronken en had de ambassadeur beledigd en geslagen. 
Vanwege deze hele andere lezing, ‘wij zijn nu de slechte menschen en hij is de genereuze man die een mooie rol heeft gespeeld’, sturen de ambassademedewerkers hun verslag van het incident naar het ministerie van Buitenlandse Zaken zodat in elk geval de waarheid bekend is. 

Van Breugel Douglas over zijn personeel

De ambassadeur beschuldigt zijn personeel van wangedrag. Hij schrijft in 1946 aan het ministerie dat Kruijtbosch iemand is die de drank niet kan laten staan en zich in beschonken toestand zeer onbeschoft gedraagt. Bosch van Drakestein vindt hij niet geschikt om leiding te geven aan jongere collega’s. Volgens Van Breugel is de staf geen waardige vertegenwoordiging maar ‘we moeten roeien met de riemen die wij hebben’. 
De oordelen en meningen over zijn personeel worden in de loop der tijd steeds heftiger: Van Breugel noemt Bosch van Drakestein onbetrouwbaar, hij brengt de ambassade in opspraak, zijn demoraliserende praktijken hebben een slechte invloed en hij moet zo spoedig mogelijk vervangen worden. 
Janzen is onbekwaam, lijdt aan ‘Moskouslijtage’ door zijn drankgebruik en kan wel door een stenotypiste worden vervangen. Kruijtbosch drinkt nog steeds te veel en kan ook wel worden vervangen door een administratieve hulpkracht. Hij adviseert de regering de medewerkers ‘en bloc terug te roepen’.

Exit ambassadeur Van Breugel

Het departement besluit niet zoals de ambassadeur verwacht had. Want niet zijn personeel maar Van Breugel zelf wordt uiteindelijk de laan uitgestuurd. Het ministerie stelt hem in oktober 1946 op non-actief vanwege ‘vermeende onbehoorlijk financiële transacties met het invoeren van illegaal verkregen roebels en ‘het handel drijven met door hem onder diplomatieke immuniteit ingevoerde goederen’. 
Bosch van Drakestein hoopt dat de ambassadeur niet meer terugkomt, hij wil onder geen voorwaarde meer onder hem werken. Hij schrijft verder dat ‘wij nu jaren lang, behalve bevuild, zoo gepest en getreiterd zijn, dat het bloed je gewoonweg onder de nagels uitkwam. Wij hebben daar thans meer dan genoeg van’. 
Hijzelf, Kruijtbosch en Janzen worden na onderzoek in 1947 van alle beschuldigingen vrijgepleit. In 1948 wordt ambassadeur Van Breugel Douglas eervol, maar niet op eigen verzoek, ontslagen. Van Breugel accepteert het niet en gaat in protest. In 1951 oordeelt een commissie van de Eerste Kamer dat er voor het ontslag onvoldoende grond was geweest. Van Breugel keert echter niet terug naar de diplomatieke dienst en woont de rest van zijn leven hoofdzakelijk aan de Franse zuidkust. 


Nationaal Archief

2.05.117 Code-archief ministerie van Buitenlandse Zaken (1945-1954), inv.nrs. 27325, 27331