Wachten op transport in Utrecht en Amsterdam

02-1945 tot 02-1945, Utrecht en Amsterdam

In februari 1945 verbergt het gezin waar mijn vader Willem Peek (dan 28 jaar oud) toebehoort, een Duitse soldaat op zolder. De reden: de soldaat en zijn zus zijn verliefd op elkaar.

Brief van Willem Peek aan Trees Mangé februari 1945. Collectie: Janine Peek

Het duurt niet lang of de Gestapo stormt het huis binnen, arresteert de Duitser en gaat op zoek naar zijn geweer. De Duitser wordt uiteindelijk gefusilleerd en de Gestapo blijft bij het huis posten omdat ze het geweer niet hebben kunnen vinden.

Willem verschijnt enkele dagen later bij de deur om wat kleding te bemachtigen maar wordt voor zijn huisdeur gearresteerd en meegenomen ter ondervraging. De Duitsers besluiten hem op transport te zetten naar Duitsland (Arbeidseinsatz).

Hij wordt opgesloten in een bijna leeg Tivoli dat in de dagen daarna volstroomt met jongens en mannen. Ze krijgen 1 pond Duits brood en wat waterige soep per dag. Willems verloofde Trees Mangé brengt 'gehaktballen' naar de poort waarin ze liefdesbrieven verstopt. Een week na aankomst in Tivoli vertrekken de mannen naar Amsterdam waar Willem weer op een verzamelplek terechtkomt: de bananenhal.

Daar liggen overal grote bergen stro en hooi waarin honderden mannen de kou trotseren en wachten op verder transport. De stank van pis en poep beneemt hem de adem (er blijken maar twee toiletten te zijn) en de aanblik van al die hooibergen waar honderden hoofden uitsteken neemt hij in gedachten mee als hij uiteindelijk op de trein wordt gezet naar Duitsland.