Zo gaat de molen: innoveren in de polder

Spengense molen, foto: Jan Dijkstra
8 mei 2025

De molen: geliefd bij toeristen, een symbool voor Nederlandse maakbaarheid en wie kent het speculaasje niet? Sinds de 15e eeuw zorgen poldermolens in Nederland voor droge grond. Op 10 en 11 mei openen veel molens hun deuren tijdens de Nationale Molendagen.

Droge voeten

Waar industriemolens graan of andere grondstoffen vermalen, zorgen poldermolens voor droge voeten door een te veel aan water af te voeren. De kracht van de wind zorgt ervoor dat het scheprad of de vijzel van de molen het overtollige water omhoog afvoert, de polder uit, naar een rivier of kanaal. De molen heeft door de eeuwen heen verschillende vormen gekend. Een deel van de geschiedenis van de molen is terug te vinden in de collectie van het Nationaal Archief.

Hoe kan het beter?

Hoe kan je de ‘voornaamste gebreken in ordinaire (gewone) schep-rad-molens’ verbeteren? Over die vraag buigt waterbouwkundig ingenieur Jan Blanken (1755-1838) zich in de jaren negentig van de 18e eeuw. Als reactie op een prijsvraag van de Hollandsche Maatschappye der Weetenschappen beschrijft hij hoe verspilling van ‘kragt en tyd’ voorkomen kan worden. Hij krijgt een gouden medaille voor zijn oplossing.

In de familie

Waterbouwkunde zit de familie Blanken in de genen. Jan Blanken is de zoon van een timmerman en waterbouwkundige die ook Jan Blanken heet. Vader Jan ontwerpt en bouwt molens, sluizen en dijken in de Krimpenerwaard. Zoon Jan leert het vak van hem. Ook broer Arie wordt ingenieur. Een neef en een oom maken de waterbouwfamilie compleet. Jan junior schopt het uiteindelijk in 1808 tot Inspecteur-Generaal van de Waterstaat.

Bouwtekeningen 

Het Nationaal Archief bewaart het archief van de waterbouwkundig ingenieurs Blanken (archiefnummer 4.BLF). Dit archief bevat kaarten, plattegronden en technische tekeningen uit de periode 1784-1838. Andere stukken van de hand van Blanken zijn terug te vinden in het archief van de (voorlopers) van Waterstaat (archiefnummer 4.WCA). Bijvoorbeeld de bouwtekeningen van het ontwerp van een ‘agtkante wind- en watermolen met twee vijzels’.

Terugdraaien

Tegenwoordig hebben moderne gemalen het grootste deel van het werk van de poldermolens overgenomen. Maar soms wordt de beslissing om een poldermolen niet meer te gebruiken teruggedraaid. Op een archieffoto uit 1965 staat de molenaarster van de Veenhuizer poldermolen, mevrouw Kleimeer, bij het elektrische gemaal. Dit gemaal, dat in 1934 werd gebouwd, verving de naastgelegen Veenhuizer poldermolen. Maar na restauratie van de molen in de jaren zeventig, komt hij opnieuw in gebruik.  

Molendagen

De Veenhuizer poldermolen in Heerhugowaard is zaterdag 10 mei te bezoeken tijdens de Nationale Molendagen. U kunt ook een kijkje nemen bij de Spengense Molen in Kockengen. Deze watermolen uit 1841 kreeg een scheprad volgens de ideeën van Jan Blanken. Heel succesvol was die aanpassing in dit geval trouwens niet. Al na tien jaar werd de molen weer omgebouwd naar een ‘normale’ schepradmolen. Terug naar ‘ordinair’, dus. Er zijn natuurlijk nog veel meer molens open tijdens de Molendagen. Kijk op www.molendagen.nl voor meer informatie.