In de maanden voor de bevrijding deden de geruchten al de ronde. Op 15 augustus 1945 werd de bevrijding door het vrouwelijke kamphoofd afgekondigd. De Japanners hadden gecapituleerd. De poorten van het kamp werden geopend.
Er ontstond een levendige handel tussen de Javanen die textiel wilden hebben en de kampbewoners, die jaren honger hadden geleden en behoefte hadden aan voedsel.
Plots ziet de kleine G. Bohlken zijn vader aanlopen. Hij waarschuwt meteen zijn moeder. Alle vrouwen uit kamp 11 gaan naar zijn vader toe; zij willen weten hoe het met hun mannen gaat, die mogelijk bij vader in het kamp zitten. Vader heeft lijsten met daarop namen. Niet iedereen heeft het overleefd.
In het begin van de bevrijding leek het allemaal heel gemakkelijk te verlopen voor de familie Bohlken: er was vrij snel sprake van familiehereniging en er was geen gevaar. Al snel slaat dit om. Dhr. Bohlken vertelt erover in dit filmpje.