1.02.19 Inventaris van de archieven van het Nederlandse Consulaat-Generaal en Vice-Consulaten in Marokko, (1658) 1753-1810

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Inhoud en structuur van het archief

Verantwoording van de bewerking

Besloten is het archief af te sluiten met de inlijving van het koninkrijk Holland bij het Franse rijk. De archieven van de consuls-generaal Ch. Nijssen en J.F. Fraissinet die lopen over de periode 1815-1830 zullen worden overgedragen aan de tweede afdeling. Bij de huidige inventarisatie werd, mede door de voorlopige inventarisatie, van een oude orde weinig aangetroffen.
Het kanselarij-archief dat de stukken bevatte opgemaakt door de consul-generaal als hoofd van de Nederlandse natie in Marokko is zo fragmentarisch overgeleverd dat geen onderscheid was vast te stellen tussen secretarie- en kanselarijarchief, zo er al sprake was van een dergelijk onderscheid. De kanselarijstukken zijn daarom ondergebracht onder het hoofd 'Bijzondere onderwerpen'.
Bij de opzet van de inventaris is aangesloten bij de indeling die gebruikelijk is voor legatiearchieven. Dit houdt in dat de personen centraal zijn gesteld en niet het kantoor als zodanig. De archieven dragen doorgaans een persoonlijk karakter en bleven, na beeindiging van de ambtstermijn niet ter plekke maar dienden overgebracht te worden naar het vaderland. Wat dit laatste betreft, bleef men meestal nalatig en in de praktijk was van overbrenging geen sprake.
In 'n.b.'s is aangegeven in welke taal de betreffende stukken zijn gesteld. Ontbreekt een dergelijke aanduiding dan is het stuk in de nederlandse, franse of engelse taal gesteld. Belangrijk is nog te vermelden dat daar waar het stukken betreft gesteld in het arabisch, in veel gevallen door de eigentijdse registrator een korte inhoud is toegevoegd in één van de hierbovengenoemde talen.

Ordening van het archief

De volgorde van de archieven in de inventaris is chronologisch per persoon, ongeacht de positie die de betrokkene op dat moment bekleedde. Daardoor treft men het archief van de vice-consul Blount aan na dat van consul-generaal Counclair en voorafgaande aan zijn eigen consul-generaalschap. Op die manier vormt het toch een chronologisch ononderbroken eenheid van 1753 tot 1810, ondanks het verlies van het archief van consul-generaal Rossignol.