2.09.47 Inventaris van het archief van het Ministerie van Justitie: Wettendossiers, (1831) 1850-2005 (2013)

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Inhoud en structuur van het archief

Inhoud

Het archief bevat enkele grote bestanddelen inzake herzieningen van het Burgerlijk Wetboek, Wetboek van Strafrecht, Burgerlijke Rechtsvordering en verder ook m.b.t. de (re)organisatie van de rechterlijke macht. Tevens zijn er stukken inzake de internationale rechtsorde (verdragen), verandering van de grondwet, zetelverplaatsing van het rijk, overzeese gebiedsdelen (verhouding tot het Koninkrijk), schadevergoeding voor Indonesië bij de onafhankelijkheid, Nederlanderschap, vreemdelingenwet en vluchtelingen.
Verder zijn er dossiers over de omgang met het koningshuis, staatsgeheimen, grenscorrecties, de comptabiliteitswet (Rijksbegroting), provinciewet; gemeentelijke herindeling, creatie van openbare lichamen (bv. Rijnmond); ruilverkaveling en ruimtelijke ordening, de politiewet, de opiumwet, het Continentaal Plat en de Noordzee.
Op economisch gebied zijn er onder meer stukken over het kredietwezen, banken, pensioenen, koophandel; handelsregister, onteigeningswet; pachtwet, vermogenssancties, octrooiwet; industriële eigendom, prijsontwikkeling; prijsafspraken, horeca, waren, telegraaf-en telefoon en omroep. Ook over de aansturing van beroepsgroepen als advocaten; notarissen; praktizijns; registeraccountants en architecten zijn er aparte dossiers. Een aantal dossiers behandelen maritieme zaken: zeerecht, schepelingen, strandvonderij, aanvaringen; zeeongevallen; binnenvaart; vaarplicht; cognossement. Er zijn ook dossiers over de wegenverkeerswet; aansprakelijkheid motorrijtuigen, luchtvaart en luchtvaartuigen. Op het gebied van natuurbescherming en milieu zijn er onder meer dossiers over (zee)visserij; dierenbescherming; landbouw; dierproeven, grondwater; oppervlaktewater en bestrijdingsmiddelen.
Een aantal dossiers hebben betrekking op de Tweede Wereldoorlog en of de gevolgen van de bezetting: oorlogspleegkinderen, herstel rechtsverkeer, internering, huwelijk met vijandelijke onderdanen, politieke delinquenten, buitengewone rechtspleging en bijzondere rechtspleging, materiële oorlogsschade. Ook zijn er stukken over het militaire recht meer in het algemeen, specifiek over gewetensbezwaren inzake de militaire dienst.
Grote sociale thema's die aan de orde komen voor de 20e eeuw zijn onder meer rechstgelijkheid van de vrouw, echtscheiding, ontslagrecht, huurrecht, rechtsbijstand, minimumloon, stakingsrecht, ondernemingsraad en woningwet. Tevens zijn er dossiers over de kinderbescherming; voogdijraden; pleegkinderen en adoptie. Er zijn verder een aantal stukken over de inrichting van de geestelijke gezondheidszorg (opvang krankzinnigen etc.). Ook over andere medische zaken als geneeskunde; tandheelkunde; dierengeneeskunde; paramedische beroepen; medische hulpmiddelen; ziekenfonds en algemene wet bijzondere ziektekosten zijn er dossiers.
Ook meer eenmalige onderwerpen als bijvoorbeeld de watersnood (1953) of de Deltawet komen aan de orde.

Selectie en vernietiging

Oorspronkelijk blok

Dit archiefonderdeel is geselecteerd op basis van het BSD Kwaliteit van Wetgeving, 1945-1998, RIO 12, (Stcr. 2002, 8 en vastgestelde actualisatie in Stcrt. 2007, 32), Handeling 17.
De selectie heeft plaatsgevonden op zo hoog mogelijk niveau per dossier. Dit archief is bewaard op basis van de waardering van de handelingen die betrekking hebben op voorbereiding en bepaling van beleid op hoofdlijnen. Het betreft vooral het formuleren van adviezen met het oog op toekomstig internationaal beleid, het ontwerpen van beleid of het plannen van dat beleid, alsmede het nemen van beslissingen over de inhoud van beleid en terugkoppeling van beleid. De wet- en regelgeving wordt getoetst aan terughoudendheid met regelgeveling; op hun consequenties voor de onder rechtspleging en rechtshulp ressortenerende diensten; op handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid; op constitutionele, Europees-rechtelijke en internationaal-rechtelijke aspecten en naar aanleiding van kritiek van de Raad van State op diverse kwaliteitseisen.
Bij de bewerking zijn die dossiers retour gegaan naar het ministerie van Justitie die geen betrekking hadden op het totstandkomen van wet- en regelgeving.
Alleen de dubbele stukken zijn vernietigd. Het aangetroffen kaartsysteem is gebruikt bij de selectie, maar omdat het systeem een toegang betreft op het gehele archief van de Directie Wetgeving, dat nog steeds gebruikt wordt door Justitie, en niet alleen is toegespitst op het deel dat ter bewerking is aangeboden is besloten om deze toegang bij het ministerie van Justitie te laten.
PWAA heeft in overleg met de zorgdrager een cesuur aangebracht in 1976. Alle wetgevingsdossiers beginnend na 1975 zijn nog bij de zorgdrager in Rijswijk.
Na de bewerking is 91 meter overgebleven voor blijvende bewaring die zijn overgebracht naar het Nationaal Archief.
Bij de overbrenging zijn veel van de originele stoffen mappen, met het betreffende wetsnummer erop, verwijderd.

Aanvulling 2024

De archiefbescheiden, bestaande uit wettendossiers, worden integraal bewaard.

Aanvullingen

Het oorspronkelijke blok betreft de inv.nrs. 1-583, betreft de periode 1831-1954 en werd overgebracht in 1989. Nadien zijn twee aanvullingen overgebracht. De eerste grote aanvulling betreft de inv.nrs. 584-3023, betreft de periode 1930-1995 en werd overgebracht rond 2009. De tweede grote aanvulling betreft de inv.nrs. 3094-6517, betreft de periode 1961-2005 en werd overgebracht in 2024. Nieuwe aanvullingen worden periodiek verwacht.

Ordening van het archief

Nog steeds wordt de serie Wettendossiers voortgezet bij het ministerie. In de oorspronkelijke ordening van het overgedragen bestand is, toen de dossiers eenmaal aanwezig waren in de semi-statische archiefbewaarplaats van het ministerie, enige verandering gebracht. Wettendossiers, die eenzelfde hoofdwet of eenzelfde wetboek betroffen, worden in chronologische volgorde toegevoegd aan het eerste wettendossier van die groep, waardoor de omvang van een wettendossier tot meer dan een meter stukken kon toenemen. Gevolg hiervan is geweest dat in de plaatsingslijst, die geordend is op dossiernummers, gaten zijn gevallen en dat eventuele oude verwijzingen naar de oorspronkelijke wettendossiernummers niet altijd geldig zijn. Het overzicht van de oorspronkelijke dossierlijst, waarop de veranderingen zijn aangebracht die tot de nieuwe plaatsingslijst geleid hebben, bevindt zich achter deze inleiding evenals een concordans tussen oud en nieuw wettendossiernummer (concordans II) en een concordans tussen nieuw wettendossiernummer en het inventarisnummer uit de plaatsingslijst (concordans I).
Bij een bepaald wettendossier in de nieuwe plaatsingslijst zijn beschrijvingen van wetten e.d. opgevoerd:
  1. met vermelding van periode en inventarisnummer: de map over deze wet is in het Nationaal Archief aanwezig,
  2. met vermelding van periode, doch zonder inventarisnummers en verwijzing: van deze map was op het moment van samenstellen van de plaatsingslijst niet bekend waar hij zich bevond,
  3. zonder vermelding van periode en inventarisnummer: van deze wet is nooit een dossier aangelegd (slechts opgevoerd door Justitie ter meerdere informatie voor de onderzoeker)
  4. met vermelding van periode en verwijzing naar een ander wettendossier, waarin al (met vermelding van inventarisnummer) of niet (zonder inventarisnummer) in het Nationaal Archief aanwezig,
[Deze verwijzing is door Justitie als een soort service opgenomen: het onderwerp van de wet heeft verband met het Wettendossier waar de verwijzing opgenomen is, maar heeft een zwaarder wegend verband met het wettendossier waar het materieel geborgen is. De term "opgenomen in" is overigens niet altijd toepasselijk; soms is nl. het dossier waarnaar verwezen wordt het verwezen dossier. In nummers uitgedrukt als voorbeeld: In Wettendossier 15 wordt verwezen naar Wettendossier 61. De betreffende wet blijkt het oude wettendossiernummer 106 te hebben, dat geïncoroporeerd is in Wettendossier 61. De term "opgenomen" is hier juist. In Wettendossier 15 wordt ook verwezen naar Wettendossier 90. De betreffende wet blijkt oud Wettendossiernr. 80 te hebben en het gehele Wettendossier 80 te beslaan. De term "opgenomen in" is hier dus onjuist.
Op de wettendossiers is in juli 1989 een trefwoordenindex samengesteld door het ministerie van Justitie die verwijst naar de nog zelfstandige wettendossiernummers en niet naar de geïncorporeerde Wettendossiers. De nummers voorafgegaan door A bevinden zich nog bij Justitie.
Bepaalde dossiers uit de reeks 1-449 bevonden zich oorspronkelijk nog (gedeeltelijk) bij het ministerie van Justitie, omdat zich daar adviezen van de Raad van State in bevinden die nog niet openbaar waren. Met een asterisk was in de inventaris op het eerste blok aangetekend welke mappen dat betrof (meest mappen gevormd vanaf de jaren dertig van de 20e eeuw). Bij overbrenging van het tweede blok in 2008, is veel materiaal hiervan alsnog overgebracht. Desondanks bestaat de kans dat sommige wetten of onderdelen daarvan in tijdelijk beheer zijn van Justitie vanwege raadpleging i.v.m. herziening van de wetgeving. Vraag dus niet meteen via concordans I het inventarisnummer aan, maar kijk eerst in de plaatsingslijst of het wel in het Nationaal Archief aanwezig is.
Romeinse cijfers stellen onderverdelingen van de wettendossiers voor. Wanneer verwezen wordt naar tractatennummers, lager dan 121, zijn die tractaten op te vragen bij het Nationaal Archief, voorzover het niet net een ontbrekend nummer betreft: zie de inventarissen 2.09.35.04 en 2.09.50.
Gedurende 2008-2009 heeft drs. C.O. van der Meij in het kader van het project DTNA van de twee separate, overgebrachte archiefblokken 1 nieuwe inventaris gemaakt. De inleidingen zijn samengevoegd en opnieuw geordend volgens de geldende ISAD-richtlijnen; alle overlap in tekst tussen de twee toegangen (dubbele vermeldingen van wetten, verwijzingen naar staatsbladen) is verwijderd. Wetten (en hun aanvullingen) zijn bij elkaar gegroepeerd in numeriek oplopende en daarbinnen in chronologische volgorde. Verder is nagekeken wat wel en wat niet meer aanwezig is als gevolg van tussentijdse wijzigingen i.v.m. de geldende openbaarheidsbeperkingen. Binnen de inventaris is zoveel mogelijk doorverwezen naar andere inventarisnummers in het geval van wetten die later alsnog in andere wetsregelingen zijn ondergebracht.
De aanvulling van 2024 is deels verwerkt in de bestaande subrubrieken en deels in nieuwe subrubrieken.

Verantwoording van de bewerking

Als basis voor de bewerking van de uiteindelijke aanvulling van 2024 werd een beslisdocument archiefbewerking opgesteld, dat in 2019 werd ondertekend door Doc-Direkt, de directeur Dienstencentrum van het Ministerie van Justitie en Veiligheid en het Nationaal Archief. Hierin zijn de afspraken met betrekking tot de selectie, ontsluiting, materiële verzorging en overbrenging geregeld.
De omvang van de aanvulling vóór aanvang van de bewerking was 147,25 meter. Na bewerking van het archief is in totaal 105,25 meter archief voor bewaring overgebleven. De archiefdozen waar de dossiers in verpakt waren, waren meestal niet 100% gevuld, vandaar dat de omvang van het archief met 42 meter is afgenomen. Alle archiefstukken kwamen voor bewaring in aanmerking en zijn overgebracht naar het Nationaal Archief.
Alle stukken zijn van nietjes, plakband en overige hechtmiddelen ontdaan en verpakt in zuurvrije omslagen en zuurvrije archiefdozen. Ze zijn daarna genummerd volgens de inventaris. De omslagen en dozen zijn voorzien van etiketten.