Inhoud
In het geïnventariseerde materiaal bestaan lacunes.
Deze betreffen:
- de Wet op de Kamers van Arbeid van 2 mei 1897, S.141 alsmede de Wet van 7 december 1918, S.788, houdende nadere bijzondere maatregelen ten opzichte van de Kamers van Arbeid met het oog op de tegenwoordige buitengewone omstandigheden;
- stukken betreffende de totstandkoming van de Arbeidsgeschillenwet 1923;
- de Wet op de Hoge Raad van Arbeid van 24 december 1927, S.407; Met betrekking tot de van de Hoge Raad van Arbeid ingekomen stukken wordt verwezen naar de inv. nrs. 62-139;
- stukken betreffende de statistiek van spaar- en leenbanken 1893-1899 zijn naar het Centraal Bureau voor de Statistiek overgegaan;
- voor stukken met betrekking tot de Ongevallenwet 1901 en de maatregelen in het belang van arbeiders (verplichte verzekering tegen de gevolgen van ziekte, invaliditeit en ouderdom) kan de inventaris van het archief van de Afdeling Arbeidsverzekering (Sociale verzekering) 1901-1949
Zie Bosters e.a. Inventaris Afdeling Arbeidersverzekering.
geraadpleegd worden;
- met betrekking tot de Commissie van Advies voor de arbeidsvoorwaarden van Rijkswerklieden, ingesteld bij Koninklijk besluit van 14 februari 1920, S.76, waar evenmin stukken van aanwezig bleken, moge verwezen worden naar de inventaris van het archief van de Commissie van Advies voor de arbeidsvoorwaarden van Rijkswerklieden 1920-1931
Schie, H.A.J. van Inventaris van het archief van de Commissie van Advies voor de arbeidsvoorwaarden van Rijkswerklieden 1920-1931, Algemeen Rijksarchief, Tweede Afdeling. s'-Gravenhage, 1982.
.
Selectie en vernietiging
Op grond van de lijst van voor vernietiging in aanmerking komende stukken, vastgesteld bij beschikking van de Ministers van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk en van Sociale Zaken en Volksgezondheid de dato 16 januari 1967, kenmerk AON nr. 134762 respectievelijk K.A.Z. nr. 185111, werden - bij 'Verklaring van vernietiging' van 26 augustus 1987- circa 0,5 strekkende meter archiefbescheiden overgedragen aan het Bureau Vernietiging Overheidsarchieven te Apeldoorn (zie onderstaande lijst).
Bijlage bij de Verklaring van vernietiging van 26 augustus 1987
| Omschrijving |
Periode |
| 1. Geleidebrieven waarop geen bijzondere opmerkingen zijn geplaatst. |
1920-1941 |
| 2. Stukken betreffende aanvrage van audiënties bij de minister. |
1935 |
| 3. Correspondentie betreffende mededeling aan derden inzake taak en activiteiten van het ministerie, c.q. de afdeling Arbeid. |
1911-1913 |
| 4. Stukken betreffende het bijwonen van congressen m.u.v. de verslagen. |
1912-1940 |
| 5. Stukken betreffende het financieel beheer van diensten en instellingen welke onder het ministerie c.q. de afdeling Arbeid ressorteren. |
1893-1941 |
| 6. Stukken van de afdeling Comptabiliteit en het Ministerie van Financiën inzake de inrichting van de begroting. |
1921, 1928 |
|
1934-1935 |
| 7. Stukken betreffende de aanschaffing van benodigdheden en hulpmiddelen ten behoeve van de onder de afdeling Arbeid ressorterende diensten en instellingen. |
1907-1913, 1922 |
|
1934-1937 |
| 8. Voorschriften van administratief-technische aard. |
1915-1917 |
|
1921-1933 |
| 9. Adviezen aan de Minister van Justitie inzake de goedkeuring van statuten. |
1919-1941 |
| 10. Algemene correspondentie betreffende commissies welke niet zijn ingesteld door of namens de minister. |
1910-1940 |
| 11. Stukken betreffende het Mijnreglement van het Ministerie van Waterstaat. |
1910-1940 |
| 12. Stukken betreffende het in vaste dienst nemen van bij de Arbeidsinspectie in tijdelijke dienst werkzaam personeel. |
1922-1935 |
| 13. Stukken betreffende ontslag van personeelsleden van de Arbeidsinspectie en de Inspectie van de Havenarbeid i.v.m. bezuinigingen in de rijksdienst. |
1923-1924 |
| 14. Stukken betreffende keuringen door geneeskundigen van de Arbeidsinspectie. |
1921-1941 |
| 15. Stukken van algemene aard betreffende vrije dagen en verloven. |
1922-1940 |
| 16. Overzichten en correspondentie betreffende de salariëring van het personeel. |
1918-1941 |
| 17. Correspondentie van algemene aard betreffende vergoedingen van reiskosten en eigen bureauruimte. |
1897-1941 |
| 18. Stukken betreffende binnen- en buitenlandse dienstreizen (vergoedingen e.d.). |
1928-1940 |
De archiefbescheiden die niet onder bovenvermelde lijst vielen (omvang circa 2 strekkende meter) konden alsnog na verkregen éénmalige machtiging van de Algemeen Rijksarchivaris, nr. CD/RAI/87/23/WK d.d. 9 februari 1987, op grond van artikel 3, 4e lid, onder b van het Archiefbesluit worden vernietigd (zie onderstaand overzicht).
Bijlage bij brief Ministerie SZW kenmerk CAKAZ 86/232: omschrijving van de te vernietigen archiefbescheiden
| Omschrijving |
Termijn |
Toelichting |
| 1. Correspondentie over verleende en/of afgewezen vergunningen alsmede door aanvragers zelf gestaakte beroepsprocedures. |
1893-1940 |
Deze stukken betreffen allen de Hinderwet 1875 en dragen verder niet bij tot een duidelijker beeld van de taak van de afdeling. Hiertoe zijn de bij K.B. verleende vergunningen en de behandelde beroepsprocedures in de inventaris ogenomen. |
| 2. Correspondentie betreffende de toepassing in incidentele gevallen van wettelijke maatregelen tot het tegengaan van overmatige en gevaarlijke arbeid, bemiddeling inzake arbeidsverhoudingen en voorkoming van gevaar, schade of hinder door fabrieken of werkplaatsen. |
1895-1941 |
De hier bedoelde wettelijke maatregelen betreffen de Arbeidswet 1919, de Arbeidsgeschillenwet 1923, de Bedrijfsradenwet 1933, de Wet op het algemeen verbindend en onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten 1937, de Caissonwet 1905, de Hinderwet 1875, de Kinderbijslagwet 1939, de Phosphorluciferswet 1901, de Steenhouwerswet 1911 en de Stuwadoorswet 1914. De toepassing houdt in onbelangrijke correspondentie van bedrijven e.d. met de afdeling ten einde verduidelijking te krijgen in bepaalde met name genoemde artikelen van de hierboven genoemde wetten; het gaat niet om jurisprudentie. Stukken betreffende de toepassing in algemene zin zijn in de inventaris opgenomen. |
Verantwoording van de bewerking
Het definitieve archiefschema is met advies van de heer H.A.J. van Schie van de Tweede Afdeling van het Algemeen Rijksarchief tot stand gekomen. De verloren gegane oorspronkelijke structuur van het archief heeft in dit schema geen rol gespeeld.
De stukken betreffende de Hinderwet 1875 en de Stoomwet 1896 welke door de organisatiebreuk gedurende de periode 1901-1906 niet tot de afdeling Arbeid behoorden, zijn in het bestand gehandhaafd. Voor het ordenen van het grote aantal beroepszaken ingevolge de Hinderwet 1875 heeft de lijst van Koninklijke beslissingen in hoger beroep, zoals opgenomen in de uitgave van de Hinderwet 1875, editie Schuurman en Jordens
Bolhuis, Mr. Dr. E. van Hinderwet 1875, Serie Nederlandse Staatswetten, editie Schuurman en Jordens nr. 30, N.V. Uitgeversmaatschappij W.E.J. Tjeenk Willink, 16e druk, Zwolle, 1937.
tot voorbeeld gediend. Stukken met betrekking tot de Mijnwet 1903 van 27 april 1904, S.73 (een onder het Ministerie van Waterstaat ressorterende wet) zijn opgenomen omdat de arbeids- en rusttijden problematiek erin de afdeling Arbeid raakte.
Van de stukken betreffende het Koninklijk besluit van 31 maart 1908, S.94, (gecontrasigneerd door de Minister van Justitie), zijn de aangetroffen stukken aangaande het verlenen van dispensatie met betrekking tot de (gewijzigde) statuten van pensioenfondsen opgenomen. Van de stukken betreffende advisering aan de Minister van Justitie inzake goedkeuring van de statuten, zijn een 2-tal zaken als voorbeeld opgenomen. Stukken betreffende de Electriciteitswet van 22 october 1938, S.523, gecontrasigneerd door de Minister van Waterstaat, zijn opgenomen omdat aangaande de beveiliging van personen de afdeling Arbeid bemoeienis met de totstandkoming van deze wet heeft gehad.