2.19.163 Inventaris van het archief van de Federatie van Bedrijfsverenigingen (1915-) 1929-1995

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Met de invoering van de Ongevallenwet in 1901 kwam een verplichte verzekering tegen bedrijfsongevallen voor industriële arbeiders tot stand. De uitvoering van deze wet werd overgedragen aan de in 1902 opgerichte Centrale Werkgevers Risico-Bank. De werkgevers in de land- en tuinbouwsector richtten voor ongevallenverzekering in 1909 de Centrale Landbouw-Onderlinge en de Tuinbouw-Onderlinge op. De administratie en belangenbehartiging van deze organisaties werd overgedragen aan de coöperatieve vereniging Centraal Beheer, het centrale administratie-orgaan, dat in 1909 opgericht werd, ook met het oog op toekomstige wetten en organisaties voor risico's. Zo werd onder andere de vereniging Zee-Risico opgericht voor de uitvoering van de Oorlogszeeongevallenwet van 1915. Voor de uitvoering van de Ziektewet van 1930 werden vanaf 1929 bedrijfsverenigingen opgericht.
Als centraal overlegorgaan werd tegelijkertijd op 13 september 1929 de 'Federatie van Bedrijfsverenigingen voor Ziekengeldverzekering' opgericht. Dit was een vrijwillig samenwerkingsverband van de aangesloten bedrijfsverenigingen, en was als zodanig geen uitvloeisel van enige wet- of regelgeving. Een uitbreiding, alsmede een vereenvoudiging en uniformering van het sociale verzekeringsstelsel kwam tot stand door de Organisatiewet Sociale Verzekering van 1952. Deze wet droeg met ingang van 1953 de uitvoering van de wettelijke sociale verzekeringen tegen ongevallen, ziekte, invaliditeit en werkloosheid, alsook de uitvoering van de Kinderbijslagwet op aan 26 bedrijfsverenigingen, ingedeeld naar sectoren van het bedrijfs- en beroepsleven. Als opvolger van Centraal Beheer werd het Gemeenschappelijk Administratiekantoor (Gak) opgericht, dat de administratie verzorgde voor een aantal bedrijfsverenigingen en bedrijfspensioenfondsen. De federatie bleef bestaan als overkoepelende beleidsvormende organisatie, de naam werd gewijzigd in Federatie van Bedrijfsverenigingen (FBV). Bij de oprichting in 1995 van het Tica (Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming), in vervolg op de uitkomst van de Parlementaire Enquête door de commissie Buurmeijer in 1992-1993 naar de misstanden in de sv-wereld, werd de FBV opgeheven; haar taak werd overgenomen door het Tica. Bij de herziening vervolgens van de Organisatiewet Sociale Verzekering in 1997 werden ook de bedrijfsverenigingen opgeheven; hun taken werden overgenomen door de opvolger van het Tica: het Landelijk instituut voor sociale verzekeringen (Lisv). Dat heeft bestaan tot eind 2001, waarna het opging in het UWV, samen met het Gak en de overige uitvoeringsinstellingen sv.
Als samenwerkingsverband richtte de FBV zich vooral op bevordering van samenwerking tussen de aangesloten bedrijfsverenigingen en van uniformiteit in uitvoering en organisatie. Daartoe werden voornamelijk beleidsbepalende instrumenten ontwikkeld (bijvoorbeeld modelstatuten en -reglementen). Men speelde daarnaast ook een adviserende rol bij uitvoeringsperikelen en bemiddelde richting overheid. In het FBV-bestuur waren de werkgevers en werknemers vanuit diverse belangenverenigingen paritair vertegenwoordigd. Naast het FBV-bestuur (algemeen en dagelijks) en de Algemene Ledenvergadering, bestonden in de vorm van commissies overlegstructuren. De belangrijkste daarvan was de Contact Commissie (met ingang van 1952 de Commissie van Voorbereiding (CVV)), die zich bezighield met het voorbereiden van de besluiten die ter vergadering van het bestuur vastgesteld dienden te worden, en de voorbereiding van de inbreng van de FBV in vergaderingen met de SVR en de GMD. Daarnaast was er de Gemengde Commissie waarin de FBV contacten onderhield met de Gemeenschappelijke Medische Dienst (GMD). Men communiceerde richting het veld middels circulaires (beleidsadviezen), mededelingen (informatie over technische zaken op beleidsniveau) en adviseursbrieven (uitvoeringstechnische zaken op ambtelijk niveau). Ook publiceerde men rapporten en brochures over meer algemene sv-aangelegenheden. Eventuele gegevens ten bate van onderzoek naar sv-relevante zaken werden middels 'enquêtes' bij de bedrijfsverenigingen opgevraagd; daarnaast gebruikte men dit communicatiemiddel ook voor opiniepeiling omtrent nieuwe of lopende ontwikkelingen.
Belangrijkste gesprekspartners van de FBV waren de Vereniging van Raden van Arbeid, de SVR, de GMD en de administrateurs (Centraal Beheer, later het Gak).

Geschiedenis van het archiefbeheer

In 1997 bestond als gevolg van bovenbeschreven ontwikkelingen een onacceptabel gedistribueerde situatie met betrekking tot de door de organisaties gevormde archieven. Het Lisv heeft het IISG toen opdracht gegeven één en ander in kaart te brengen, ten-einde een overdrachtsproces op gang te kunnen brengen. Dit leidde ertoe dat in 1999 grote delen van de BV/FBV-archieven werden overgebracht naar het Internationale Instituut voor Geschiedenis (IISG), dat daarna ook de taak van bewerking op zich nam. De rest van de BV/FBV-archieven kwam terecht in de kelders van het Lisv te Amsterdam-Buitenveldert.
Toen in het jaar 2000 vervolgens bleek dat de archieven van de bedrijfsverenigingen onder de Archiefwet 1995 vallen, was dat voor het IISG aanleiding de bewerking ervan te staken. Het gedeelte van het archief van de federatie dat door het IISG werd bewerkt, werd nog wel overgedragen (in 2001) aan het Nationaal Archief; het betreft de nummers 1-75 van in deze inventaris. De omvang van dat archiefdeel bedraagt 1.36m. Het andere gedeelte (inventarisnummers 76-364) is in 1995 overgegaan van de federatie naar het toenmalige Tica. Vanaf 2002 is Uitvoeringsinstituut Werknemers-verzekeringen (UWV) als rechtsopvolger van het Lisv zorgdrager voor dit deel van het federatie-archief.
Dit laatste deel is verder gecompleteerd met behulp van het FBV-deel uit het voor-malige Gak-archief, waarvan met ingang van 2002 UWV ook zorgdrager werd; het betreft hier een schaduwarchief opgebouwd uit kopieën van vergadersets.
Delen van het archief zijn onvolledig. Met name de oudere delen hebben te lijden gehad van de toenmalige minder optimale archiveringsmethodieken.
Een gedeelte van het archief van de federatie (dat door het IISG werd bewerkt), werd in 2001 overgedragen aan het Nationaal Archief.
Het archief is krachtens bepalingen van de Archiefwet overgebracht.
In 2023 is een kleine aanvulling op dit archief overgebracht (inv.nrs. 365-377).