2.21.098 Inventaris van de archieven van jhr. mr. Joan Melchior Kemper en mr. Hendrik Constantijn Cras, 1743-1847

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Inhoud en structuur van het archief

Inhoud

Van de omvangrijke verzameling van Joan Melchior Kemper was het te verwachten, dat zij merkwaardig zou zijn
Ontleend aan: VROA 1892 p.9.
, als afkomstig van iemand, die eene zoo eervolle plaats onder onze rechtsgeleerden en staatslieden heeft ingenomen. Dit bleek dan ook bij onderzoek het geval te zijn.
Onder de bescheiden van politieken aard is zeer zeker het belangrijkst de briefwisseling van commissarissen-generaal van het Algemeen bestuur te Amsterdam gedurende de Staatsomwenteling van 1813. Wel loopen die brieven slechts over enkele dagen, niettemin zijn zij merkwaardig en leeren zij ons, hoe Kemper als lid van dat voorloopig bewind krachtig tot de bevrijding van het Fransche juk heeft medegewerkt.
Een ander gedeelte, het grootste der verzameling, herinnert aan hetgeen hij voor onze wetgeving heeft gedaan. Het bestaat uit de bescheiden der verschillende commissies, aan wie het ontwerpen van wetboeken van burgerlijk en strafrecht en rechtsvordering werd opgedragen. De concepten en memoriën van de commissie, welke zich tijdens de Bataafsche Republiek daarmede heeft bezig gehouden, zijn oorspronkelijk van den hoogleeraar Cras afkomstig. Daarentegen zijn die van de commissies, welke door Koning Lodewijk Napoleon en in 1814 werden ingesteld, door Kemper zelven bijeengebracht, daar hij van die commissies een der werkzaamste en invloedrijkste leden was. Belangrijk zijn bedoelde stukken, niet het minst hierdoor, dat men met behulp daarvan kan nagaan, welk aandeel ieder lid in de werkzaamheden heeft gehad en hoe het voorgestelde door de leden het ontwerp der commissie geworden is. Voor het Rijksarchief is deze collectie ook hierom eene aanwinst, omdat zij zich daar aansluit bij die van den heer C. F. Elout
Zie archiefinventaris 2.21.059, inv.nrs. 162-174.
, welke te gelijk met professor Cras lid van de eerste dezer commissies is geweest.