Geschiedenis van de archiefvormer
Geschiedenis van de archiefvormer
Zie ook http://www.parlement.com/9291000/biof/02524 en Koekkoeks eigenhandig curriculum vitae in inv.nr. 2.
Adriaan Kornelis Koekkoek (roepnaam Alis) werd op 15 januari 1945 te Willemstad (Noord-Brabant) geboren in een gereformeerd onderwijzersgezin. Hij bezocht protestants-christelijke lagere scholen achtereenvolgens te Wilnis, Leiden en Amsterdam en daarna in de jaren 1957-1963 het Christelijk Lyceum te Leiden, waar hij het gymnasium-a diploma behaalde. Van 1963-1969 studeerde Koekkoek rechten aan de Vrije Universiteit (VU) te Amsterdam waar hij in 1969 cum laude de meestersgraad behaalde. In 1978 promoveerde hij aan diezelfde VU bij prof.dr. I.A. Diepenhorst en prof.mr. H.J.M. Jeukens (Tilburg, copromotor) op de dissertatie Partijleiders en kabinetsformaties, een rechtsvergelijkende studie over de rol van partijleiders bij de kabinetsformatie in Engeland, West-Duitsland, België en Nederland.
Per 18 augustus 1969 was Koekkoek ondertussen in dienst getreden van de Katholieke Hogeschool Tilburg (KHT, in 1986 omgedoopt tot Katholieke Universiteit Brabant (KUB) en in 2001 tot Universiteit van Tilburg (UvT)) waaraan hij tot zijn overlijden op 18 april 2005 verbonden zou blijven, eerst als wetenschappelijk medewerker staats- en bestuursrecht, vanaf 1977 als hoofdmedewerker en ingaande 1 mei 1981 als gewoon hoogleraar staats- en bestuursrecht. In de jaren 1985-1994 leidde hij daar onderzoeksprogramma's op het gebied van Grondrechten en Rechtsvergelijking.
Koekkoeks levensbeschouwelijke oriëntatie en politieke belangstelling vonden hun expressie in zijn lidmaatschap van de Anti-Revolutionaire Jongeren Studieklubs (ARJOS) in de jaren-1960 en voorzitter van de ARJOS-afdeling Nieuw-Vennep (1961-1965), waar hij tevens bestuurslid van de kiesvereniging van de Anti-Revolutionaire Partij (ARP) was (1960-1963). Na zijn vestiging in Tilburg werd hij daar actief in de plaatselijke ARP-organisatie als voorzitter van de kiesvereniging Tilburg (1970-1974). Hij trad ook toe tot het provinciaal comité van de ARP en de landelijke ARP-partijraad. Van 1978-1982 was hij voor de ARP lid van de Tilburgse gemeenteraad. Na de fusie in oktober 1980 van ARP, Katholieke Volkspartij (KVP) en Christelijk-Historische Unie (CHU) tot CDA zette Koekkoek zijn politieke activiteit in CDA-verband voort, met als meest zichtbare expressies zijn lidmaatschap van de Tweede Kamer (1994-1998) en van de Eerste Kamer (2003-2005).
Als Tweede Kamerlid was Koekkoek CDA-woordvoerder voor en lid van de Vaste Commissies voor Justitie en Onderwijs en plv. commissielid voor Binnenlandse Zaken. Als uitvloeisel van zijn portefeuille Justitie maakte hij deel uit van de Parlementaire Enquête Commissie Opsporingsmethoden (Commissie-Van Traa, 1995-1996), ingesteld naar aanleiding van de commotie over de methoden waarvan politie en het Openbaar Ministerie zich bedienden bij de bestrijding van de georganiseerde criminaliteit. Met het kamerlid E. van Middelkoop (Gereformeerd Politiek Verbond, GPV) diende Koekkoek in 1995 een voorstel in tot opneming in de Grondwet van een artikel dat de overheid zou opdragen het gebruik van de Nederlandse taal te bevorderen. Het voorstel behaalde in 1997 echter geen Kamermeerderheid.
Ook buiten het verband van ARP resp. het CDA ontwikkelde Koekkoek tal van nevenactiviteiten, deels verband houdend met zijn juridische professie - bijvoorbeeld als raadsheer-plaatsvervanger bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch - maar niet minder ook op het gebied van onderwijs en onderwijsorganisatie. Op dat vlak is met name te noemen zijn lidmaatschap van de Onderwijsraad (1987-1994) met het voorzitterschap van de afdeling Leerplaninterpretatie daarvan. In onderwijsaangelegenheden manifesteerde Koekkoek zich als pleitbezorger van onderwijs op levensbeschouwelijke grondslag, zoals blijkt uit zijn bemoeienis met de oprichting en nadien het voorzitterschap van de Stichting Bevordering Bijzonder Onderwijs in de Lidstaten van de Europese Unie.
Koekkoek publiceerde successievelijk een omvangrijk en geschakeerd oeuvre, bestaande uit monografische werken,
Behalve zijn al genoemde dissertatie zijn te noemen Bijdrage tot een christen-democratische staatsleer (1982), De onderlinge verhouding van grondrechten (1985), Administrative law and the constitution in Ireland and the Netherlands (1987), Organisatie van de rechtspraak (1999), De grondwet : een systematisch en artikelsgewijs commentaar (2000) en Rechter en bestuur in constitutioneel perspectief (2001).
bijdragen aan en redactie van talrijke bundels en enkele honderden kortere of langere artikelen in tijdschriften en dagbladen.
Een door Koekkoek zelf opgesteld overzicht van publicaties in inv.nr. 208.
Koekkoek huwde in 1969 met mw. H. Dudok. Het huwelijk werd gezegend met drie kinderen.
Lijst van gebruikte afkortingen
| ANP |
Algemeen Nederlands Persbureau |
| ARJOS |
Anti-Revolutionaire Jongeren Studieklubs |
| AROB |
Administratieve Rechtspraak Overheids Beschikkingen |
| ARP |
Anti-Revolutionaire Partij |
| CDA |
Christen-Democratisch Appèl |
| CHU |
Christelijk-Historische Unie |
| EU |
Europese Unie |
| KHT |
Katholieke Hogeschool Tilburg |
| KRO |
Katholieke Radio Omroep |
| KUB |
Katholieke Universiteit Brabant |
| KVP |
Katholieke Volks Partij |
| NCW |
Nederlands Christelijk Werkgeversverbond |
| O&W |
Onderwijs en Wetenschappen |
| PvdA |
Partij van de Arbeid |
| PVV-PLP |
Partij voor Vrijheid en Vooruitgang-Parti de la Liberté et du Progrès |
| SGP |
Staatkundig Gereformeerde Partij |
| UvT |
Universiteit van Tilburg |
| VU |
Vrije Universiteit |
| VVD |
Volkspartij voor Vrijheid en Democratie |