2.25.80 Inventaris van het archief van het Productschap Vee en Vlees (PVV), 1956 - 2013; Productschap Pluimvee en Eieren (PPE), 1956 – 2013; en het Gemeenschappelijk Secretariaat Productschappen Vee, Vlees en Eieren (GS PVE), 1993 - 2013

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Productschappen

Het Productschap Vee en Vlees en het Productschap voor Pluimvee en Eieren zijn decentraal openbare lichamen, en maken deel uit van de Publiekrechtelijke Bedrijfsorganisatie (PBO). De Productschappen zijn geen onderdeel van de overheid, maar vallen vanwege hun publiekrechtelijke status volledig onder de Archiefwet 1995.
    De Productschappen bestaan uit de volgende onderdelen:
  • voorzitter
  • bestuur
  • dagelijks bestuur
  • commissies die volledig bestaan uit bestuursleden
  • commissies die in het instellingsbesluit van het bedrijfslichaam zijn genoemd
Alle publiekrechtelijke handelingen worden verricht door de voorzitter, het bestuur en het dagelijks bestuur. De commissies hebben alleen een adviserende bevoegdheid.

Het Productschap voor Vee en Vlees

Het Productschap voor Vee en Vlees is in 1956 ingesteld bij de Instellingswet van het Productschap voor Vee en Vlees (16 oktober 1954) en de opheffingswet Bedrijfschap Vee en Vleesch (16 oktober 1954) Het productschap is daarmee de rechtsopvolger van het bedrijfschap. Bij het instellingsbesluit van 15 maart 2004 is het Productschap Vee en Vlees opnieuw ingesteld.
Organisatie
Het Productschap Vee en Vlees is ingesteld voor ondernemingen waarin;
• de veehouderij wordt uitgeoefend;
• vee dan wel vlees, andere delen van vee of daaruit verkregen producten worden be- of verwerkt tenzij dit be- of verwerken uitsluitend bestaat in het smelten en het verder be- en verwerken van vet – tot producten welke, al dan niet na verdere be- of verwerking tot menselijk voedsel kunnen dienen;
• darmen van vee worden bewerkt;
• de handel wordt uitgeoefend in sperma, eicellen en embryo’s van eenhoevige dieren, runderen en varkens;
• de handel in vee dan wel in vlees, andere delen van vee of daaruit verkregen producten welke al dan niet na verdere be- of verwerking tot menselijk voedsel kunnen dienen, met uitzondering van de aanvoer, transito- en driehoekshandel en met uitzondering van gesmolten vet;
• de handel in darmen van vee of kunstdarmen met uitzondering van aanvoer, transito- of driehoekshandel;
Het bestuur van het productschap bestaat uit 18 leden en is als volgt samengesteld:
• voor ondernemingen op het gebied van de veehouderij, drie leden door organisaties van ondernemers en drie leden door organisaties van werknemers;
• voor ondernemingen op het gebied van vleeswaren- en vleesconservenindustrie twee leden door organisaties van ondernemers en twee leden door organisaties van werknemers;
• voor ondernemingen op het gebied van veehandel een lid door organisaties van ondernemers en een lid door organisaties van werknemers;
• voor ondernemingen op het gebied van de groothandel in vlees, andere delen van vee of daaruit verkregen producten, alsmede met die handel verwante bedrijven een lid door de organisaties van ondernemers en een lid door organisaties van werknemers;
• voor ondernemingen op het gebied van slagerij en de detailhandel in vlees, vleeswaren en vleesconserven twee leden door organisaties van ondernemers en twee leden door organisaties van werknemers.
Het productschap heeft de volgende commissies;
• Commissie Varkenshouderij
• Commissie Vleeswarenindustrie
• Commissie Veehandel
• Commissie Vleesindustrie
De leden van de commissies worden benoemd door de Sociaal Economische Raad (SER) aangewezen organisaties van ondernemers en van werknemers. Voor aanwijzing komen slechts de naar oordeel van de SER representatieve organisaties in aanmerking. De organisaties van ondernemers en werknemers die de leden van de commissies benoemen zijn ook bevoegd plaatsvervangende leden te benoemen.De voorzitter van het productschap is tevens voorzitter van de commissies.De zittingsperiode van de leden van de commissies valt samen met die van de leden van het bestuur van het productschap.De commissies adviseren het bestuur over aangelegenheden op het werkgebied waarvoor ze zijn ingesteld, voeren de door het bestuur aan hen gedelegeerde taken uit en kunnen elk voor haar werkgebied voorstellen doen voor door het bestuur vast te stellen verordeningen.
Doelstelling
De doelstelling van het productschap is omschreven in artikel 71 van de wet op de bedrijfsorganisatie: “De productschappen hebben tot taak een het belang van het Nederlandse volk dienende bedrijfsuitoefening door de ondernemingen waarvoor zij zijn ingesteld, te bevorderen, alsmede het gemeenschappelijk belang van die ondernemingen en van de daarbij betrokken personen te behartigen”
Om deze doelstelling te realiseren voert het Productschap Vee en Vlees de volgende taken uit:
• de registratie van de ondernemingen waarvoor het productschap is ingesteld;
• het verstrekken van de voor de vervulling van de taak van het productschap nodige gegevens;
• de voor de vervulling van de taak van het productschap nodige inzage van boeken en bescheiden en bezichtiging en opneming van bedrijfsmiddelen en voorraden van ondernemingen;
• aangelegenheden verband houdende met de voortbrenging, de afzet, de verdeling en de aanwending van vee, vlees en vleesproducten waaronder mede begrepen:
1. de opslag en de be- en verwerking en de vermelde producten
2. de bevordering van de gezondheidstoestand, de zuiverheid en de kwaliteit van de veestapel, alsmede de kwaliteit van vlees en vleesproducten, alsmede het verlenen van diensten ten aanzien van vee, vlees en vleesproducten;
• aangelegenheden verband houdende met de mededinging in de sector van de veehouderij, de be- en verwerking van en de handel in vee, vlees en vleesproducten
• Het instellen van fondsen in het belang van bedrijfsgenoten.
Op 15 maart 1961 wordt de Stichting Voorlichtingsbureau Vleeswaren en Vleesconserven opgericht. Met een jaarlijkse door het bestuur van het Productschap voor Vee en Vlees beschikbaar gestelde basissubsidie, richt het bureau zich zowel op de thuismarkt als op de verschillende exportmarkten. Doel: het imago van Nederlands vlees en vleeswaren verbeteren en optimale inzet van verschillende communicatie instrumenten. Bron: Jaarverslag 1991
In de Nota van toelichting van het Instellingsbesluit van 15 maart 2004 wordt in de tweede paragraaf “hergroepering bedrijfslichamen: zelfstandig bestaansrecht voor het Productschap Pluimvee en Eieren”gesteld dat het Productschap voor Vee en Vlees het belangrijkste overlegplatform vormt voor de bedrijfsgenoten die opereren in de ketens rond vee, vlees en eieren. Het Productschap Vee en Vlees en het Productschap Pluimvee en Eieren treden naar buiten toe op als het Productschap Vee, Vlees en Eieren en hebben een gemeenschappelijk secretariaat. Een verdergaande bestuurlijke integratie heeft zich echter niet voltrokken. Dit heeft vooral te maken met de eisen die de betrokken bedrijfsgenoten stellen aan de herkenbaarheid voor de eigen achterban en de profilering als zelfstandig openbaar lichaam ter ondersteuning van de eigen identiteit.
Na het kabinetbesluit om alle Product- en Bedrijfschappen op te heffen is per 1 januari 2015 het Productschap Vee en Vlees opgeheven.
Het Productschap voor Pluimvee en Eieren
Het Productschap voor Pluimvee en Eieren is in 1956 ingesteld bij de Instellingswet van het Productschap voor Pluimvee en Eieren (16 oktober 1954) en de opheffingswet Bedrijfschap Pluimvee en Eieren (16 oktober 1954) Het productschap is daarmee de rechtsopvolger van het bedrijfschap. Bij het instellingsbesluit van 15 maart 2004 is het Productschap Pluimvee en Eieren opnieuw ingesteld.
Organisatie
Het Productschap Pluimvee en Eieren is ingesteld voor ondernemingen waarin:
• de pluimvee, edelpelsdieren- of konijnenhouderij wordt uitgeoefend;
• pluimvee, wild en tamme konijnen of daaruit verkregen producten worden be- of verwerkt tot producten welke, al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijke consumptie kunnen dienen;
• eieren of daaruit verkregen producten worden be- en verwerkt tot producten welke, al dan niet na verdere be- en verwerking, tot menselijk voedsel kunnen dienen dan wel kunnen dienen als grondstof voor producten welke niet bestemd zijn tot menselijk voedsel;
• de handel wordt uitgeoefend in;
1. pluimvee, eieren, wild of tamme konijnen of in daaruit verkregen producten welke, al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijk voedsel kunnen dienen;
2. broedeieren en eendagskuikens;
3. bont, of
4. technische eiproducten.
• het productschap is mede ingesteld voor veilingen voor pluimvee, wild en tamme konijnen of daaruit verkregen producten worden be- of verwerkt tot producten welke, al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijke consumptie kunnen dienen.
Het bestuur van het Productschap Pluimvee en Eieren bestaat uit 26 leden en is als volgt samengesteld;
• voor ondernemingen op het gebied van de pluimveehouderij: zeven leden door organisaties van ondernemers en vier leden door organisaties van werknemers;
• voor ondernemingen op het gebied van de verwerkende industrie en de groothandel in eieren: drie leden door organisaties van ondernemers en twee leden door organisaties van werknemers;
• voor ondernemingen op het gebied van de verwerkende industrie en de groothandel in pluimvee, wild en tamme konijnen: vier leden door organisaties van ondernemers en drie leden door organisaties van werknemers; en
• voor ondernemingen op het gebied van de detailhandel in eieren en pluimvee: twee leden door organisaties van ondernemers en een lid door organisaties van werknemers.
Doelstelling
• registratie van ondernemingen en daarin werkzaam personeel, en – zover noodzakelijk voor de vervulling van de taak van het bedrijfslichaam – verstrekking van gegevens en inzage in boeken en bescheiden en bezichtiging van de onderneming;
• de voortbrenging, de afzet, de verdeling en de aanwending van goederen, waaronder mede begrepen de opslag en de be- en verwerking van goederen, en het verlenen van diensten:
• bevordering van de gezondheidstoestand, de zuiverheid en de kwaliteit van de pluimveestapel alsmede de kwaliteit van pluimveevlees, pluimveeproducten, vlees en vleesproducten van wild en tamme konijnen, eieren en eiproducten;
• bevordering van een hygiënische bedrijfsvoering;
• bevorderen van professionele bedrijfsvoering;
• onderzoek op sociaal, economisch en technisch terrein
• arbeidsmarktvoorzieningen;
• fondsen en andere instellingen in het belang van de bedrijfsgenoten;
• uitvaardigen van verordeningen
Het Productschap Pluimvee en Eieren kan aan de ondernemingen die onder de werksfeer vallen een heffing opleggen. Deze heffing is veelal gerelateerd aan de productie, het aantal gehouden dieren dan wel aan het aantal kilo geslacht gewicht. Het is mogelijk dat een deel van de op te leggen heffing bestaat uit een (basis) bedrag dat voor alle relevante ondernemingen gelijk is. Ter financiering van specifieke doeleinden kan een zogenoemde bestemmingsheffing worden vastgesteld.
Enkele activiteiten waarmee het productschap Pluimvee en Eieren zich bezig heeft gehouden zijn;
• activiteiten gericht op het uitvoeren van het RSI convenant;
• onderzoek naar het voorkomen van gezondheidsrisico’s en de beheersmaatregelen ten aanzien van endotoxinen;
• activiteiten op gebied van leeftijdsbewust personeelsbeleid;
• ondersteunen van het verbeteren van vakopleidingen en training van werknemers in de pluimvee en eiersector;
Verordeningen zijn onder andere uitgegeven op het gebied van bestrijding van dierziekten zoals New Castle disease en het verstrekken van fondsen voor onderzoek en ontwikkeling, kwaliteitsverbetering, veeziekten en voor onderzoeksubsidies.
Na het kabinetsbesluit is in het regeerakkoord “Bruggen slaan” van 29 oktober 2012 opgenomen dat alle bedrijf- en productschappen worden opgeheven.
Met ingang van1 januari 2015 zijn de activiteiten van het Productschap Pluimvee en Eieren beëindigd.

Het Gemeenschappelijk Secretariaat Productschappen Vee, Vlees en Eieren

Het GS PVE werd in 1993 ingesteld voor een aantal uitvoerende gemeenschappelijke werkzaamheden. Het GS PPE/PVV heeft tot taak, alle werkzaamheden te verrichten welke voorheen door de afzonderlijke secretariaten werden verricht (art 2. Instellingsverordening GS PVE). Het GS verricht voor de instellende lichamen (PVV en PPE) alle uitvoerende werkzaamheden welke bij zijn ontbreken zouden moeten worden verricht door de afzonderlijke secretariaten van PVV en PPE. Het samenwerkingslichaam treedt bijvoorbeeld op als enige werkgever van het gezamenlijke personeel. De arbeidsvoorwaarden voor het personeel werden voortaan door het gemeenschappelijk secretariaat vastgesteld zoals voorheen door de afzonderlijke productschappen gebeurde.
Het Gemeenschappelijk Secretariaat Productschappen Vee, Vlees en Eieren werd in 1993 ingesteld als resultaat van een fusie tussen het Productschap voor Pluimvee en Eieren en het Productschap Vee en Vlees. Tot dit besluit van samenvoeging is gekomen tegen de achtergrond van de ontwikkelingen in de agrarische sector: steeds minder bedrijven en mensen zouden werkzaam zijn in de sector, die bovendien te maken zou krijgen met ingrijpende, structurele hervormingen, vooral op het vlak van Europees landbouwbeleid.
De samenwerking is op publiekrechtelijke basis gestoeld, de beide secretariaten werden samengevoegd tot een gemeenschappelijk secretariaat. Het GS PVE bezit rechtspersoonlijkheid. Aanvankelijk werd afgezien van publiekrechtelijke bevoegdheden zoals het uitvaardigen van verordeningen met externe werking. Bij een intensivering van de samenwerking werd echter de toekenning van publiekrechtelijke bevoegdheden niet uitgesloten.
Het taakgebied van het GS PVE valt nagenoeg samen met de zogenaamde PIOFACH handelingen. PIOFACH staat voor: Personeel, Inkoop, Organisatie, Financiën, Automatisering, Communicatie, Huisvesting. Het zijn met andere woorden de taken nodig voor de bedrijfsvoering van een organisatie. Enkele voorbeelden van het werkterrein van het GS zijn:
• Werkgever van het personeel van de productschappen.
• Vaststellen van arbeidsvoorwaarden, voeren van CAO onderhandelingen.
• Voorbereiden en uitvoeren van beleid in opdracht van de besturen van PVV en PPE.
• Het voeren van de administratie voor het GS PVE. Deze valt, evenals die van het PVV en PPE onder het toezicht van de SER.
• Huisvesting voor de Productschappen Vee, Vlees en Eieren.

Geschiedenis van het archiefbeheer

Het PVV kende een centraal archief, waarnaast decentrale archieven bestonden. Bij het PPE was er sprake van een voornamelijk decentraal archiefbeheer volgens een centrale systematiek. Deze situatie wijzigde, toen PVV en PPE fuseerden en in 1993 gezamenlijk in Rijswijk werden gehuisvest. De fusie betekende tevens het ontstaan van het GS PVE en het daaruit voortvloeiende archief. De drie afzonderlijke (centrale) archieven werden vanaf dat moment op één locatie, maar wel gescheiden bewaard. Het PVV, PPE en GS PVE verhuisden in 2001 naar het huidige gezamenlijke pand in Zoetermeer.
Op 1 juli 2004 zijn de besluiten beheersregels archiefbescheiden PVV, PPE en GS PVE in werking gestreden. Hierin is het archiefbeheer opnieuw vastgelegd. Voor het PVV, PPE en GS PVE zijn vastgestelde selectielijsten van toepassing. Op basis van de geldende selectielijsten werd periodiek vernietiging uitgevoerd.