3.18.04 Inventaris van het archief van het klooster Sint Barbara

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

In het jaar 1400 ontstond er onder de zusters van het klooster St. Agatha onenigheid, welke zo hoog liep, dat een van haar, in overleg met de visitators, uit het klooster verwijderd werd
In datzelfde jaar besloten de zusters van St. Agatha de derde regel van St. Franciscus aan te nemen en zich te doen besluiten, zodat W. Moll in Kerkhist. Arch. IV p. 215, veronderstelt, dat dit tot het meningsverschil aanleiding heeft gegeven.
. Deze vrouw, Hase Dirck Jan Ramsz. wed., op wier vroomheid overigens niets te zeggen viel, huurde daarop zelf een huis in het Rietveld en wist enige "schamele goede vurige maagden" te bewegen zich bij haar te voegen; dat was het begin van het klooster St. Barbara
Zie Oorspronck van St. Barbarenconvent (Inv. nos. 1 en 111).
.
De band met het moederklooster werd wel niet verbroken, dank zij vooral de gemeenschappelijke biechtvader Maarten Ghijsbrechtsz., maar aangenaam was in die eerste tijd de verhouding niet en de schuld was hier bij de oudste. St. Agatha nl. haalde de bekwaamste zusters van St. Barbara weg en stuurde er voor in de plaats, wie het kwijt wilde zijn. Het Gemeen Kapittel moest tussenbeide komen om de twist bij te leggen en daarna werd de verhouding aanmerkelijk beter.
De zusters van St. Barbara, die, om dichter bij de kerk te zijn, na 1 1/2 jaar het huis in het Rietveld hadden verlaten voor een ander, dat aan de Oude Delft lag, bleven ook daarin niet langer dan een jaar en kochten in 1405 een huis, eveneens aan de Oude Delft en eigendom van St. Agatha, dat zich nu van een betere kant deed kennen: uit medelijden met de armoede der zusters nl. en "om Gods wil" schonk het haar in 1409 260 pond Hollandsch, die zij van die koop nog schuldig waren, kwijt, behoudens een jaarlijkse rente van 6 lood zilver; het was het toppunt van de "menichsins troest ende onderstant" die de zusters naar eigen zeggen, van dat klooster hadden ondervonden sinds het begin van haar samenwoning. In ruil voor die gunst erkenden zij weliswaar haar ondergeschiktheid door te beloven geen zusters aan te nemen of uit te zetten zonder medeweten van St. Agatha, maar de onaangenaamheden waren blijkbaar vergeven en vergeten en dat bleef zoo: Christiaan Adriaansz. Cruys van Adrichom, de laatste pater van St. Barbara, liet in het afschrift, dat hij maakte van de "Oorspronck" (Inv. no. 111), de pijnlijke geschiedenis weg.
Behalve het nieuwe huis, kreeg de vergadering in het jaar 1405 haar eigen pater in Claes Butsiel Dircz., en in Hase Ramsz. wed., de stichtster, haar eerste mater. De besluiting der zusters, waarbij de derde regel van St. Franciscus werd aangenomen, geschiedde eerst in 1418, een maand na de wijding der juist gereed gekomen kerk; haar aantal bedroeg toen negentien behalve nog vijf buitenzusters. Hoeveel het klooster ook te danken had aan heer Pieter Gerritsz., de pater onder wiens beheer die gebeurtenissen plaats hadden, op zijn pogingen om de zusters over te halen hem bij zijn overgang naar de Regulieren te volgen, gingen zij niet in, zij bleven haar orde getrouw en de pater "liet de zusters varen".
Het klooster, welks oprichtsters aanvankelijk leefden van de opbrenst van haar handenarbeid, werd langzamerhand zeer welvarend en rijk aan grondbezit; in de jaren 1557-1561 wisselden de inkomsten af tussen ruim 1700 en 2000 carolusguldens; het was toen de grote schade, die het bij de brand van 1536 geleden had, te boven; kerk en woonhuis met de gehele inboedel en alle papieren waren toen verbrand en het klooster was genoodzaakt geweest 100 morgen land te verkopen voor de wederopbouw. Doch in 1569 gaf koning Philips het toestemming om voor 7826 carolusguldens land te kopen ter vervanging van het verkochte en later in 1571, toen Christiaan Adriaansz. van Adrichom zich bij de pauselijke commissaris had te verantwoorden wegens rebellie van zijn klooster, zei deze, dat het klooster in verzet durfde komen, omdat het "overvloedich was van geldt", ofschoon hij met een kruimeltje broods meer doen zou dan zij met al hun bezit.
Hij was niet meer in de gelegenheid het klooster te treffen maar de Staten van Holland en de Staatse troepen deden het voor hem; de inkwartiering van de soldaten van van der Marck, die zich zeer "insolentelyck" gedroegen en van het gevolg van De Lumbres, de verplichting om aan van der Marck, die zijn staat op moest houden, inboedel en lijnwaad te lenen, waarvan het klooster niets terugzag, een aanslag boven zijn macht in de contributies, te Delft geheven voor de Prins, ruïneerden het in zijn roerende goederen, zoals de annotatie het in de onroerende deed; het verzoek aan de Staten, om gedurende een jaar zelf zijn inkomsten te mogen ontvangen, werd aan dit klooster dan ook toegestaan en eerst in 1576 nam Cornelis François van Bodeghem als ontvanger der Staten het beheer over.
Een grote steun had het klooster in zijn moeilijkste tijden in zijn laatste pater, de reeds genoemde Christiaan Adriaansz. van Adrichom genaamd Cruys
Zijn ouders woonden te Delft in "Het dubbelde Cruys".
van Delft, ook als letterkundige bekend en vriend van Cornelis Musius. De vele handschriften van zijn hand in dit archief wijzen op zijn grote werkzaamheid op administratief, zowel als op geestelijk gebied; maar het best komt hij uit in zijn verhaal van de ongelukkige visitatie in 1570 en van zijn onderhoud met de pauselijke commissaris daarna (zie Inv. no .9). In 1572 verliet hij Delft om het geloof; gegevens daarover zijn niet te vinden behalve, wat de tijd aangaat, zijn eigen uitlating in een brief van 1584 aan Lindanus
Gedrukt in Arch. voor Kerkel. Gesch. XVIII p. 202.
en zijn grafschrift in het klooster Nazareth te Keulen
Van Heussen p. 412.
. Maar ook na zijn vertrek bleef hij voor het klooster zorgen; tot 1576 beheerde hij de financiën en toen hij in 1580 te Keulen pater van het klooster Nazareth geworden was, bood hij de zusters van St. Barbara zijn huis en alles wat hij bezat aan, als zij ook daarheen wilden komen, van welk aanbod evenwel geen gebruik werd gemaakt.

Geschiedenis van het archiefbeheer

De verwerving van het archief

De rechtstitel is (nog) onbekend.