3.20.59 Inventaris van het archief van de familie Teding van Berkhout, 1578-1994 (-2015)

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Inhoud en structuur van het archief

Inhoud

Het archief bestaat in de eerste plaats uit de stukken, die in rechte lijn vererfd zijn, van Jan Pietersz. Berckhout (1516-1587) af tot jhr. Jan Willem Hendrik Teding van Berkhout (1872-1956). De zich in het archief bevindende 17de en 18de eeuwse stukken betreffende leden van zijtakken zijn alle weer op de hoofdtak vererfd. Dit archief is in 1899 op het Algemeen Rijksarchief gedeponeerd geweest en daar door Th. Morren globaal geïnventariseerd.
Verslagen van ’s Rijks Oude Archieven over 1899, pag. 23-24 en 54-66 (aanwinst XVIII).
Een aantal stukken, voornamelijk met een ambtelijk karakter, is toen aan het Algemeen Rijksarchief overgedragen, dat uit deze collectie weer stukken doorzond aan de Rijksarchieven in Overijssel en Zeeland, de gemeentearchieven van Delft, Haarlem, Hoorn, Monnickendam en Olst, het archief van het hoogheemraadschap Delfland en de Koninklijke Bibliotheek. Slechts de stukken, die geplaatst werden in de beide Rijksarchieven, het gemeentearchief Haarlem en de Koninklijke Bibliotheek konden achterhaald worden; van de overige mag worden aangenomen, dat zij dermate een ambtelijk karakter hebben, dat hun plaats in de archieven, waarmee zij vermengd zijn, niet meer opvalt; aantekening hiervan is blijkbaar niet gehouden.
De stukken in het Algemeen Rijksarchief – op drie uitzonderingen na,
De nrs. 74-76 in de inventaris 1899.
aangezien van deze de samenhang met het archief niet is gebleken – en het gemeentearchief Haarlem zijn thans weer aan het familiearchief overgedragen en daarbij geïnventariseerd; die in Overijssel bleken inderdaad een zodanig ambtelijk karakter te hebben dat op teruggave niet is aangedrongen;
Verslagen van ’s Rijks Oude Archieven over 1899, pag. 505-506 (aanwinst 9o).
die in Zeeland, betrekking hebbend op uit de vrouwelijke lijn vererfd goederenbezit in Westelijk Zeeuws-Vlaanderen,
Id., pag. 410-411 (aanwinsten 75-80).
zijn uitgebreid met de overige stukken, die zich nog in het archief bevonden en hierop betrekking hebben; een aparte inventaris zal hiervan verschijnen. Het journaal van mr. Pieter Tedingh van Berckhout (1643-1713) in de Koninklijke Bibliotheek kon niet weer voor het archief worden verworven;
Ms. 129 D 16, in de inventaris nr. 221.
in het archief bevindt zich een xeroxcopie ervan.
De jongere takken van de familie hebben hun eigen archieven gevormd en deze zijn ook in de inventaris opgenomen. Het belangrijkste hiervan is dat van de “Haarlemse” tak. Via het huwelijk Teding van Berkhout – De Bosset in 1827 is hierop het familiearchief der rijksgraven van Heemskerck vererfd; dit is reeds in 1889 door jhr. H. Teding van Berkhout aan het Algemeen Rijksarchief in bruikleen gegeven en thans weer met het hoofdarchief verenigd,
Verslagen van ’s Rijks Oude Archieven over 1889, pag. 36-41 (aanwinst nr. 36).
met uitzondering van de stukken voornamelijk betrekking hebbend op de diplomatieke loopbaan van mr. Coenraad des H.R. Rijksgraaf van Heemskerck (1647-1702), die aan het Algemeen Rijksarchief zijn aangeboden.
Id., een brief uit If, nrs. IIa-IIe en twee kaarten uit XIII.
Het valt op dat het hoofdarchief nergens duidelijke leemten vertoont en dat de aangehuwde families rijk vertegenwoordigd zijn.
In h o o f d s t u k I worden behandeld de stukken betreffende personen en goederen. Afdeling A (personen) is gesplitst in a. het geslacht Teding van Berkhout, waarvan 58 leden vertegenwoordigd zijn, en b. 30 aanverwante geslachten met in totaal 76 personen; de personen zijn per generatie behandeld, de geslachten van de laatste rubriek zijn alfabetisch gerangschikt met vermelding van de allianties, waardoor de stukken op het geslacht Teding van Berkhout vererfd zijn. De genealogische aantekeningen zijn wat de familie Teding van Berkhout betreft voornamelijk ontleend aan de “kroniek” (inv. nr. 1819), wat de overige personen betreft aan andere stukken in het archief zelf en de litteratuur; slechts in die gevallen, waarin deze onvoldoende gegevens verstrekten, is hiervoor archiefonderzoek verricht.
De stukken betreffende personen zijn telkenmale gesplitst in: correspondentie, persoonlijke stukken, stukken betreffende maatschappelijke functies en zakelijke stukken, een indeling die voor zich zelf spreekt. De correspondentie betreft ook de “ambtelijke” en zakelijke correspondentie en bevat zowel de ingekomen stukken als de minuten en concepten van uitgaande stukken. De stukken betrekking hebbend op de nalatenschappen van personen, die verder niet in het archief vertegenwoordigd zijn, zijn - in tegenstelling tot wat in andere inventarissen wel gebeurd is – geplaatst bij de erfgenamen: ik meende, dat de overzichtelijkheid hiermee gediend was.
Afdeling B (goederen) is ingedeeld in a. Nederland en b-d. buitenland; de Nederlandse stukken zijn verder alfabetisch ingedeeld volgens de provincies en voor zover mogelijk in gemeenten of, voor zover deze Zeeland betreffen, volgens eilanden.
H o o f d s t u k II (verzamelde stukken) bevat in verschillende onderafdelingen de stukken betreffende het archief zelf, de genealogieën in handschrift en in druk, terwijl h o o f d s t u k III een overzicht geeft van de stukken, waarvan de samenhang met het archief niet is gebleken.
Een lijst van kaarten en een genealogisch overzicht, waaruit de verwantschap blijkt tussen die personen, die met persoonlijke stukken in het archief vertegenwoordigd zijn, volgen daarna. Deze personen zijn op één tabel verenigd, omdat hieruit met een oogopslag te zien is, hoe het archief tot stand is gekomen. Een index op namen van personen en instellingen en geografische namen, samengesteld door de heer H.P. Fölting, besluit het geheel.
Het archief is bij het Centraal register van familiearchieven geregistreerd onder no. 154. Het is eigendom van de Stichting Teding van Berkhout, gevestigd te Haarlem, en berust sinds 1999 bij het Nationaal Archief.