Dit artikel bevat bronnen met racistisch taalgebruik. Gezien de historische waarde van de bronnen is besloten om ze desondanks te tonen. Het racistische taalgebruik komt niet terug in de tekst van het artikel.
Anton de Kom wordt in 1898 geboren in Suriname, dat dan nog een kolonie van Nederland is. Inmiddels staat hij bekend als antikoloniaal denker, schrijver van het boek ‘Wij slaven van Suriname’, verzetsstrijder, antifascist en dichter. Wanneer hij in 1920 van Paramaribo naar Den Haag verhuist, is hij nog niet zo beroemd. Maar de Nederlandse inlichtingendienst kent hem wel. De Kom bezoekt namelijk regelmatig bijeenkomsten die door de Nederlandse overheid als ‘verdacht’ worden gezien. Zo gaat hij naar vergaderingen van Perhimpoenan Indonesia, een vereniging voor Indonesische studenten die streven naar een onafhankelijk Indonesië, en de communistische partij. Ook is hij actief in het arbeidersschrijverscollectief Links Richten. De Nederlandse overheid ziet de antikoloniale en communistische ideeën die tijdens deze bijeenkomsten worden verspreid als een bedreiging voor de staat. De Centrale Inlichtingendienst (CI) merkt hem daarom onterecht aan als mogelijk gevaar voor de nationale veiligheid. Hierdoor komt De Kom voor in documenten die bewaard worden in het Nationaal Archief.
De interesse in de bezigheden van De Kom wordt groter, wanneer hij in 1932 met zijn vrouw en kinderen op de boot naar Suriname stapt. De reden dat De Kom teruggaat naar Suriname is zijn moeder, die op dat moment ernstig ziek is.
In 1932 schrijft de directeur van de CI een brief aan de Minister van Koloniën over de reis van Anton de Kom. Hij schrijft onder andere:
Deze De Kom staat hier te lande bekend als een gevaarlijk communist en fel revolutionair agitator. Hij schreef herhaaldelijk artikelen in de communistische pers en sprak geregeld op revolutionaire vergaderingen gewoonlijk onder den naam van “Adekom” of “Adek””.
Ook schrijft hij dat hij de procureur-generaal in Paramaribo zal inlichten. Als gevolg van deze waarschuwing, geeft de procureur-generaal de politie de opdracht om Anton de Kom vanaf zijn aankomst continu te volgen. Het koloniaal gezag ziet hem als een mogelijke toekomstige leider van een revolutie. Het wordt hem onmogelijk gemaakt om publiekelijk te spreken.
De Kom schrijft na aankomst een bericht aan zijn kameraden in Nederland. Dit briefje wordt gepubliceerd in het blad Links Richten en vervolgens overgetypt en in documenten van de inlichtingendienst opgenomen. De Kom schrijft:
Waarde makkers,
Sedert mijn komst te Paramaribo heerscht er een staat van beleg. Politie en militairen gemobiliseerd. Voor mijn huis politie. Op straat word ik achtervolgd. Men heeft mij letterlijk gemuilkorfd. Nog nooit zag ik zulk een willekeur. Ik mag nergens vergaderen, alle meetings worden uit elkaar geslagen. Later schrijf ik meer, heb nu geen tijd.
Met kam. groeten aan allen,
ADEK.
Waarschuwing
In onderstaande bronnen komt racistisch taalgebruik voor.
Ondanks dat publiek spreken steeds verhinderd wordt, spant De Kom zich in om iets te betekenen voor de arbeiders in Suriname, onder andere voor de slecht behandelde contractarbeiders. Hij richt op het erf van zijn vader een adviesbureau op. De Kom vertelt later in een speech dat het gelijk storm loopt. Ook het koloniaal gezag ziet dit. De Nederlandse machthebbers beheersen Suriname onder andere door verschillende bevolkingsgroepen tegen elkaar uit te spelen. Dat De Kom juist deze mensen weet te verenigen, versterkt het idee van de machthebbers dat hij daadwerkelijk een revolutie zal ontketenen. Wanneer De Kom aankondigt een groep mensen publiekelijk toe te spreken, grijpt het gezag in. De lezing wordt verboden, hoewel er al duizenden mensen op de stoep staan. De Kom besluit in eerste instantie de lezing door te laten gaan, maar wijzigt zijn plan uit angst dat de politie zal ingrijpen. Wanneer De Kom protest tegen het verbod aantekent, wordt hem verteld dat hij naar het politiebureau kan komen om er over te spreken. Op het bureau blijkt deze uitnodiging een valstrik: hij wordt onmiddellijk in de boeien geslagen.
Diezelfde dag, 1 februari 1933, komt een mensenmassa op de been om De Koms vrijlating te eisen. Hoewel het nergens zwart op wit terug te lezen is, getuigen mensen later dat de procureur-generaal Van Haaren belooft dat De Kom op dinsdag 7 februari vrij gelaten wordt. De menigte gaat rustig uiteen, maar keert – zoals te verwachten valt – op dinsdag 7 februari terug. Het eindigt in een bloedbad: de politie opent het vuur op de mensenmassa. Er zijn 2 doden en 22 gewonden te betreuren. De Kom wordt nog 3 maanden vastgehouden zonder enige vorm van proces. Wanneer zijn vrouw en kinderen in mei van plan zijn terug te keren naar Nederland, dringt zijn vrouw voor de zoveelste keer aan op zijn vrijlating. Op 10 mei wordt hij vrijgelaten. Hij mag nooit meer terugkeren naar Suriname, waar hij geboren is. Het gezag in Suriname informeert de Minister van Koloniën per telegram en schrijft ook: “verzoeke tevens mededeeling aan centrale inlichtingendienst”. De Nederlandse inlichtingendienst wordt geïnformeerd. Bij terugkomst in Nederland wordt De Kom nog scherper in de gaten gehouden.
Doordat De Kom vanaf dat moment continu gevolgd wordt door de CI, komen verschillende speeches van hem in overheidsdocumenten uit die tijd voor. Aangezien lange speeches van De Kom vaak woord voor woord zijn opgetekend, moeten deze medewerkers opnameapparatuur bij zich hebben gehad. Dit resulteert vaak in een nauwkeurig verslag, maar volledig betrouwbaar zijn de documenten zeker niet. Regelmatig klinkt de mening van de schrijvende ambtenaar door. Zo wordt een deel van de speech van De Kom samengevat met de woorden “eenige griezel- en gruwelverhalen van “onderdrukkers” tegen “verdrukten””.
Toch klinken in de bronnen regelmatig authentieke woorden van Anton de Kom, bijvoorbeeld wanneer het gaat over het Nederlandse geschiedenisonderwijs. Zo legt hij in een speech tijdens de Openbare Communistische Vergadering in 1933 uit:
De schoolboekjes van de blanken zijn niet waar. Wij werden door de blanke kolonisten, op de vlucht geslagen en gevangen, gefolterd en verbrand. Verschillende personen, zooals Generaal van Heutz e.a., die bijzondere krijsverrichtingen hadden gedaan, worden geprezen, in de geschiedenis vermeld en daarvoor worden standbeelden opgericht, maar over de aanvoerders der zwarten hoort men niet.
Waarschuwing
In onderstaande bronnen komt racistisch taalgebruik voor.
Wat steeds in de bronnen terugkomt is de relatie die De Kom legt tussen het kolonialisme, kapitalisme en fascisme. Keer op keer roept hij op om in verzet te komen tegen fascisme. Dat deze oproepen geen loze woorden zijn, blijkt wanneer Nederland bezet wordt door nazi-Duitsland. De Kom voegt zich gelijk in 1940 bij het verzet. In 1944 wordt hij opgepakt en overgebracht naar het Oranjehotel in Scheveningen. Op 24 april 1945 wordt Anton de Kom vermoord in kamp Sandbostel, onderdeel van concentratiekamp Neuengamme. Zijn vrouw Nel zoekt na de oorlog naar haar man. Documenten over deze zoektocht zijn terug te vinden in het Rode Kruisarchief, onderdeel van de collectie van het Nationaal Archief.
Dat Anton de Kom excuses en eerherstel verdient, komt duidelijk naar voren uit de documenten van de inlichtingendienst. Hij is onterecht verdacht gemaakt, beschuldigd, maandenlang onrechtmatig vastgehouden en zelfs verbannen uit Suriname. In 2023 biedt toenmalig minister van Buitenlandse Zaken, Wopke Hoekstra, daarom excuses aan namens de Nederlandse staat aan de dan nog levende kinderen van De Kom, Judith en Ad de Kom.
Inmiddels wordt De Kom op allerlei manieren geëerd: met een leerstoel, een universiteit die naar hem is vernoemd, standbeelden, een gedenksteen, een plein, een brug, een stichting en een plek in de Canon van Nederland. De belangrijkste herwaardering is misschien wel de heruitgave van Wij slaven van Suriname in 2020. Het boek komt op de eerste plek van de top tien van best verkochte boeken terecht.
Portretfoto Anton de Kom (1924)
Fotocollectie Spaarnestad. Fotograaf: onbekend.
7.000SPABB, 144662.
Brief van de directeur van de Centrale Inlichtingendienst aan de Minister van Koloniën (1932)
Inventaris van het archief van het Ministerie van Koloniën: Kabinet-Geheim archief, 1901-1940.
2.10.36.51, inv. nr. 386. Scans 428 en 429.
Artikel Links Richten overgenomen door inlichtingendienst (1933)
Inventaris van het archief van het Ministerie van Koloniën: Kabinet-Geheim archief, 1901-1940.
2.10.36.51, inv. nr. 395.
Telegram over de vrijlating van De Kom (1933)
Inventaris van het archief van het Ministerie van Koloniën: Kabinet-Geheim archief, 1901-1940.
2.10.36.51, inv. nr. 395.
Foto Zwarte Dinsdag (1933)
Fotocollectie Het Leven. Fotograaf: onbekend / Spaarnestad Photo.
7.000SPABB, 139016.
Verslag van de Openbare Communistische Vergadering, waar Anton de Kom een speech geeft (1933)
Inventaris van het archief van het Ministerie van Koloniën: Kabinet-Geheim archief, 1901-1940.
2.10.36.51, inv. nr. 409.
Verslag van de Openbare Vergadering van de Liga tegen Imperialisme (1933)
Inventaris van het archief van het Ministerie van Koloniën: Kabinet-Geheim archief, 1901-1940.
2.10.36.51, inv. nr. 400.
Literatuur
Wij Slaven van Suriname. Anton de Kom, 1934.
Antonlogie. Mitchell Esajas, 2021.
Anton de Kom. Alice Boots en Rob Woortman, 2016.