Archief
Titel
2.05.387 Inventaris van het archief van de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiging in Polen, (1946) 1975-2013, (1946) 1975-2013
Auteur
Doc-DirektVersie
24-04-2025
Copyright
Nationaal Archief, Den Haag
2015 cc0Beschrijving van het archief
Naam archiefblok
Nederlandse Dipolmatieke Vertegenwoordiging in Polen (Warschau) Buza / Ambassade Polen
Periodisering
archiefvorming: 1975-2013 oudste stuk - jongste stuk: 1946-2013
Archiefbloknummer
Z291Omvang
1051 inventarisnummer(s) 20,40 meterTaal van het archiefmateriaal
Het merendeel der stukken is in het.
Nederlands
Soort archiefmateriaal
Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten. Bevat tevens foto's, tekeningen en digitale dragers.Archiefdienst
Nationaal ArchiefLocatie
Den HaagArchiefvormers
Nederlandse ambassade in Warschau (1975-2013)Samenvatting van de inhoud van het archief
Het archief bevat stukken ontvangen en opgemaakt door de Nederlandse ambassade in Polen over de periode 1975-2013. Vanaf 25 augustus 1991 is de Nederlandse ambassade in Polen tevens geaccrediteerd voor Belarus (Wit-Rusland). Het archief bevat archiefstukken aangaande Belarus over de periode 1992-2013.
Het betreft stukken over de organisatie en taken van de ambassade op het gebied van consulaire, economische, culturele en politieke zaken.Archiefvorming
Geschiedenis van de archiefvormer
Algemeen Historisch kader
Polen
In 1975 was Edward Gierek secretaris-generaal van de PZPR (Poolse Verenigde Arbeiderspartij). Hij was in 1970 Gomulka opgevolgd. Gierek voerde in de jaren ’70 enkele liberaliseringen door en wist daardoor de levensstandaard iets te verhogen en de ontevredenheid onder de bevolking te temperen. Dit duurde echter niet lang en langzaam maar zeker kwam de bevolking erachter dat Polen in een diepe economische crisis beland was en dat radicale hervormingen noodzakelijk waren om het tij te keren. De ontevredenheid werd gesteund door de kerk, die weer wat rechten gekregen had. Bovendien werd voor het eerst in de geschiedenis een Pool tot paus gekozen in 1978.
In 1980 leidde ontevredenheid tot een serie stakingen. Met name de stakingen bij de Lenin-werf in Gdansk trokken internationaal de volle aandacht. Lech Walesa was leider van een landelijk stakingscomité, dat uiteindelijk door de regering erkend werd en verder ging als de vakbond “Solidarnosc” (Solidariteit). Hoewel de chaos door de vele stakingen toenam, bleef deze vakbond grote druk uitoefenen op de regering om het sociaal-economische beleid grondig te hervormen.
Als reactie op deze ontwikkelingen werd in februari 1981 generaal Jaruzelski premier en in oktober partijleider. Op 13 december nam hij alle macht in handen en werd de staat van beleg afgekondigd en duizenden mensen gearresteerd. Januari 1982 had Jaruzelski de gespannen situatie weer onder controle waardoor eind 1982 de staat van beleg werd opgeheven.
In 1985 was alles weer redelijk normaal en liet Jaruzelski zich tot president van Polen kiezen. Economisch ging het echter nog steeds erg slecht en in 1988 braken er weer stakingen uit.
In juni 1989 werden de eerste vrije verkiezingen gehouden voor de nieuwe Senaat. De communisten werden weggevaagd en de oppositie won alle beschikbare zetels. In de Sejm (het Poolse lagerhuis) kreeg de oppositie in totaal 35% van de zetels toegewezen. De voormalige bondgenoten van de communisten, de Democratische Partij en de Boerenpartij, kozen echter al snel de zijde van de oppositie. In juli trad Jaruzelski af als partijleider en hij werd opgevolgd door demissionair premier Rakowski. Jaruzelski werd nog wel met veel moeite tot president gekozen. Op 19 augustus werd Tadeusz Mazowiecki op voordracht van Walesa tot premier benoemd. Op het elfde partijcongres in januari 1990 hief de communistische partij (PZPR) zichzelf op en werd opgevolgd door de Sociaal-Democratie van de Republiek Polen (SdRP), die tezamen met de linkse vakbond OPZZ de Alliantie van Democratisch Links (SLD) ging vormen.
Begin 1990 maakte minister van Financiën, Leszek Balcerowicz, een begin met radicale economische hervormingen ter bestrijding van de hyperinflatie, die in 1989 tot boven de 1000% was opgelopen. De scherpe daling van de inflatie ging gepaard met een sterke daling van de levensstandaard, massale werkloosheid en een recessie. Na een breuk in de vakbond Solidariteit stelden Mazowiecki en Walesa zich beiden kandidaat voor de presidentsverkiezingen van eind 1990. In de tweede ronde op 9 december triomfeerde Walesa met ruim 74% en op 22 december werd hij als president beëdigd. In januari 1991 trad een nieuw kabinet onder leiding van Jan Krzysztof Bielecki aan. Met Duitsland werd op 14 november 1990 een verdrag met betrekking tot de vaststelling van de Oder-Neisse-grens getekend, gevolgd door een vriendschapsverdrag tussen beide landen op 17 juni 1991. Het Warschaupact werd op 1 juli in Praag door de zes overgebleven leden formeel opgeheven.
In juni leed president Walesa een persoonlijke nederlaag, toen de Sejm – ondanks twee maal een presidentieel veto – met het oog op de eerste democratische verkiezingen op 27 oktober 1991 een nieuwe kieswet aannam. Die verkiezingen leverden een versplinterd parlement op. Achtereenvolgens formeerden Jan Olszewski (dec. 1991 – juni 1992), Waldemar Pawlak (juni–juli 1992) en Hanna Suchocka (juli 1992 – mei 1993) een regering. Suchocka bleef aan tot de nieuwe verkiezingen onder een nieuwe kieswet in september 1993. Deze verkiezingen leverden een overwinning op voor de ex-communisten en de Poolse Boerenpartij (PSL) eindigde als tweede. Samen kregen zij tweederde van de zetels in de Sejm en driekwart van de zetels in de Senaat, en dat was ruim voldoende voor de vorming van een nieuwe regering. De coalitie beloofde het beleid van privatiseringen en andere hervormingen voort te zetten. Economisch waren de jaren negentig gunstige jaren met een groei van rond de 6%. Tussen 1990 en 1993 zou het met 45.000 man aanwezige Sovjetleger in Polen zich terugtrekken.
Bij de presidentsverkiezingen van november 1995 versloeg SLD-voorman Aleksander Kwasniewski met een klein verschil Lech Walesa. In hetzelfde jaar kwam een geldhervorming tot stand (opwaardering van de zloty) en werd een begin gemaakt met de privatisering van kleine en middelgrote staatsbedrijven. In de zomer van 1996 keurde het parlement een hervormingsplan goed om het centrale bestuur af te slanken en de rol van de overheid in de economie te beperken. In dezelfde periode trad Polen als derde voormalig communistisch land toe tot de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).
In 1997 werd een nieuwe grondwet, waaraan jaren was gewerkt, door beide kamers aanvaard en van kracht. Hij legde het land vast als een parlementaire democratie met een vrijemarkteconomie. In september 1997 leverden de parlementsverkiezingen een grote overwinning op voor de oppositionele Kiesactie Solidariteit (AWS), een coalitie van ruim 20 conservatieve, katholieke en nationalistische organisaties rondom de vakbond Solidariteit. Jerzy Buzek werd in oktober premier van een coalitie tussen AWS en de liberale Vrijheidsunie.
In 1997 besloot de Europese Unie (EU) dat Polen op termijn zou kunnen toetreden tot de EU. In datzelfde jaar nodigde de NAVO Polen uit lid te worden van het bondgenootschap, hetgeen in maart 1999 zijn beslag kreeg.
Op 1 mei 2004 trad Polen toe tot de EU.
De parlementsverkiezingen van september 2005 werden gewonnen door de conservatieve Wet- en Rechtvaardigheidspartij (PiS), met 28% van de stemmen. Haar bondgenoot, het liberaal-conservatieve Burgerplatform (PO), kwam uit op 26%.
De presidentsverkiezingen van oktober 2005 werden gewonnen door de conservatief Lech Kaczynski met 54% van de stemmen.
Op 31 oktober 2005 werd een regering o.l.v. Kazimierz Marcinkiewicz geïnstalleerd waarvan alleen PiS deel uitmaakte. Op 10 november 2005 kreeg de nieuwe regering het vertrouwen van het parlement. PiS kreeg hiervoor steun van het zeer populistische Samoobrona (Zelfverdediging), de ultra-conservatieve " League of Polish Families" (LPR) en de Boerenpartij PSL. Sinds 16 november 2007 was Donald Tusk premier van Polen nadat het Burgerplatform de verkiezingen won.
In april 2010 verongelukte president Lech Kaczynski bij een vliegtuigcrash.
In juli 2010 won Bronislaw Komorowski van het centrumrechtse Burgerplatform in de tweede ronde de presidentsverkiezingen van Jaroslaw Kaczynski, de tweelingbroer van Lech Kaczynski.
In juli 2011 nam Polen voor het eerst het roulerende voorzitterschap van de EU op. De parlementsverkiezingen van oktober 2011 werden gewonnen door het Burgerplatform onder leiding van Donald Tusk. In maart 2014 is Donald Tusk nog steeds de premier.
Belarus (Wit-Rusland)
Eind jaren tachtig verloor de Sovjet-Unie langzaam haar greep op de vele lidstaten. Overal bloeide het nationalisme op en op 27 juli 1990 verklaarde Wit-Rusland zich een soevereine staat. Op 25 augustus 1991 riep Wit-Rusland haar onafhankelijkheid uit en in december 1991 vormde het samen met Oekraïne en de Russische Federatie het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS).
De eerste presidentsverkiezingen werden in juni 1994 gehouden en uiteindelijk gewonnen door Aleksandr Loekasjenko, die op dat moment voorzitter was van de parlementaire anti-corruptiecommissie. In juli stapte de regering Kebitsj op en de nieuwe premier werd de economische hervormer Michaïl Tsjigir. De overgang naar een markteconomie verliep echter zeer moeizaam en werd 1994 afgesloten met een dalende industriële productie, een gigantische inflatie en een sterk dalende levensstandaard. Bovendien verzette het Wit-Russische parlement zich hevig tegen het privatiserings-programma van de regering.
In mei 1995 werd er een referendum gehouden waarin Loekasjenko steeds meer macht kreeg. Hij kreeg zelfs steun om eventueel het parlement te ontbinden en streefde weer naar integratie met Rusland. Ook vonden er tegelijkertijd parlementsverkiezingen plaats. Loekasjenko regeerde inmiddels per decreet en legde zelfs enkele uitspraken van het Hooggerechtshof die hem niet aanstonden, naast zich neer. Hierdoor was het nog steeds mogelijk voor hem om wetten af te kondigen, te wijzigen en in te trekken. De economie, die praktisch geheel afhankelijk was van Rusland, verkeerde in een deplorabele toestand, onder andere door de hoge energieschulden aan datzelfde land. In 1996 bereikte Loekasjenko eindelijk wat hij wilde. In een nieuw referendum werd een nieuwe grondwet goedgekeurd, waarin de bevoegdheden van de president maximaal werden uitgebreid: hij kon op eigen houtje het parlement ontbinden. Het zal niet vreemd overkomen dat die situatie zich vrijwel meteen voordeed en het nieuwe parlement uit louter Loekasjenko-adepten bestond. Verder werd zijn ambtstermijn verlengd tot 2001 en in april 1996 werd er een door hem zo zeer verlangde ‘gemeenschap van economische herïntegratie’ met Rusland opgericht, die echter weinig om het lijf had. Hoewel de oppositie zich flink roerde, kon Loekasjenko ondanks alles blijven rekenen op een meerderheid van de bevolking. Internationaal raakte Wit-Rusland door al deze anti-democratische maatregelen steeds verder in een isolement.
In december 1998 tekenden Loekasjenko en de Russische president Jeltsin een overeenkomst ter oprichting van een gemeenschappelijke staat, maar met behoud van ieders soevereiniteit. Eind december tekenden Jeltsin en Loekasjenko nog een verdrag, maar ook dit verdrag stelde in de praktijk niet veel voor door de afwachtende houding van de nieuwe Russische president Poetin.
In mei 1999 organiseerden alle oppositiepartijen nieuwe presidentsverkiezingen toen de ambtstermijn van Loekasjenko verstreek. Volgens Loekasjenko was het volgens de grondwet mogelijk om de ambtstermijn te verlengen en hij werkte de verkiezingen daarom ook tegen. Kranten werd in feite censuur opgelegd, want zij mochten niets over de verkiezingen schrijven en ook politieke partijen werd verboden om mee te werken aan de verkiezingen. Daarop besloot de kiescommissie de verkiezingen ongeldig te verklaren, waardoor de verdeeldheid onder de oppositiepartijen steeds groter werd.
In maart 2000 werd Sergej Ling als premier opgevolgd door Uladzimir Yarmoshyn en volgden er demonstraties tegen Loekasjenko. Honderden demonstranten werden gearresteerd en veroordeeld tot gevangenisstraffen.
In oktober werden parlementsverkiezingen gehouden, die echter geboycot werden door een groot gedeelte van de oppositie. Het ondemocratische optreden van Loekasjenko werd ook in het buitenland sterk bekritiseerd.
De mensenrechtensituatie in Wit-Rusland werd steeds meer bekritiseerd vanuit het buitenland, en dat leidde tot een verdere isolatie van president Loekasjenko. President Poetin van Rusland stelde voor om Wit-Rusland volledig te integreren in de Russische Federatie door het overnemen van de Russische grondwet, munt en taal en de aanwijzing van een staatshoofd. Loekasjenko wees het voorstel verontwaardigd af.
Voor de presidentsverkiezingen in maart 2006 kwam de verenigde oppositie met een gezamenlijke kandidaat, Alexander Milinkevitsj. Ook een andere oppositiekandidaat, Kozulin, nam deel aan de verkiezingen. De oppositie werd in de aanloop van deze verkiezingen, evenals in de jaren daarvoor, belemmerd door intimidatie van overheidszijde en gebrek aan toegang tot de staatsmedia. Belangrijke oppositiepartijen zijn het Belarussische Volksfront, de Verenigde Burgerpartij, de Belarussische Sociaaldemocratische Partij en Hramada. Milinkevitsj kreeg officieel slechts 6% van de stemmen, terwijl Loekasjenko officieel ruim 82% van de stemmen kreeg. Gezien de maandenlange intimidatie van aanhangers van de oppositie en het gebrek aan transparantie in het tellen van de stemmen bij de verkiezingen, heeft de internationale gemeenschap de presidentsverkiezingen noch vrij noch eerlijk verklaard.
In de jaren 2007 en 2008 was er een slepend conflict met Rusland over gas- en olieleveranties. In juni 2008 besloot Wit-Rusland tot de bouw van een kerncentrale waarvoor een internationale tender werd uitgeschreven. Bij de verkiezingen van september 2008 wonnen de regeringskandidaten alle 110 zetels in het parlement. In oktober schortte de EU het reisverbod van president Loekasjenko op om democratische hervormingen aan te moedigen. In april 2009 bezocht Loekasjenko Vaticaanstad tijdens zijn eerste West-Europese bezoek sinds 1995. Ook in 2010 werd er door Rusland en Wit-Rusland geruzied over olie en gastoevoer. In januari 2011 werd Loekasjenko voor een vierde termijn ingezworen als president. In 2011 raakte Wit-Rusland financieel in de problemen en sloot het een deal om Russisch gas goedkoper te krijgen. In ruil daarvoor kreeg Gazprom zeggenschap over de pijpleiding in Wit-Rusland. Ook in 2012 en 2013 beef het onrustig in Wit-Rusland en waren er problemen met de EU. De oppositie dreigde met het boycotten van verkiezingen.
Nederlandse ambassade in Warschau
In deze inventaris zijn de archiefbescheiden opgenomen van de Nederlandse ambassade in Polen te Warschau over de periode 1975-2013.
De Nederlandse ambassade in Polen was tevens geaccrediteerd voor Belarus (Wit-Rusland). Sinds de onafhankelijkheid van Belarus op 25 augustus 1991 worden de Nederlandse belangen in Belarus behartigd door de Nederlandse Ambassade te Warschau.
Naast de Nederlandse Ambassade waren in Polen ook gevestigd:
- Gdansk, consulaat, vanaf 1992
- Gdynia, consulaat, 1948-1992
- Poznán, consulaat, 1993-2012
- Warschau, consulaat, 1947-1998
- Wroclaw, consulaat, 1994-2013
In Belarus (de republiek Wit-Rusland):
- Minsk, consulaat, vanaf 1995
Een bijzondere taak van de ambassade was de behartiging van Israëlische belangen in Polen. De ambassade verricht deze taak vanaf juni 1967 na de verbreking van de diplomatieke betrekkingen tussen Polen en Israël.
De namen van de chefs de poste van de ambassade in Polen staan hieronder opgenoemd. Achter de naam van elke chef de poste staat vermeld tot en met welk jaar deze de functie bekleedde.
- Pelt, W.F. (1973-1977)
- Korthals Altes, E.J. (1977-1980)
- Kun, J.L. van der (1980-1983)
- Vijverberg, H.A.L. (1984-1986)
- Hanswijck de Jonge, C.M.M.H.R. van (1986-1988)
- Semeyns de Vries van Doesburgh, J.W. (1988-1993)
- Gosses, S.I.H. (1993-1995), accreditatie: Belarus
- Wehry, G.A.H. (1995-1999), accreditatie: Belarus
- Visser, J.J. de (1999-2002), accreditatie: Belarus
- Craanen, J.E. (2002-2006), accreditatie: Belarus
- Krop, M. (2006-2009), accreditatie: Belarus
- Kurpershoek, M. (2009-2013), accreditatie: Belarus
Hieronder volgt een algemene beschrijving over de Nederlandse vertegenwoordigingen in het buitenland.
Taken ambassade
De werkzaamheden van de bilaterale posten kunnen verdeeld worden in politieke aangelegenheden, economische aangelegenheden, ontwikkelingssamenwerking, pers- en culturele aangelegenheden, consulaire aangelegenheden en algemene zaken. Hieronder volgt een weergave van de taken:
Politieke Zaken (PZ):
- het volgen van de binnenlandse en buitenlandse politieke ontwikkelingen in het land van accreditatie; het rapporteren aan de Nederlandse regering omtrent de voor Nederland relevante ontwikkelingen, opdat die bij het formuleren van haar beleid daar rekening mee kan houden;
- het uitdragen van het Nederlandse politieke beleid;
- het behartigen van de belangen van andere landen; dit omvat de behartiging van de politieke belangen van Luxemburg.
Economische Zaken (EZ):
De economische werkzaamheden kunnen worden onderscheiden in macro-, meso- en micro-economische.
Macro-economisch:
- het opstellen van algemene economische rapportages over macro-economische ontwikkelingen in het land van accreditatie, overheidsmaatregelen, monetaire kwesties, energievoorziening, milieuhygiëne, lucht- en scheepvaartaangelegenheden;
- het vergaren van handelspolitieke informatie en het leveren van inspanningen, met name daar waar de handel op beperkende maatregelen stuit;
- het toezenden van economisch-statistisch materiaal;
- het verstrekken van inlichtingen aan de overheid en het bedrijfsleven van het land van vestiging over economische ontwikkelingen en mogelijkheden tot economische samenwerking met Nederland;
- het uitdragen van het Nederlandse beleid op economisch terrein.
Meso-economisch:
- het berichten over afzetmogelijkheden, ontwikkelingen in het bedrijfsleven, fusies, buitenlandse investeringen, concurrentie van derde landen;
- het geven van voorlichting over Nederlandse leveringsmogelijkheden van goederen en diensten;
- het doen van meldingen over ontwikkelingsprojecten en overheidsaanbestedingen;
- het aantrekken van industriële projecten voor Nederland door middel van voorlichting, bemiddeling, etc.;
- het berichten over economische missies die West-Europa bezoeken en hulp aan Nederlandse missies in het ambtsgebied;
- het berichten over beurzen en tentoonstellingen in het land van vestiging en hulp bij Nederlandse deelname aan beurzen.
Micro-economisch: Het ondersteunen en begeleiden van Nederlandse exporteurs in de vorm van:
- handelsbemiddeling;
- voorlichting aan Nederlandse zakenlieden en introducties bij overheid en bedrijfsleven;
- bemiddeling bij handelsgeschillen.
Ontwikkelingssamenwerking (OS):
De werkzaamheden in het kader van ontwikkelingssamenwerking houden in:
- het analyseren van het ontwikkelingsbeleid van het betrokken land;
- het nagaan van de plaats die Nederland in de samenwerking op dit gebied zou kunnen innemen;
- het vaststellen van doelgroepen waarop het samenwerkingsbeleid gericht kan zijn;
- het adviseren omtrent de aanvaardbaarheid en uitvoerbaarheid van individuele projecten;
- het voorbereiden, uitvoeren en evalueren van Kleine Ambassade Projecten (KAP);
- het toezicht houden op en berichten over de voortgang van projecten;
- het begeleiden van uit te zenden deskundigen, huisvesting, financiering, hulp bij import van goederen;
- het bemiddelen bij de invoer van materieel voor hulpprojecten;
- het behandelen van financiële aspecten.
Consulaire Zaken (CZ):
Ten behoeve van Nederlanders:
Het zorg dragen voor de Nederlandse kolonie en Nederlandse toeristen in het buitenland. De meest voorkomende werkzaamheden hiervoor zijn:
- het verstrekken, verlengen en wijzigen van reisdocumenten voor Nederlanders, alsmede diplomatieke, consulaire en dienstpaspoorten;
- het opmaken van legalisaties;
- het verstrekken van juridische adviezen;
- het leveren van bijstand bij het opstellen van notariële akten;
- het opmaken van akten van huwelijkstoestemming;
- het in bewaring nemen van holografische en geheime testamenten;
- het opmaken van volmachten;
- het registreren van opgemaakte akten in een repertorium;
- het opmaken van akten van de burgerlijke stand;
- het regelen van dienstplichtzaken;
- het zorgen voor repatriëring;
- het overbrengen van gerechtelijke stukken, het bijstaan van rogatoire commissies, het opmaken van legalisaties en het verrichten van andere juridische handelingen.
Ten behoeve van buitenlanders:
- het verlenen van visa voor bezoeken aan Nederland korter dan drie maanden of het verstrekken van een ‘machtiging voorlopig verblijf’ bij een verblijf langer dan drie maanden;
- het doorzenden van asielverzoeken;
- het inlichten van buitenlandse autoriteiten over Nederland.
Pers- en culturele zaken (PCZ):
Het bevorderen en verbreiden van kennis van het leven en denken van het Nederlandse volk, zijn staatkundige, economische en sociale structuur, zijn cultuur en zijn historie, en over de beginselen en feitelijke gegevens die daarbij een rol spelen. De diplomatieke post heeft tot taak het ontwikkelen van activiteiten en het aankweken en onderhouden van relaties die de banden tussen beide landen kunnen verstevigen. Concreter betekent dit:
- het medewerken aan de uitvoering van bilaterale afspraken en verdragen op cultureel en wetenschappelijk gebied;
- het deelnemen aan het internationale culturele verkeer;
- het profijt trekken uit multilaterale samenwerkingsvormen op dit gebied alsmede het uitdragen van Nederlandse standpunten;
- het onderhouden van contacten met de lokale pers teneinde publicaties over Nederland te stimuleren en waar nodig onjuiste voorlichting te corrigeren.
Algemene zaken (AZ)
De afdeling Algemene Zaken is belast met de ondersteunende, secundaire taken op een post, dat wil zeggen zaken met betrekking tot:
- personeel;
- informatievoorziening, automatisering;
- organisatie;
- financieel beheer;
- archief;
- communicatie;
- huisvesting;
- vervoer.
Geschiedenis van het archiefbeheer
De archieven van de buitenlandse posten van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (BZ) werden op de post zelf geordend en geselecteerd conform instructies, opgesteld door de centrale archiefafdeling op het departement en neergelegd in een archiefinstructiebundel. De archiefinstructiebundel heeft in de loop der jaren grotere en kleinere revisies ondergaan. De belangrijkste was de introductie van de archiefinstructiebundel 'Archiefzorg op de posten' in 1999. Deze archiefinstructie introduceerde een nieuwe primaire, hiërarchische ordening op trefwoord en verving de oude ordening op basis van de Archiefcode BZ, afgeleid van de Universele Decimale Code (UDC).
In 2014 is besloten om alle postenarchieven over de periode 1975-2013 te bewerken. Het zogenaamde archiefblok 'Postenarchieven' bestaat uit de volgende onderdelen:
- Archiefbescheiden over de periode 1975-1984, code-archief
- Archiefbescheiden over de periode 1985-1990, code-archief
- Archiefbescheiden over de periode 1990-2013
Archiefbescheiden uit de periode voor 1975 zijn in een eerder stadium overgedragen aan het Nationaal Archief. Zie daarvoor 'Verwante archieven'.
De archiefbescheiden over de periode 1975-1984 zijn grotendeels rond 2005 overgebracht naar Nederland. Ook het archief over de periode 1985-1990 is later voor een belangrijk deel overgebracht naar Nederland. De archiefbescheiden over de periode vanaf 1990 zijn of worden voor aanvang van de archiefbewerking in zijn totaliteit overgebracht naar Nederland in het kader van actie 'Papier Hier'. Dit project is gericht op het afbouwen van de bestaande papieren archieven op departementen en posten. Met deze actie worden eveneens de nog niet naar Nederland overgebrachte dossiers uit de periode voor 1990 meegenomen.
De archieven zijn in beheer bij Doc-Direkt/Buitenlandse Zaken.
In 2014 is het archief van de Ambassade in Polen bewerkt door Doc-Direkt, locatie Winschoten.
De verwerving van het archief
Het archief is in 2015 door Ministerie van Buitenlandse Zaken overgebracht naar het Nationaal Archief, krachtens artikel 12 van de Archiefwet 1995
Inhoud en structuur van het archief
Inhoud
Het archief bevat stukken ontvangen en opgemaakt door de Nederlandse ambassade in Polen over de periode 1975-2013. Vanaf 25 augustus 1991 is de Nederlandse ambassade in Polen tevens geaccrediteerd voor Belarus (Wit-Rusland). Het archief bevat archiefstukken aangaande Belarus over de periode 1992-2013.
Het betreft stukken over de organisatie en taken van de ambassade op het gebied van consulaire, economische, culturele en politieke zaken.
Het archief bevat onder andere stukken over:
- onderzoek naar oorlogsmisdadiger P.N. Menten;
- voormalig concentratiekamp Auschwitz-Birkenau;
- economische en politieke hervormingen in Polen;
- verhoudingen tussen de staat en de kerk in Polen;
- toetreding van Polen tot de Europese Unie (EU);
- staatsbezoek van koningin Beatrix en prins Claus van 2 - 4 juli 1997 aan Polen;
- politieke situatie in Belarus;
Selectie en vernietiging
De selectie heeft plaatsgevonden aan de hand van de volgende vastgestelde Basis Selectie Documenten (BSD's):
- [015] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Rijksbegroting over de periode 1945–2000, 25 januari 2005/Nr. C/S/05/138 (Stcrt. 31 maart 2005, nr. 62)
- [045] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Rijkshuisvesting over de periode vanaf 1945, 12 maart 2007/Nr. C/S&A/07/524 (Stcrt. 26 juli 2007, nr. 142)
- [075] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Formatiebeleid, arbeidsmarktbeleid en personeelsontwikkeling en mobiliteit over de periode 1945–, 11 september 2007/Nr. C/S&A/07/2237 (Stcrt. 12 oktober 2007, nr. 198)
- [077] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Personeelsinformatievoorziening en -administratie over de periode 1945–, 11 september 2007/C/S&A/07/2238 (Stcrt. 16 oktober 2007, nr. 200)
- [103A] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Buitenland over de periode 1945–1990, 18 december 2013 NA/2013/13.044 (Stcrt. 31 december 2013, nr. 36665)
- [103B] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Ontwikkelingssamenwerking over de periode 1965-1990, 18 december 2013 NA/2013/13.045 (Stcrt. 31 december 2013, nr. 36668)
- [143] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Organisatie van de Rijksoverheid over de periode 1945–1999, 5 juli 2005/Nr. C/S&A/05/1197 (Stcrt. 16 december 2005, nr. 245 / pag. 25). Rekening houdend met de actualisatie in de Stcrt. 14 juni 2007, nr. 112 / p. 10.
- [186] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Nederlands buitenlands beleid over de periode vanaf 1990’, 18 december 2013, NA/2013/12.299 (Stcrt. 31 december 2013, nr. 36667).
De archiefstukken die voor vernietiging in aanmerking kwamen, zijn na verkregen toestemming van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, afgevoerd door Reisswolf Nederland BV en daar op de gebruikelijke wijze vernietigd.
Aanvullingen
Het is mogelijk dat in de toekomst alsnog dossiers worden nagezonden. Om die reden is het mogelijk dat er voor dit archief nog aanvullingen komen.
Verantwoording van de bewerking
Als basis voor de bewerking werd een Archiefbewerkingsplan (ABP Postenarchieven 1975-2013) opgesteld, dat in november 2013 werd ondertekend door Doc-Direkt, het Ministerie van Buitenlandse Zaken en het Nationaal Archief. Hierin zijn de afspraken met betrekking tot de selectie, ontsluiting, materiële verzorging en overbrenging geregeld voor de postenarchieven uit de periode 1975-2013. Vervolgens werd voorafgaand aan de bewerking een werkinstructie opgesteld.
Voor de bewerking van dit archief is ook rekening gehouden met het ABP voor de archieven van de buitenlandse posten van het Ministerie van Buitenlandse Zaken in de periode vanaf 1990 (ABP posten 1990-heden). Dit ABP, ondertekend door het Ministerie van Buitenlandse Zaken en het Nationaal Archief, bevat de uitkomst van een onderzoek naar de gemaakte selectiebeslissingen op basis van de door de posten gehanteerde archiefinstructies ten opzichte van de geldende selectielijsten. Het resultaat was dat op de door de posten gemaakte beslissingen een aantal correcties moest worden doorgevoerd. De correcties hebben vooral betrekking op de rubriek Algemene Zaken, waarbij met name dossiers inzake de bedrijfsvoering (o.a. huisvesting, financiën en personeel), op grond van eerdergenoemde selectielijsten, alsnog voor vernietiging zijn aangemerkt.
De omvang van het archief voor aanvang van de bewerking was 126,6 meter. Door de Nederlandse ambassade in Warschau was reeds 86,875 meter als zijnde (op termijn) te vernietigen aangemerkt en 27 meter als zijnde te bewaren. Verder is 2,875 meter aan dynamisch archief niet bewerkt. Het overige materiaal was niet geselecteerd. De selectiebeslissingen zoals uitgevoerd door de ambassade zijn gehandhaafd, tenzij er correcties doorgevoerd moesten worden. Het overige materiaal is met de geldende selectielijsten geselecteerd.
Na bewerking van het archief is in totaal 28,75 meter archief voor bewaring overgebleven. De archiefstukken die voor bewaring in aanmerking komen zijn overgedragen aan het Nationaal Archief. Van de te vernietigen stukken zijn vernietigingslijsten opgesteld en deze zijn aan het ministerie van Buitenlandse Zaken ter beschikking gesteld, als bijlage bij het voorstel voor vernietiging.
Bij de beschrijvingen van de in de inventaris opgenomen dossiers ontbreekt in veel gevallen een actieve handeling. Dit heeft te maken met de wijze van opbergen van de documenten, nl. op onderwerp. In deze dossiers zijn alle aspecten met betrekking tot de uitvoering van de taak (volgen, analyseren en becommentariëren) ten aanzien van een bepaald onderwerp verzameld. Een zaak of werkproces is niet duidelijk aan te wijzen. De dossiers bestaan voor een groot deel uit berichtenverkeer tussen de post en het departement, correspondentie met diverse instellingen en particulieren.
Het beginjaar van het archief is 1975. Incidenteel bevinden zich in het archief stukken van vóór de begincesuur. Uit praktische overwegingen zijn deze stukken opgenomen in deze inventaris. Het eindjaar van het archief is 2013.
Ten behoeve van de overbrenging naar het Nationaal Archief dient het archief onder andere te voldoen aan de eisen met betrekking tot de duurzaamheid van archiefbescheiden zoals vastgelegd in de Archiefregeling 2009. Concreet betekent dit dat de volgende stappen zijn uitgevoerd:
- alle ijzerwerk (paperclips, nietjes, hechtmechanieken e.d.) is verwijderd;
- foto's, lichtdrukken en andere materialen die aan sterkere chemische reacties dan goed papier onderhevig zijn, zijn voorzien van afzonderlijke fourflaps;
- omslagen, archiefdozen en etiketten voldoen aan de ICN-kwaliteitseis.
Ordening van het archief
Het archief is primair op rubriek geordend. De rubrieksindeling is gebaseerd op de in de archiefinstructiebundel 'Archiefzorg op de posten' van 1999 geïntroduceerde primaire, hiërarchische ordening met trefwoorden. Binnen de rubrieken zijn de dossiers zoveel mogelijk chronologisch geordend.
Dossiers oorspronkelijk geordend op basis van de Archiefcode BZ zijn, om een uniforme wijze van ordening te krijgen, overgezet naar de indeling op trefwoord. Dit was mogelijk, aangezien de overstap van een ordening op code naar die op trefwoord nagenoeg niets aan de bestaande dossiervorming veranderde. Daardoor was het mogelijk de oude code-ordening van een dossier om te zetten naar de nieuwe trefwoord-ordening.
Aanwijzingen voor de gebruiker
Openbaarheidsbeperkingen
Deels openbaar, deels beperkt openbaar (B), deels niet openbaar.
Beperkingen aan het gebruik
Reproductie van originele bescheiden uit dit archief is, behoudens de algemene regels die gelden voor het kopiëren van stukken, niet aan beperkingen onderhevig. Er zijn geen beperkingen krachtens het Auteursrecht.
Materiële beperkingen
Het archief kent geen beperkingen voor het raadplegen van stukken als gevolg van kwetsbare of slechte materiële staat.
Andere toegang
Voor dit archief is geen andere toegang beschikbaar
Aanvraaginstructie
Openbare archiefstukken kunnen online worden aangevraagd en gereserveerd. U kunt dit ook via de terminals in de studiezaal van het Nationaal Archief doen. Om te kunnen reserveren dient u de volgende stappen te volgen:
- Creëer een account of log in.
- Selecteer in de archiefinventaris een archiefstuk.
- Klik op ‘Reserveer’ en kies een tijdstip van inzage.
Citeerinstructie
Bij het citeren in annotatie en verantwoording dient het archief tenminste éénmaal volledig en zonder afkortingen te worden vermeld. Daarna kan worden volstaan met verkorte aanhaling.
VOLLEDIG:
Nationaal Archief, Den Haag, Nederlandse Dipolmatieke Vertegenwoordiging in Polen (Warschau) , nummer toegang 2.05.387, inventarisnummer ...
VERKORT:
NL-HaNA, Buza / Ambassade Polen , 2.05.387, inv.nr. ...
Verwant materiaal
Bewaarplaats van originelen
Niet van toepassing
Inventarisnummers van dit archief zijn niet in kopievorm beschikbaar
Afgescheiden archiefmateriaal
Niet van toepassing
Inventaris van het archief van het Nederlandse Gezantschap, later de Ambassade in Polen, 1955-1974, NA nr. 2.05.240
Bijlagen
Geen bijlagen