Terug naar zoekresultaten

2.05.393 Inventaris van de archieven van de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordigingen in Griekenland (1918) 1975-2012, (1918) 1975-2012 [DEELS GEANONIMISEERD]

Voer een zoekterm in
VorigeVolgende

Archief

Titel

2.05.393
Inventaris van de archieven van de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordigingen in Griekenland (1918) 1975-2012, (1918) 1975-2012 [DEELS GEANONIMISEERD]

Auteur

Doc-Direkt

Versie

22-08-2024

Copyright

Nationaal Archief, Den Haag
2015 cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok

Nederlandse diplomatieke vertegenwoordigingen in Griekenland
BuZa / Ambassade en Consulaten Griekenland

Periodisering

archiefvorming: 1975-2012
oudste stuk - jongste stuk: 1918-2012

Archiefbloknummer

Z300

Omvang

691 inventarisnummer(s) 15,10 meter

Taal van het archiefmateriaal

Het merendeel der stukken is in het.
Nederlands

Soort archiefmateriaal

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten. Bevat tevens foto's, tekeningen en digitale dragers.

Archiefdienst

Nationaal Archief

Locatie

Den Haag

Archiefvormers

Nederlandse ambassade te Athene ((1918) 1975-2012) Consulaat te Rhodos (1963-1984) Consulaat te Piraeus (1978-1999)

Samenvatting van de inhoud van het archief

Het archief bevat stukken ontvangen en opgemaakt door de Nederlandse ambassade in Griekenland te Athene over de periode 1975-2012. Tevens zijn in deze inventaris opgenomen de gedeponeerde archieven van het consulaat te Rhodos over de periode 1963-1984 en het consulaat te Piraeus over de periode 1978-1999.
Het betreft stukken over de organisatie en taken van de ambassade/consulaten op het gebied van consulaire, economische, culturele en politieke zaken.

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer
Algemeen historisch kader
Op 25 november 1973 werd het kolonelsbewind van Papadopoulos ten val gebracht door een aantal generaals o.l.v. brigadegeneraal Joannidis, een van zijn vroegere medestanders. Door de slechte economische situatie en door de afgang in de Cyprus-kwestie (de Turken landden in 1974 aan de noordkust van Cyprus terwijl het Griekse bewind machteloos moest toekijken) eisten een groot aantal officieren dat de militairen plaats moesten maken voor een burgerregering.
In juli 1974 werd besloten om oud-premier Karamanlis uit Parijs terug te roepen, en hij stelde een "kabinet van nationale Eenheid" aan. De grondwet van 1952 werd ook weer in werking gesteld en de staatsvorm zou door middel van een referendum gekozen worden.
De onderhandelingen met de Turken over Cyprus mislukten en in augustus 1974 veroverden de Turken bijna 40% van het eiland, waarna de situatie aan de Verenigde Naties werd voorgelegd.
Op 17 november 1974 werden de verkiezingen met een ruime meerderheid (56%) gewonnen door de partij van Karamanlis, de Nieuwe Democratie (ND). Het derde kabinet-Karamanlis hield een referendum over de staatsvorm en bijna 70% van de stemmers was tegen een terugkeer van de monarchie. In juni 1975 werd er een nieuwe grondwet aangenomen en werd K. Tsatsos de nieuwe president.
In de loop van 1976 namen de spanningen tussen Griekenland en Turkije weer toe en ontstond over de status van Egeïsche Zee ook een meningsverschil. Ook de terugkeer van Griekenland in de bevelsstructuur van de NAVO ging met veel problemen gepaard omdat ook Turkije lid was van het bondgenootschap. Pas in maart 1978 trad er enige verbetering op in de betrekkingen met Turkije.
De verkiezingen van 20 november 1977 werden weer gewonnen door Karamanlis en in zijn vierde regeerperiode trad Griekenland toe tot de Europese Gemeenschap en werd hij in 1980 tot president gekozen. In 1981 werd de Panhelleense Socialistische Partij (PASOK) de grootste partij van het land en Andreas Papandreou minister-president. Zijn voorgenomen hervormingen, o.a. op sociaal gebied, konden maar gedeeltelijk gerealiseerd worden. In 1985 werd de partijloze Christos Sartzetakis tot president gekozen en verloor de PASOK bij de verkiezingen de absolute meerderheid. Als grootste partij mocht de PASOK echter wel doorregeren.
De verkiezingen van 1989 leverden weer geen winnaar op en tot april 1990 werd Griekenland geregeerd door een aantal interim-kabinetten. Konstantinos Mitsotakis lukte het om een ND-regering te formeren en Karamanlis werd weer tot staatshoofd gekozen. Vanaf 1990 leverden de vele vluchtelingen uit Albanië grote problemen op in Griekenland. De relatie met de andere EG-landen kwam onder druk te staan door de kwestie-Macedonië. De Grieken hielden de erkenning door de EG van de onafhankelijke republiek Macedonië tegen omdat men bang was dat de Macedoniërs aanspraken zouden gaan maken op de Griekse provincie met dezelfde naam.
In 1993 mocht ex-koning Constantijn Griekenland weer als "burger" bezoeken. In datzelfde jaar won de PASOK van Papandreou de verkiezingen en hij werd dan ook de nieuwe premier. In maart 1995 trad president Karamanlis af en werd opgevolgd door Kostas Stefanopoulos, een partijloze politicus.
De betrekkingen met Turkije bereikten een dieptepunt in januari 1996 over aanspraken op een piepklein onbewoond Grieks eilandje. Het ging zelfs zover dat er bijna een oorlog uitbrak tussen de twee landen. In juni overleed premier Papandreou die al in januari was opgevolgd door Konstantinos Simitis. In september werden er vervroegde verkiezingen gehouden die werden gewonnen door de PASOK, die haar meerderheid in het parlement behield.
In het slepende conflict met Albanië over de positie van de Griekse minderheid in dat land en de in Griekenland werkende Albanezen leek verbetering te komen door de ondertekening in maart 1996 van een vriendschapsverdrag.
De relatie met Turkije bleef gespannen. In februari 1997 dreigde Athene de uitbreiding van de Europese Unie met Oost-Europese landen te blokkeren, als de Turks-Cyprioten zouden mogen deelnemen aan de onderhandelingen over de toetreding van Cyprus. Tot zeer grote spanningen leidde het feit dat Griekenland in 1998 het omstreden Grieks-Cypriotische besluit tot aanschaf van Russische luchtafweerraketten verdedigde.
Griekenland wijzigde deze opstelling toen Turkije aankondigde de plaatsing als een oorlogshandeling te beschouwen. In juni 1998 dwarsboomde de Griekse regering een EU-voorstel voor economische hulp aan Turkije, waarmee de EU de betrekkingen met Turkije wilde verbeteren.
In februari 1999 arresteerden Turkse commando’s de Koerdische PKK-leider Öcalan, nadat hij de Griekse ambassade in Kenia, waar hij zijn toevlucht had gezocht, had verlaten. Ernstige fouten van Griekse zijde hadden de arrestatie mogelijk gemaakt en brachten de Griekse regering in een lastig parket, temeer daar de Griekse bevolking – die sympathiseerde met de Koerdische onafhankelijkheidsstrijd – het voorval interpreteerde als een vernedering door aartsvijand Turkije. Premier Simitis ontsloeg drie ministers die hij mede verantwoordelijk hield voor de fouten, onder wie minister van Buitenlandse Zaken Theodoros Pangalos. Deze werd opgevolgd door Georgios Papandreou, de zoon van staatsman Andreas Papandreou.
Griekenland nam als lid van de NAVO in 1999 een dubbelzinnige houding aan in de Kosovo-oorlog. Het Griekse volk voelt zich traditioneel verbonden met het Servische dat ook het orthodox-christelijke geloof aanhangt. Een grote meerderheid van de Grieken was fel tegen de NAVO-aanvallen die vanaf eind maart op Servië werden uitgevoerd. De Griekse regering deed aanvankelijk een beroep op de NAVO de bombardementen te staken, maar moest onder druk van de Verenigde Staten haar positie herzien. Dit bracht premier Simitis in een netelige situatie, omdat hij de nationalisten in zijn partij tevreden moest zien te houden en anti-NAVO-acties in Griekenland voortduurden. De samenwerking met de NAVO ging dan ook niet van harte. Begin 1999 viel het Grieks-Cyprische besluit af te zien van de plaatsing van Russische S300 luchtdoelraketten. Dit verminderde aanvankelijk de Grieks-Turkse spanningen. De Grieken kwamen echter niet onder hun contract met Rusland uit. Op 9 februari tekenden Cyprus en Giekenland een verdrag over de plaatsing van de raketten op Kreta. Turkije reageerde als door een wesp gestoken. De betrekkingen met Turkije verbeterden echter aanzienlijk nadat dit land op 17 augustus door een zware aardbeving werd getroffen. Griekenland kwam Turkije onmiddellijk rechtstreeks te hulp en steunde een EU-voorstel voor een grootschalig hulpprogramma. Minister van Buitenlandse Zaken Papandreou gaf de nieuwe koers vorm en startte een voorzichtige politiek van bilaterale samenwerking. Deze bereikte begin oktober 1999 een hoogtepunt tijdens een bezoek aan Turkije, toen Papandreou aankondigde dat Griekenland niet langer het Turkse lidmaatschap van de EU in de weg zou staan.
Met ruime meerderheid koos het Griekse parlement op 8 februari 2000 Kostas Stefanopoulos voor een tweede termijn van vijf jaar tot president. Bij de parlementsverkiezingen op 9 april 2000 werd Nieuwe Democratie in een spannende race verslagen door PASOK. PASOK behaalde 43,8% van de stemmen, tegenover 42,7% voor Nieuwe Democratie. De verkiezingsuitslag zorgde niet voor ingrijpende kabinetswijzigingen. Direct na zijn overwinning verklaarde premier Simitis dat hij politieke continuïteit nastreefde in verband met de gewenste Griekse toetreding tot de Economische en Monetaire Unie (EMU) en de toenadering tot Turkije. Op 25 april 2000 ging het parlement akkoord met het nieuwe regeringsprogramma, met onder meer als kernpunt versterking van de positie van Griekenland binnen de Europese Unie.
De verkiezingsoverwinning van PASOK stelde premier Simitis in staat zijn succesvolle economische bezuinigingspolitiek voort te zetten. In het voorjaar 2000 bedroeg de inflatie voor het eerst in 30 jaar slechts 2,9%. Hiermee kwalificeerde Griekenland zich voor deelname aan de Europese Monetaire Unie. Het Europees parlement nam op 18 mei 2000 met grote meerderheid een resolutie aan waarin werd gepleit voor Griekse toetreding tot de eurozone per 1 januari 2001. Op 19 juni volgde de officiële goedkeuring van de Raad van Ministers.
Sinds Griekenland en Turkije in 1999 werden getroffen door zware aardbevingen, is er sprake van voorzichtige toenadering tussen beide landen. In 2000 werden vijf samenwerkingsverdragen getekend op het gebied van economie, wetenschap, cultuur, maritieme handel en de douane. In oktober namen beide landen deel aan een gemeenschappelijke NAVO-oefening in de Egeïsche Zee, waarbij de geplande aanwezigheid van Griekse militairen en materieel op Turks territorium aanvankelijk als een doorbraak werd gezien.
De relatie kwam echter weer onder druk te staan toen een oud militair meningsverschil over het luchtruim van twee Griekse eilanden weer opspeelde. Uiteindelijk trok Griekenland zich terug uit de oefening. Sinds maart 2004 had de ND een regering gevormd onder leiding van premier Karamanlis. Giorgos Papandreou was leider van de oppositiepartij PASOK.
Griekenland heeft helaas nog steeds te maken met geweld, dat wordt gepleegd door extreemlinkse (anarchistische) groeperingen. Eind 2005 werden o.a. aanslagen gepleegd op de Ministeries van Ontwikkeling en Financiën. Anarchisten veroorzaken in Athene vaak onrust, door banken en andere gebouwen in brand te steken met gasflesjes.
In september 2007 kreeg Karamanlis mandaat voor een nieuwe periode. In maart 2008 blokkeerde Griekenland de toegang van Macedonië tot de NAVO in verband met een ruzie over de naamgeving van deze voormalig Joegoslavische republiek. In oktober 2009 won de PASOK de verkiezingen en werd George Papandreou de nieuwe premier.
Eind 2009 begon de volle omvang van de Griekse schuldencrisis door te dringen. Griekenland werd niet langer kredietwaardig geacht vanwege de veel te hoge staatsschuld. Papandreou kondigde forse bezuinigingen aan, die tot rellen met de bevolking leiden. Er werd hard ingegrepen in de publieke sector en de pensioenleeftijd ging fors omhoog. In februari 2010 beloofden de Europese regeringsleiders dat ze Griekenland gaan helpen bij het oplossen van de schuldencrisis, maar wel tegen harde voorwaarden. In april en mei kwam er een gigantisch bedrag ter beschikking. Griekenland moest in ruil hiervoor nog harder bezuinigen. De vakbonden riepen op tot een algemene staking.
Nederlandse ambassade in Athene
In deze inventaris zijn de archiefbescheiden opgenomen van de Nederlandse ambassade in Griekenland te Athene over de periode 1975-2012. Tevens zijn in deze inventaris de gedeponeerde archieven van het consulaat te Rhodos over de periode 1963-1984 en het consulaat te Piraeus over de periode 1978-1999 opgenomen.
Naast de Nederlandse ambassade waren/zijn in Griekenland ook gevestigd:
  • Alexandropoulis, consulaat, 2009-heden
  • Corfu, consulaat, 1945-heden
  • Herakleion, consulaat, 1945-heden
  • Hermoupolis, vice-consulaat, 1996-2009
  • Ioannina, consulaat, 2007-heden
  • Kalamata, vice-consulaat, 1945-heden
  • Kavala, vice-consulaat, 1945-2008
  • Kos, bijkantoor, 1992-2004
  • Mitilini, vice-consulaat, 1945-2008
  • Patras, consulaat, 1945-heden
  • Piraeus, consulaat, 1945-heden
  • Rhodos, consulaat, 1949-heden
  • Samos, vice-consulaat 1945-heden
  • Siros, consulaat, 1945-1950 / 1955-1996
  • Thessaloniki, consulaat, 1945-heden
  • Volos, vice-consulaat, 1945-heden
  • Zante, vice-consulaat, 1945-1958 / 1964-1984
De namen van de chefs de poste van de ambassade in Griekenland staan hieronder opgenoemd. Achter de naam van elke chef de poste staat vermeld tot en met welk jaar deze de functie bekleedde.
  • Calkoen, A.F., 1975-1978
  • Hoop Scheffer, J.G.N. de, 1979-1981
  • Pesch, R., 1982-1985
  • Barneveld Kooy, G.W. van, 1985-1988
  • Vijverberg, H.A.L., 1989-1994
  • Wagenmakers, H., 1994-1998
  • Brouwer, P.R., 1998-2004
  • Förster, J.A.F.M., 2004-2008
  • Rij, K. van, 2008-2012
  • Versteeg, J., 2012-
Hieronder volgt een algemene beschrijving over de Nederlandse vertegenwoordigingen in het buitenland.
Taken ambassade
De werkzaamheden van de bilaterale posten kunnen verdeeld worden in politieke aangelegenheden, economische aangelegenheden, ontwikkelingssamenwerking, pers- en culturele aangelegenheden, consulaire aangelegenheden en algemene zaken. Hieronder volgt een weergave van de taken:
Politieke Zaken (PZ):
  • het volgen van de binnenlandse en buitenlandse politieke ontwikkelingen in het land van accreditatie; het rapporteren aan de Nederlandse regering omtrent de voor Nederland relevante ontwikkelingen, opdat die bij het formuleren van haar beleid daar rekening mee kan houden;
  • het uitdragen van het Nederlandse politieke beleid;
  • het behartigen van de belangen van andere landen; dit omvat de behartiging van de politieke belangen van Luxemburg.
Economische Zaken (EZ):
De economische werkzaamheden kunnen worden onderscheiden in macro-, meso- en micro-economische.
Macro-economisch:
  • het opstellen van algemene economische rapportages over macro-economische ontwikkelingen in het land van accreditatie, overheidsmaatregelen, monetaire kwesties, energievoorziening, milieuhygiëne, lucht- en scheepvaartaangelegenheden;
  • het vergaren van handelspolitieke informatie en het leveren van inspanningen, met name daar waar de handel op beperkende maatregelen stuit;
  • het toezenden van economisch-statistisch materiaal;
  • het verstrekken van inlichtingen aan de overheid en het bedrijfsleven van het land van vestiging over economische ontwikkelingen en mogelijkheden tot economische samenwerking met Nederland;
  • het uitdragen van het Nederlandse beleid op economisch terrein.
Meso-economisch:
  • het berichten over afzetmogelijkheden, ontwikkelingen in het bedrijfsleven, fusies, buitenlandse investeringen, concurrentie van derde landen;
  • het geven van voorlichting over Nederlandse leveringsmogelijkheden van goederen en diensten;
  • het doen van meldingen over ontwikkelingsprojecten en overheidsaanbestedingen;
  • het aantrekken van industriële projecten voor Nederland door middel van voorlichting, bemiddeling, etc.;
  • het berichten over economische missies die West-Europa bezoeken en hulp aan Nederlandse missies in het ambtsgebied;
  • het berichten over beurzen en tentoonstellingen in het land van vestiging en hulp bij Nederlandse deelname aan beurzen.
Micro-economisch: Het ondersteunen en begeleiden van Nederlandse exporteurs in de vorm van:
  • handelsbemiddeling;
  • voorlichting aan Nederlandse zakenlieden en introducties bij overheid en bedrijfsleven;
  • bemiddeling bij handelsgeschillen.
Ontwikkelingssamenwerking (OS):
De werkzaamheden in het kader van ontwikkelingssamenwerking houden in:
  • het analyseren van het ontwikkelingsbeleid van het betrokken land;
  • het nagaan van de plaats die Nederland in de samenwerking op dit gebied zou kunnen innemen;
  • het vaststellen van doelgroepen waarop het samenwerkingsbeleid gericht kan zijn;
  • het adviseren omtrent de aanvaardbaarheid en uitvoerbaarheid van individuele projecten;
  • het voorbereiden, uitvoeren en evalueren van Kleine Ambassade Projecten (KAP);
  • het toezicht houden op en berichten over de voortgang van projecten;
  • het begeleiden van uit te zenden deskundigen, huisvesting, financiering, hulp bij import van goederen;
  • het bemiddelen bij de invoer van materieel voor hulpprojecten;
  • het behandelen van financiële aspecten.
Consulaire Zaken (CZ):
Ten behoeve van Nederlanders:
Het zorg dragen voor de Nederlandse kolonie en Nederlandse toeristen in het buitenland. De meest voorkomende werkzaamheden hiervoor zijn:
  • het verstrekken, verlengen en wijzigen van reisdocumenten voor Nederlanders, alsmede diplomatieke, consulaire en dienstpaspoorten;
  • het opmaken van legalisaties;
  • het verstrekken van juridische adviezen;
  • het leveren van bijstand bij het opstellen van notariële akten;
  • het opmaken van akten van huwelijkstoestemming;
  • het in bewaring nemen van holografische en geheime testamenten;
  • het opmaken van volmachten;
  • het registreren van opgemaakte akten in een repertorium;
  • het opmaken van akten van de burgerlijke stand;
  • het regelen van dienstplichtzaken;
  • het zorgen voor repatriëring;
  • het overbrengen van gerechtelijke stukken, het bijstaan van rogatoire commissies, het opmaken van legalisaties en het verrichten van andere juridische handelingen.
Ten behoeve van buitenlanders:
  • het verlenen van visa voor bezoeken aan Nederland korter dan drie maanden of het verstrekken van een ‘machtiging voorlopig verblijf’ bij een verblijf langer dan drie maanden;
  • het doorzenden van asielverzoeken;
  • het inlichten van buitenlandse autoriteiten over Nederland.
Pers- en culturele zaken (PCZ):
Het bevorderen en verbreiden van kennis van het leven en denken van het Nederlandse volk, zijn staatkundige, economische en sociale structuur, zijn cultuur en zijn historie, en over de beginselen en feitelijke gegevens die daarbij een rol spelen. De diplomatieke post heeft tot taak het ontwikkelen van activiteiten en het aankweken en onderhouden van relaties die de banden tussen beide landen kunnen verstevigen. Concreter betekent dit:
  • het medewerken aan de uitvoering van bilaterale afspraken en verdragen op cultureel en wetenschappelijk gebied;
  • het deelnemen aan het internationale culturele verkeer;
  • het profijt trekken uit multilaterale samenwerkingsvormen op dit gebied alsmede het uitdragen van Nederlandse standpunten;
  • het onderhouden van contacten met de lokale pers teneinde publicaties over Nederland te stimuleren en waar nodig onjuiste voorlichting te corrigeren.
Algemene zaken (AZ)
De afdeling Algemene Zaken is belast met de ondersteunende, secundaire taken op een post, dat wil zeggen zaken met betrekking tot:
  • personeel;
  • informatievoorziening, automatisering;
  • organisatie;
  • financieel beheer;
  • archief;
  • communicatie;
  • huisvesting;
  • vervoer.
Geschiedenis van het archiefbeheer
De archieven van de buitenlandse posten van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (BZ) werden op de post zelf geordend en geselecteerd conform instructies, opgesteld door de centrale archiefafdeling op het departement en neergelegd in een archiefinstructiebundel. De archiefinstructiebundel heeft in de loop der jaren grotere en kleinere revisies ondergaan. De belangrijkste was de introductie van de archiefinstructiebundel 'Archiefzorg op de posten' in 1999. Deze archiefinstructie introduceerde een nieuwe primaire, hiërarchische ordening op trefwoord en verving de oude ordening op basis van de Archiefcode BZ, afgeleid van de Universele Decimale Code (UDC).
In 2014 is besloten om alle postenarchieven over de periode 1975-2013 te bewerken. Het zogenaamde archiefblok 'Postenarchieven' bestaat uit de volgende onderdelen:
  • Archiefbescheiden over de periode 1975-1984, code-archief
  • Archiefbescheiden over de periode 1985-1990, code-archief
  • Archiefbescheiden over de periode 1990-2013
Archiefbescheiden uit de periode voor 1975 zijn in een eerder stadium overgedragen aan het Nationaal Archief. Zie daarvoor 'Verwante archieven'.
De archiefbescheiden over de periode 1975-1984 zijn grotendeels rond 2005 overgebracht naar Nederland. Ook het archief over de periode 1985-1990 is later voor een belangrijk deel overgebracht naar Nederland. De archiefbescheiden over de periode vanaf 1990 zijn of worden voor aanvang van de archiefbewerking in zijn totaliteit overgebracht naar Nederland in het kader van actie 'Papier Hier'. Dit project is gericht op het afbouwen van de bestaande papieren archieven op departementen en posten. Met deze actie worden eveneens de nog niet naar Nederland overgebrachte dossiers uit de periode voor 1990 meegenomen.
De archieven zijn in beheer bij Doc-Direkt/Buitenlandse Zaken.
In 2014 is het archief van de Ambassade in Griekenland bewerkt door Doc-Direkt, locatie Winschoten.
De verwerving van het archief
Het archief is in 2015 door Ministerie van Buitenlandse Zaken overgebracht naar het Nationaal Archief, krachtens artikel 12 van de Archiefwet 1995

Inhoud en structuur van het archief

Inhoud
Het archief bevat stukken ontvangen en opgemaakt door de Nederlandse ambassade in Griekenland te Athene over de periode 1975-2012. Tevens zijn in deze inventaris opgenomen de gedeponeerde archieven van het consulaat te Rhodos over de periode 1963-1984 en het consulaat te Piraeus over de periode 1978-1999.
Het betreft stukken over de organisatie en taken van de ambassade/consulaten op het gebied van consulaire, economische, culturele en politieke zaken.
Het archief bevat onder andere stukken over:
  • economische en politieke situatie in Griekenland;
  • betrekkingen tussen Nederland en Griekenland;
  • betrekkingen tussen Griekenland en Turkije;
  • verhoudingen tussen Griekenland en de Europese Unie;
  • kwestie Cyprus;
  • bezoeken Nederlandse regerings- en parlementsleden aan Griekenland;
  • bezoeken Griekse regerings- en parlementsleden aan Nederland;
  • staatsbezoeken Koninklijk Huis aan Griekenland;
  • bomaanslag bij de ambtswoning van de ambassadeur;
  • zaak Loizidou.
Selectie en vernietiging
De selectie heeft plaatsgevonden aan de hand van de volgende vastgestelde Basis Selectie Documenten (BSD's):
  • [015] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Rijksbegroting over de periode 1945–2000, 25 januari 2005/Nr. C/S/05/138 (Stcrt. 31 maart 2005, nr. 62)
  • [045] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Rijkshuisvesting over de periode vanaf 1945, 12 maart 2007/Nr. C/S&A/07/524 (Stcrt. 26 juli 2007, nr. 142)
  • [075] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Formatiebeleid, arbeidsmarktbeleid en personeelsontwikkeling en mobiliteit over de periode 1945–, 11 september 2007/Nr. C/S&A/07/2237 (Stcrt. 12 oktober 2007, nr. 198)
  • [077] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Personeelsinformatievoorziening en -administratie over de periode 1945–, 11 september 2007/C/S&A/07/2238 (Stcrt. 16 oktober 2007, nr. 200)
  • [103A] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Buitenland over de periode 1945–1990, 18 december 2013 NA/2013/13.044 (Stcrt. 31 december 2013, nr. 36665)
  • [143] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Organisatie van de Rijksoverheid over de periode 1945–1999, 5 juli 2005/Nr. C/S&A/05/1197 (Stcrt. 16 december 2005, nr. 245 / pag. 25). Rekening houdend met de actualisatie in de Stcrt. 14 juni 2007, nr. 112 / p. 10.
  • [186] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Buitenlandse Zaken en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Nederlands buitenlands beleid over de periode vanaf 1990’, 18 december 2013, NA/2013/12.299 (Stcrt. 31 december 2013, nr. 36667).
De archiefstukken die voor vernietiging in aanmerking kwamen, zijn na verkregen toestemming van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, afgevoerd door Reisswolf Nederland BV en daar op de gebruikelijke wijze vernietigd.
Aanvullingen
Het is mogelijk dat in de toekomst alsnog dossiers worden nagezonden. Om die reden is het mogelijk dat er voor dit archief nog aanvullingen komen.
Verantwoording van de bewerking
Als basis voor de bewerking werd een Archiefbewerkingsplan (ABP Postenarchieven 1975-2013) opgesteld, dat in november 2013 werd ondertekend door Doc-Direkt, het Ministerie van Buitenlandse Zaken en het Nationaal Archief. Hierin zijn de afspraken met betrekking tot de selectie, ontsluiting, materiële verzorging en overbrenging geregeld voor de postenarchieven uit de periode 1975-2013. Vervolgens werd voorafgaand aan de bewerking een werkinstructie opgesteld.
Voor de bewerking van dit archief is ook rekening gehouden met het ABP voor de archieven van de buitenlandse posten van het Ministerie van Buitenlandse Zaken in de periode vanaf 1990 (ABP posten 1990-heden). Dit ABP, ondertekend door het Ministerie van Buitenlandse Zaken en het Nationaal Archief, bevat de uitkomst van een onderzoek naar de gemaakte selectiebeslissingen op basis van de door de posten gehanteerde archiefinstructies ten opzichte van de geldende selectielijsten. Het resultaat was dat op de door de posten gemaakte beslissingen een aantal correcties moest worden doorgevoerd. De correcties hebben vooral betrekking op de rubriek Algemene Zaken, waarbij met name dossiers inzake de bedrijfsvoering (o.a. huisvesting, financiën en personeel), op grond van eerdergenoemde selectielijsten, alsnog voor vernietiging zijn aangemerkt.
De omvang van het archief voor aanvang van de bewerking was 93,75 meter. Door de Nederlandse ambassade in Athene was reeds 54,5 meter als zijnde (op termijn) te vernietigen aangemerkt en 27,375 meter als zijnde te bewaren. De overige 11,875 betreft dynamisch archief en is buiten de bewerking gebleven. De selectiebeslissingen zoals uitgevoerd door de ambassade zijn gehandhaafd, tenzij er correcties doorgevoerd moesten worden.
Na bewerking van het archief is in totaal 24,5 meter archief voor bewaring overgebleven. De archiefstukken die voor bewaring in aanmerking komen zijn overgedragen aan het Nationaal Archief. Van de te vernietigen stukken zijn vernietigingslijsten opgesteld en deze zijn aan het ministerie van Buitenlandse Zaken ter beschikking gesteld, als bijlage bij het voorstel voor vernietiging.
Bij de beschrijvingen van de in de inventaris opgenomen dossiers ontbreekt in veel gevallen een actieve handeling. Dit heeft te maken met de wijze van opbergen van de documenten, nl. op onderwerp. In deze dossiers zijn alle aspecten met betrekking tot de uitvoering van de taak (volgen, analyseren en becommentariëren) ten aanzien van een bepaald onderwerp verzameld. Een zaak of werkproces is niet duidelijk aan te wijzen. De dossiers bestaan voor een groot deel uit berichtenverkeer tussen de post en het departement, correspondentie met diverse instellingen en particulieren.
Het beginjaar van het archief is 1975. Incidenteel bevinden zich in het archief stukken van vóór de begincesuur. Uit praktische overwegingen zijn deze stukken opgenomen in deze inventaris. Het eindjaar van het archief is 2012.
Ten behoeve van de overbrenging naar het Nationaal Archief dient het archief onder andere te voldoen aan de eisen met betrekking tot de duurzaamheid van archiefbescheiden zoals vastgelegd in de Archiefregeling 2009. Concreet betekent dit dat de volgende stappen zijn uitgevoerd:
  • alle ijzerwerk (paperclips, nietjes, hechtmechanieken e.d.) is verwijderd;
  • foto's, lichtdrukken en andere materialen die aan sterkere chemische reacties dan goed papier onderhevig zijn, zijn voorzien van afzonderlijke fourflaps;
  • omslagen, archiefdozen en etiketten voldoen aan de ICN-kwaliteitseis.
Ordening van het archief
Het archief is primair op rubriek geordend. De rubrieksindeling is gebaseerd op de in de archiefinstructiebundel 'Archiefzorg op de posten' van 1999 geïntroduceerde primaire, hiërarchische ordening met trefwoorden. Binnen de rubrieken zijn de dossiers zoveel mogelijk chronologisch geordend.
Dossiers oorspronkelijk geordend op basis van de Archiefcode BZ zijn, om een uniforme wijze van ordening te krijgen, overgezet naar de indeling op trefwoord. Dit was mogelijk, aangezien de overstap van een ordening op code naar die op trefwoord nagenoeg niets aan de bestaande dossiervorming veranderde. Daardoor was het mogelijk de oude code-ordening van een dossier om te zetten naar de nieuwe trefwoord-ordening.

Aanwijzingen voor de gebruiker

Openbaarheidsbeperkingen
Deels openbaar, deels beperkt openbaar (B), deels niet openbaar.
Beperkingen aan het gebruik
Reproductie van originele bescheiden uit dit archief is, behoudens de algemene regels die gelden voor het kopiëren van stukken, niet aan beperkingen onderhevig. Er zijn geen beperkingen krachtens het Auteursrecht.
Materiële beperkingen
Het archief kent geen beperkingen voor het raadplegen van stukken als gevolg van kwetsbare of slechte materiële staat.
Andere toegang
Voor dit archief is geen andere toegang beschikbaar
Aanvraaginstructie
Openbare archiefstukken kunnen online worden aangevraagd en gereserveerd. U kunt dit ook via de terminals in de studiezaal van het Nationaal Archief doen. Om te kunnen reserveren dient u de volgende stappen te volgen:
  1. Creëer een account of log in.
  2. Selecteer in de archiefinventaris een archiefstuk.
  3. Klik op ‘Reserveer’ en kies een tijdstip van inzage.
Citeerinstructie
Bij het citeren in annotatie en verantwoording dient het archief tenminste éénmaal volledig en zonder afkortingen te worden vermeld. Daarna kan worden volstaan met verkorte aanhaling.
VOLLEDIG:
Nationaal Archief, Den Haag, Nederlandse diplomatieke vertegenwoordigingen in Griekenland, nummer toegang 2.05.393, inventarisnummer ...
VERKORT:
NL-HaNA, BuZa / Ambassade en Consulaten Griekenland, 2.05.393, inv.nr. ...

Verwant materiaal

Bewaarplaats van originelen
Niet van toepassing
Beschikbaarheid van kopieën
Inventarisnummers van dit archief zijn niet in kopievorm beschikbaar
Afgescheiden archiefmateriaal
Niet van toepassing
Verwante archieven
Inventaris van het archief van de Nederlandse Ambassade in Griekenland (Athene), 1955-1974, NA nr. 2.05.180

Bijlagen

Geen bijlagen

Archiefbestanddelen