Geschiedenis van de archiefvormer
De eerste Staatsloterij, de zogenaamde Generaliteitsloterij, werd gehouden in 1726. Pas in 1885 werd de Staatsloterij voor het eerst wettelijk geregeld door de “Wet tot regeling der Staatsloterij”. Het wettelijk kader voor de Staatsloterij werd sinds 1945 gevormd door achtereenvolgens een Besluit van de minister van Financiën uit november 1945, vanaf 1951 door Titel II van de Loterijwet, en vanaf 1964 door de Wet op de kansspelen. Op grond van deze wetgeving was de minister van Financiën verantwoordelijk voor de organisatie en inrichting van de Staatsloterij. Het dagelijkse beheer van de Staatsloterij was bij wet opgedragen aan de directeur der Staatsloterij. Tot 1992 was deze verantwoordelijk voor het benoemen van de collecteurs en debitanten van de Staatsloterij, het geven van aanwijzingen ten aanzien van hun werkwijze en het opstellen van een offcieel plan voor de Staatsloterij. De directeur werd door de Kroon benoemd en ontslagen. Van 1958 tot en met 1970 viel de directie Staatsloterij onder de directoraat Belastingen, afdeling Indirecte Belastingen. Van 1971 tot en met 1973 onder de Directoraat-Generaal van het Kadaster en de Domeinen en van 1974 tot en met 1985 onder de Generaal Thesaurier. Na 1986 viel het als dienst direct onder de Algemene Centrale Directie.
Ondanks de toename van de omzet en de verruiming van de wettelijke kaders begon de overheid in de jaren tachtig en negentig te studeren op verzelfstandiging van de Staatsloterij. Ze vreesden namelijk dat ze in een opener Europese kansspelmarkt te maken zouden krijgen met dalende omzetten.
Daarom werd in 1980 de Werkgroep Privatiseringsonderzoek Staatsloterij ingesteld door het ministerie van Financiën. Deze werkgroep wordt ook wel Commissie Van Aardenne genoemd. De commissie was niet onverdeeld positief over privatisering. De staatssecretaris van Financiën vroeg daarop ook advies van de Interdepartementale Begeleidingscommissie Privatisering. Ook dit adviesorgaan was niet erg positief over een volledige verzelfstandiging van de Staatsloterij. Desondanks zag de regering blijkbaar voldoende gronden om toch over te gaan tot verzelfstandiging. Hiervoor werd door de minister van Financiën in 1992 een stichting opgericht: Stichting Exploitatie Nederlandse Staatsloterij (SENS) die de organisatie van de Staatsloterij overnam. Daarmee kwam in 1992 een einde aan het beheer van de overheid. Ook kreeg SENS de mogelijkheid om andere kansspelen te ontwikkelen, eventueel met andere aanbieders, iets wat de Staatsloterij oude stijl niet kon. De opbrengsten van de loterij bleven echter als vanouds naar de schatkist vloeien.
Geschiedenis van het archiefbeheer
In verband met de voorgenomen privatisering van de Staatsloterij werd het archief in 1986 overgebracht naar het ministerie van Financiën. Het betrof circa 235 m² archiefbescheiden. Inventarisator G.J. Lamfers heeft hiervoor in 1992 een klassieke inventaris gemaakt. De inventaris betrof de periode 1757-1990. Tijdens de inventarisatie heeft vernietiging plaatsgevonden van archiefbescheiden conform de lijst van het ministerie van Financiën, vastgesteld bij de beschikking van de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en de minister van Financiën d.d. 20 september 1983, kenmerk M.M.A./Ar-63C1II. Het betrof een vernietiging van 193 meter.
Het archiefdeel werd door de directie Staatsloterij in de Scheepmakerstraat achtergelaten en werd vervolgens overgebracht naar kelder S2303A van het ministerie van Financiën. Hier werd in 2002 geconstateerd dat het archief in aanmerking kwam voor bewerking. Het archief bevond zich volgens de directie Personeel en Organisatie (DPO) in ongeordende en verwaarloosde toestand en voldeed niet aan de eisen van toegankelijkheid. In december 2002 is een bewerking door de CAS gestart. Uit de oude inventaris heeft de CAS de bescheiden uit de periode tot 1941 overgenomen en in een 'nieuwe' klassieke inventaris, bestaande uit twee dozen verwerkt: Inventaris van het archief van de Directie Staatsloterij van het ministerie van Financiën, 1757-1941, CAS, inventaris 532, Winschoten, 2003. Dit archiefbestanddeel werd in 2003 overgedragen aan het Nationaal Archief en is volledig openbaar. De toegang is te vinden onder nummer 2.08.66.
De bewerking door de CAS resulteerde ook in een plaatsingslijst met te vernietigen (VVV) en te vernietigen op termijn (VT) bestanden en in een plaatsingslijst van te bewaren bescheiden, beide voor de periode 1945-1990. Deze laatste lijst is gekoppeld aan handelingen. Het archief 1945-1990 bleef vervolgens bij Financiën en werd deels opgeslagen bij het opslagbedrijf CAR te Apeldoorn. Tijdens de bewerking door CAS werd het archief verdeeld in drie blokken op basis van de vernietigingstermijn; het te bewaren materiaal kwam in blok ACD-004 terecht, ACD-005 bestond voornamelijk uit vernietigingsmateriaal op termijn (vernietigingsjaar 2007-2047 ) en ACD-006 bestond voornamelijk uit te vernietigen materiaal.
De verwerving van het archief
Het archief is in 2007 door ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap overgebracht naar het Nationaal Archief, krachtens artikel 23 van de Archiefwet 1995.
De verwerving van het archief
Overbrenging van een overheidsarchief