Archief
Titel
2.09.92 Inventaris van het archief van de C-dossiers van het ministerie van Justitie, (1856) 1953-2005 (2012), (1856) 1953-2005 (2012) [DEELS GEANONIMISEERD]
Auteur
Doc-Direkt (RvIHH)Versie
21-01-2026
Copyright
Nationaal Archief, Den Haag
2026 cc0Beschrijving van het archief
Naam archiefblok
Ministerie van Justitie: C-dossiers Ministerie van Justitie, Aanvulling C-dossiers DBOB Justitie / C-dossiers
Periodisering
archiefvorming: merendeel 1953-2005 oudste stuk - jongste stuk: 1856-2012
Archiefbloknummer
J21Omvang
2342 inventarisnummer(s) 59,90 meterTaal van het archiefmateriaal
Het merendeel der stukken is in het.
Nederlands
Soort archiefmateriaal
Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.Archiefdienst
Nationaal Archief, Den HaagLocatie
Den HaagArchiefvormers
Ministerie van Justitie (, 1953 - 2005)Samenvatting van de inhoud van het archief
C-dossiers zijn object- of persoonsgebonden onderwerp- en lettergroep-dossiers. C-dossiers zijn verzamelingen van dossiers die gelijksoortige zaken bevatten, een geringe omvang hebben en hetzelfde onderwerp bevatten.
Het kenmerk op de C-dossiers bestaat uit de hoofdletter C gevolgd door een numerieke code oplopend van 001 tot 602. De opbouw van de inventaris is gebaseerd op deze C-nummers, welke zijn voorzien van een specifiek onderwerp waarop de onderzoeker zich kan richten.
In een aantal gevallen treft de onderzoeker ook zogenaamde verzameldossiers aan. Dergelijke dossiers werden aangelegd om stukken met eenzelfde onderwerp bijeen te brengen. Een voorbeeld hiervan zijn de dossiers inzake de Ambonezen zorg in de jaren zeventig van de afgelopen eeuw.
Het archief bevat onder meer bescheiden over de volgende onderwerpen:
- aanwijzen, inrichten en opheffen van justitiële inrichtingen in Nederland, waaronder bijvoorbeeld het Pieter Baancentrum;
- stukken betreffende de bedrijfsvoering en ondersteuning van het bestuursdepartement;
- begrotingen en jaarkredieten van het ministerie van Justitie over de periode 1995-2005;
- de controle van het financieel beheer van het NederlandsBeheersinstituut en stukken gerelateerd aan de taakuitoefening van dit orgaan;
- (internationale) wetgeving, in het bijzonder bescheiden inzake het privaatrecht;
- Verklaringen van vernietiging en overdracht van archiefbescheiden;
- onderzoek door de Nationale Ombudsman inzake klachten tegen de dienst;
- bescheiden inzake vuurwapens, onder andere gerelateerd aan de Molukse kwestie en vergunningen;
- wetenschappelijke onderzoeken op het terrein van Justitie;
- bescheiden inzake asielzoekers;
- bescheiden inzake aangelegenheden van politie en Koninklijke Marechaussee;
- de zorg voor Ambonezen en Molukkers in NederlandArchiefvorming
Geschiedenis van de archiefvormer
Het ambt Minister van Justitie is onder de huidige benaming ingesteld bij het KB 16 september 1815, 1a H. Het ministerie is sindsdien belast met de behandeling van zaken die liggen op het terrein van:
- privaatrecht;
- jeugdbescherming;
- delinquentenzorg;
- vreemdelingenbeleid;
- gratie;
- internationale rechtshulp;
- bijzondere wetten en die betreffende het notariaat en de deurwaarders.
Kort gezegd houdt Justitie zich bezig met wetgeving, de rechtshandhaving, de rechtspleging, de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen en de uitvoering van een aantal wetten (waaronder de Vreemdelingenwet, de Rijkswet op het Nederlanderschap en de wetgeving inzake rechtshulp).
Na de Tweede Wereldoorlog is het Ministerie snel weer opgebouwd naar het niveau van het interbellum en is deze vervolgens ontstegen.
In 1956 volgde een ministerieel besluit om de snelle groei van het departement organisatorisch in goede banen te leiden.
In 1968 volgde er nog een organisatorisch besluit. Dit gebeurde onder andere omdat het ministerie zich zorgen maakte om de scheve leeftijdsopbouw van het departement en de geringe promotiekansen voor middel/lagere ambtenaren.
Vanaf 1968 vonden er (jaarlijkse) kleine wijzigingen plaats in de organisatiestructuur van het ministerie.
In 1982 werd het besluit van 1968 ingetrokken en kwam er een geheel nieuw besluit. De grootste verandering die in deze besluiten werd genomen is het ontstaan van een hoofdafdeling reclassering en een hoofdafdeling psychopatenzorg in 1968. Voorheen waren deze twee afdelingen onderdeel van de tweede afdeling straf- en staatsrecht.
Tenslotte dienen we, gezien de inhoud van de afzonderlijke C-dossiers, stil te staan bij het gevangeniswezen en Rijkstucht- en opvoedingswezen, de reclassering en psychopatenzorg.
Betreffende het gevangeniswezen werden algemene regels gesteld bij verschillende wetten uit 1884 en 1932. Volgens deze wetten werd een onderscheid gemaakt tussen strafgevangenissen, huizen van bewaring en rijkswerkinrichtingen. In de strafgevangenissen werd, behoudens het bepaalde bij art. 25 van het Wetboek van Strafrecht, uitsluitend de burgerlijke en militaire gevangenisstraf ten uitvoer gelegd.
De huizen van bewaring waren bestemd voor:
de opname van hen, die de straffen van hechtenis of van aanhouding, gevangenneming of
gevangenhouding door het openbaar gezag was bevolen of krachtens rechtelijke uitspraak of beschikking geschiedde.
Voorts werden hier personen ondergebracht waarvoor geen andere plaats was bestemd, en voor het verblijf van doortrekkende gevangenen.
In de inrichtingen voor het Rijkstucht- en opvoedingswezen werden kinderen ondergebracht wiens opvoeding bij rechtelijke uitspraak of beschikking aan de Staat was toevertrouwd. Hetzelfde gold voor de psychopatenzorg.
Na een kort intermezzo tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het ministerie heringericht en werden de voornoemde afdelingen vervangen. Hiervoor in de plaats kwamen vier hoofdafdelingen, te weten:
- privaatrecht;
- publiekrecht;
- vreemdelingenzaken en
- grensbewaking en rechterlijke organisatie.
Daarnaast werden drie directies ingericht voor;
- gevangeniswezen;
- kinderbescherming en
- politie
Algemene- en kabinetszaken en comptabiliteit werden ondergebracht in twee afdelingen en voorts werden bureaus ingericht voor de geneeskundig inspecteur en psychiatrisch adviseur en voor de hoofdpredikant bij de inrichtingen van justitie.
Op 8 augustus 1956 volgde een ministerieel besluit, op 29 april 1968 gevolgd door een organisatorisch besluit om de snelle groei van het departement in goede banen te leiden.
Vanaf 1968 vonden jaarlijks kleine wijzigingen in deze organisatie structuur plaats.
Op 17 november 1982 werd het besluit uit 1968 ingetrokken en kwam er een geheel nieuw besluit, wat mede een gevolg was op de inrichting van een hoofdafdeling Reclassering en een hoofdafdeling Psychopatenzorg. Voorheen waren deze twee afdelingen onderdeel van de tweede afdeling Staf- en Staatsrecht.
Na de Tweede Wereldoorlog zijn er een aantal belangrijke ontwikkelingen geweest waar het ministerie nauw bij betrokken was. Hierbij moet gedacht worden aan de opsporing en berechting van oorlogsmisdadigers zoals de Vier van Breda. In dit geval gaat het in hoofdzaak om verzoeken om in vrijheidsstelling van J.J. Kottala en de beantwoording van burgerbrieven.
Voorts betreft het archiefbescheiden inzake de oprichting van de Benelux, EGKS en EEG, en de Nederlandse toetreding tot de NAVO. In het bijzonder kan in dit verband gewezen worden op de dossiers inzake de afstemming van het internationaal privaatrecht.
Na de oorlog zijn er verschillende ontwikkelingen geweest waar het ministerie van Justitie direct dan wel indirect bij betrokken is. Er valt te denken aan de uiteindelijke onafhankelijkheid van Indonesië, de oprichting van de Benelux, EGKS en de EEG en de toetreding tot de NAVO. Maar ook aan de aanleg van de nieuwe provincie Flevoland, de komst van gastarbeiders naar Nederland en de aanpassing of instelling en uitvoering van wetten onder andere de wet op de kansspelen, wapens en munitie, algemene kinderbijslag en uitkering vervolgingsslachtoffers 1940-1945.
Het onderhavige archief werd gevormd door verschillende secties van het ministerie van Justitie. Deze secties waren:
- Algemeen beheer (PIOFACH-zaken);
- Privaatrecht;
- Staats- en strafrecht (met daarin TBR en reclassering tot 1967);
- Gevangeniswezen;
- Comptabiliteit;
- Politie;
- Wetgeving;
- Kinderbescherming;
- Rechterlijke organisatie;
- Vreemdelingenzaken en grensbewaking.
Het onderhavige archief bestaat uit C-dossiers van algemene aard, en inzake TBR en reclassering. Op de aard van de C-dossiers zal later worden teruggekomen. In het onderstaande zal kort worden ingegaan op de competenties van de genoemde secties.
Algemeen beheer (PIOFACH): omvat aangelegenheden inzake Personeel, Informatie(voorziening), Organisatie en efficiency, Financieel-economische zaken, Automatisering, Communicatie en Huisvesting. Deze sectie was belast met het ontwikkelen
en uitvoeren van beleid op het terrein van huisvesting, materieel, beveiliging, civiele verdediging, aangelegenheden op het gebied van documentaire informatievoorziening, personeelszaken, organisatie en informatievoorziening. De neerslag van de werkzaamheden van deze sectie kunnen onder meer teruggevonden in de bescheiden die handelen over inrichting en uitrusting van verschillende bureaus en inzake reprografie en expeditie.
De sectie Privaatrecht was onder meer belast met aangelegenheden inzake handelsrecht. De neerslag van belangrijke privaatrechtelijke aangelegenheden kunnen worden gevonden in de bescheiden inzake de eenmaking van het internationaal recht (koop van goederen.)
De sectie die belast was met aangelegenheden inzake het Staats- en strafrecht droeg onder meer verantwoordelijkheid voor strafrecht en strafvordering, uitleveringen, loterijen en tal van onderwerpen zoals de bestrijding van de vrouwenhandel. Belangrijke bescheiden afkomstig van deze sectie zijn de dossiers inzake de berechting en behandeling van Nederlandse oorlogsmisdadigers, zoals de Vier van Breda.
TBR (Psychopatenzorg) en reclassering waren tot 1967 onderdeel van de afdeling straf- en staatsrecht. Na 1967 zijn TBR en reclassering aparte hoofdafdelingen geworden. In samenspraak met Justitie is ervoor gekozen om TBR en reclassering onder Staats- en strafrecht te laten vallen.
Het gevangeniswezen viel in 1950 samen met het Rijkstucht- en opvoedingswezen, reclassering en psychopatenzorg. Betreffende het gevangeniswezen werden algemene regels gesteld bij verschillende wetten uit 1884 en 1932.
Betreffende het gevangeniswezen en de terbeschikkingstelling werden algemene regelen gesteld bij de beginselenwet gevangeniswezen van 1951, 1987 en de Gevangenismaatregel van 1953, 1990 terwijl over de terbeschikkingstelling daarna nog regels gesteld waren in het KB 1988, 1989 en in het KB van 1987, 1991.
Volgens eerst vermelde wet werden de gestichten onderscheiden in gevangenissen, huizen van bewaring, rijkswerkinrichtingen en justitiële rijksinrichtingen voor verpleging van terbeschikkinggestelden.
In de gevangenissen werd behoudens het bepaalde bij art. 25 van het Wetboek van strafrecht, uitsluitend de gevangenisstraf ten uitvoer gelegd. De huizen van bewaring waren bestemd voor opname van: hen, die de straffen van hechtenis of van militaire detentie moesten ondergaan, alle andere, die krachtens rechterlijke uitspraak of beschikking of door het openbaar gezag rechtens van hun vrijheid waren beroofd, voor zover geen andere plaats voor hen was bestemd of voor zolang opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk was, doortrekkende gevangenen en andere onder verzekerde bewaring vervoerd werden personen, terwijl voorts en in deze gestichten ook diegenen kunnen werden ondergebracht, die tot gevangenisstraf veroordeeld waren en wier werkelijke straftijd niet meer dan drie maanden bedroeg.
Onderhavig archief bevat met name bescheiden afkomstig van de sectie Gevangeniswezen inzake het aanwijzen, inrichten en opheffen van strafinrichtingen.
Compatibiliteit: Het beoordelen van voorgenomen maatregelen, welke financiële gevolgen met zich brengen. Het geven van financiële adviezen aan de beleidsafdelingen en het verzamelen, groeperen en analyseren van statistische gegevens. Bescheiden afkomstig van deze sectie bevatten onder meer gegevens over de financiële controle van het Nederlands Beheers Instituut.
De grondslag van de inrichting van het korps Rijkspolitie was de Politiewet van 1957. De taak van de politie werd duidelijk gemaakt door Artikel 28 in de Politiewet 1957 en Artikel 2 in de Politiewet 1993. Onderhavig archief bevat onder meer dossiers inzake de Overgang van Rijks- naar Gemeentepolitie en vice versa.
Onder de sectie wetgeving vielen diverse zaken samen van de stafafdelingen strafrecht, privaatrecht en Nieuw Burgerlijk Wetboek. De afdeling wetgeving werd ingesteld bij KB van 1987 en werd gewijzigd in 1989.
Omtrent de kinderbescherming waren regelen gesteld bij de wet van 1961 en was gewijzigd in 1982, en bij KB van 1964 en gewijzigd in 1985. De rijksinrichtingen voor kinderbescherming werden onderscheiden in opvangtehuizen, observatiehuizen, tuchtscholen, inrichtingen voor opvoeding en inrichtingen voor buitengewone behandeling. Elke inrichting stond onder leiding van een directeur. Voor iedere inrichting is een commissie van toezicht ingesteld. In onderhavig archief worden bescheiden aangetroffen inzake de Raden voor de Kinderbescherming.
De competentie van de onderscheidene rechterlijke colleges, almede van de kantonrechters was vastgesteld in de wet op de rechterlijke organisatie en het beleid der justitie. Deze wet (uit 1957) regelt de samenstelling van de Hoge Raad, de gerechtshoven, de arrondissementsbanken en de kantongerechten, alsmede de bezoldiging der rechterlijke ambtenaren.
Er waren in de jaren zestig vijf gerechtshoven, negentien arrondissementsrechtbanken en twee en zestig kantongerechten. In onderhavig archief worden inzake de rechterlijke organisatie onder meer bescheiden aangetroffen inzake het verlenen van toestemming tot vestiging van Indische juristen en de organisatie en reorganisatie van de gerechten. De sectie Vreemdelingenzaken en grensbewaking droeg zorg voor het regelen van het verblijf van en het toezicht op vreemdelingen. Deze sectie is opgegaan in de Immigratie en Naturalisatiedienst. Onderhavig archief bevat onder meer dossiers afkomstig van deze sectie inzake naturalisatie. De archiefbescheiden worden thans beheerd door de Dienst Justitiële Inrichtingen, (hierna: DJI) en de het Dienstencentrum (hierna: DC) van JenV Bestuursdepartement. De DJI kwam voort uit de Directie voor het Gevangeniswezen. Het Dienstencentrum werd in 2011 opgericht, als afsplitsing van de Directie Bedrijfsvoering en Ondersteuning Bestuursdepartement. Het DC verzorgt voor het bestuursdepartement de levering van diensten op het gebied van huisvesting, werkplekservices en informatievoorziening. Vanaf 2015 levert ze tevens diensten op het gebied van post.
Geschiedenis van het archiefbeheer
Tot in de jaren vijftig van de afgelopen eeuw geschiedde de ordening van het archief van het ministerie van Justitie volgens het zogenaamde “verbaalstelsel” waarbij stukken chronologisch werden gearchiveerd op datum. Officieel is een verbaal een serie van op één dag (of in één zitting), vastgestelde minuten van besluiten, al of niet met bijlagen, en van voor kennisneming op die dag of in die zitting aangenomen ingekomen stukken. Het begrip verbaal wordt echter ook gebruikt voor het totaal van een volgens dit stelsel opgebouwd archief, als ook voor één van de genoemde minuutbesluiten met zijn bijlagen.
Bij de invoering van het besluit voor de behandeling van post- en archiefzaken (stb. 1950, K 425) bij het ministerie van Justitie in 1950 werd besloten de dossiers anders in te delen. De overgang van het verbaalstelsel op dossierstelsel heeft geleidelijk en afdelingsgewijs plaatsgevonden in de jaren 1950-1955. Vanaf dat moment zijn er te onderscheiden: A-dossiers, C-dossiers en lettergroep-dossiers.
Het oude verbaalarchief werd bij het ministerie van Justitie grotendeels centraal opgeborgen en is aan het eind van de jaren tachtig van de afgelopen eeuw overgebracht naar het Nationaal Archief (voorheen Algemeen Rijksarchief).
A-dossiers bevatten uitsluitend stukken over een zaak.
De “C” van C-dossier staat voor collectief. C-dossiers zijn verzamelingen van dossiers die gelijksoortige zaken bevatten, een geringe omvang hebben en hetzelfde onderwerp bevatten. Het kenmerk op de C-dossiers bestaat uit de hoofdletter C gevolgd door een numerieke code oplopend van 001 tot 598. De C-dossiers zijn verdeeld in twee categorieën, te weten:
- Dossiers, die uitsluitend bij bepaalde met name genoemde secties voorkomen;
- Algemene onderwerpsdossiers over onderwerpen die bij alle secties kunnen voorkomen.
De archiefbescheiden werden beheerd door de Directie Bedrijfsvoering en Ondersteuning Bestuursdepartement (DBOB). In de loop van 2010 zijn de C-dossiers overgedragen voor bewerking naar de Haagse Vestiging Archiefbewerking (hierna: HVA). Het aangeboden archiefblok had betrekking op de algemene onderwerpsdossiers die bij alle secties, of de verschillende organisatie-eenheden, voorkwamen.
Het Hoofd van het Bureau Registratie en Archiefbeheer verstrekte deze nummers aan de sectiechefs. Van deze verstrekking van nummers werden aantekeningen bijgehouden in een zogenaamd stamregister. De sectiechef zorgde vervolgens voor de inschrijving van de aan hem verstrekte nummers in het ‘register C-nummers’.
Dit register bevat geen additionele informatie die niet al op de dossiers zelf is genoteerd en werd niet gebruikt als hulpmiddel bij de selectie zoals die door het Project Wegwerken Archief Achterstanden (hierna: PWAA) in 2007 werd uitgevoerd. De archiefblokken van de C-dossiers werden door PWAA tot en met 1995 bewerkt, vanwege de looptijd van de archiefonderdelen TBR en reclassering. Het archiefonderdeel onderwerpsdossiers van algemene aard loopt door tot heden maar werd ook bewerkt tot 1995 om de eenheid van het archief als geheel te bewaren. De verschillende secties die dossiers aanmaakten zijn reeds in het voorgaande uitvoerig besproken waardoor dit hier achterwege kan worden gelaten.
Wel dient opgemerkt te worden dat TBR (Psychopatenzorg) en reclassering tot 1967 onderdeel waren van de afdeling straf- en staatsrecht. Na 1967 zijn TBR en reclassering aparte hoofdafdelingen geworden. In samenspraak met Justitie is ervoor gekozen om TBR en reclassering onder Staats- en strafrecht te laten vallen.
Tijdens de schouwing door HVA van het archief voorafgaand aan de selectie is geconstateerd dat de te bewerken archiefonderdelen zijn geordend zoals hierboven beschreven. De archiefonderdelen TBR en Reclassering bevatten allerlei C-codes niet alleen specifieke codes betreffende TBR of Reclassering.
Na de bewerking door HVA is er geen archief overgedragen aan het Nationaal Archief. Het bewerkte deel werd door Justitie (en vanaf 2012 door Doc-Direkt) tot 2018 in Rijswijk beheerd en aangevuld met nieuwe dossiers. Vanaf 2018 ging het beheer van alle C-dossiers over naar Doc-Direkt in Apeldoorn. Tot aan de laatste aanvullende bewerking door Doc-Direkt heeft het archief van de C-dossiers daar gestaan.
De verwerving van het archief
Het archief is in 2022 door Ministerie van Veiligheid en Justitie overgebracht naar het Nationaal Archief, krachtens artikel 12 van de Archiefwet 1995
Inhoud en structuur van het archief
Inhoud
C-dossiers zijn object- of persoonsgebonden onderwerp- en lettergroep-dossiers. C-dossiers zijn verzamelingen van dossiers die gelijksoortige zaken bevatten, een geringe omvang hebben en hetzelfde onderwerp bevatten.
Het kenmerk op de C-dossiers bestaat uit de hoofdletter C gevolgd door een numerieke code oplopend van 001 tot 598. De opbouw van de inventaris is gebaseerd op deze C-nummers, welke zijn voorzien van een specifiek onderwerp waarop de onderzoeker zich kan richten.
In een aantal gevallen treft de onderzoeker ook zogenaamde verzameldossiers aan. Dergelijke dossiers werden aangelegd om stukken met eenzelfde onderwerp bijeen te brengen. Een voorbeeld hiervan zijn de dossiers inzake de Ambonezen zorg in de jaren zeventig van de afgelopen eeuw.
De volgende lijst met C nummers en onderwerpen zijn terug te vinden in deze inventaris:
- C000 Algemeen;
- C003 Het bijwonen van (internationale) vergaderingen, tentoonstellingen en conferenties;
- C006 Beheer van archiefstukken, registratuur;
- C008 Het informeren van de Tweede Kamer inzake huisvesting;
- C010 Ongevraagde prijscouranten en offertes van derden;
- C015 Begrotingen en Jaarkredieten;
- C016 In bruikleen geven van kunstvoorwerpen;
- C022 Officiële ontvangsten door de regering en de minister van Justitie;
- C023 Redevoeringen gehouden door de Minister van Justitie;
- C024 Verzoeken om c.q. verstrekken van inlichtingen van algemene aard;
- C031 Verzoeken om inlichtingen van algemene aard;
- C034 Onderzoek van de Nationale Ombudsman inzake klachten tegen de dienst;
- C051 Kansspelen;
- C052 Verlenen van vergunningen;
- C054 Verzoek om toepassing van een zwaardere strafmaat voor daders van overvallen en aanrandingen;
- C056 Nederlandse oorlogsmisdadigers;
- C065 Inrichting en uitrusting bureaus reprografie en expeditie;
- C066 Regelingen tussen het ministerie van Justitie en het Algemeen Rijksarchief (ARA);
- C076 Toestemming voor Indische juristen;
- C080 Ambtsaanvaarding door nieuwe benoemde minister;
- C081 Benoeming staatsraden en staatsraden in buitenlandse dienst;
- C084 Benelux;
- C089 Invoering van het Nieuw Burgerlijk Wetboek;
- C095 Grenswijzigingen van gemeenten;
- C097 Registers van de burgerlijke stand;
- C100 Ambonezenzorg;
- C102 Eer- en feestbetoon bij officiële gelegenheden;
- C113 Naturalisatie;
- C122 Kamervragen betreffende Natoverzetsmars;
- C126 Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht;
- C140 Inlichtingen aan binnenlandse en buitenlandse instanties omtrent de Nederlandse wetgeving, rechtsspraak en bestuur;
- C145 Vergaderingen van secretarissen en voorzitters van de Raden voor de kinderbescherming;
- C149 Excursies (studie en werk)bezoeken van derden aan het ministerie van Justitie en de hieronder ressorterende diensten en instellingen;
- C152 Uitvoering van de wet houdende vaststelling van tarieven van gerechtskosten in strafzaken;
- C166 Verzoek tot inzage in gerubriceerde stukken;
- C171 Ambtsaanvaarding, aanstelling en afscheid van de Staatssecretaris van het ministerie van Justitie;
- C182 Plaatsing en onderhoud van verkeerslichteninstallaties in gemeenten;
- C191 Aanmerking als voorwerpen als vuurwapen in de zin van de Vuurwapenwet of als wapen in de zin van de wapenwet;
- C196 Maand, kwartaal en jaarverslagen;
- C199 Embargo van vuurwapens;
- C203 Reserve-politie;
- C217 Overgang van Rijks- naar Gemeentepolitie en vice versa;
- C229, C431 Commissie van Advies voor de Pornografiebestrijding;
- C259 Adviescommissie voor verkeerstoezicht;
- C264 Aangelegenheden met betrekking tot Koninklijke Marechaussee;
- C267 Instelling, aanwijzing en opheffing van diensten of onderdelen daarvan ressorterend onder het ministerie van Justitie;
- C325 Wetenschappelijke onderzoekingen op het terrein van Justitie;
- C330 Het geven van pers- en publieksvoorlichting;
- C342 Verslagen van interne controles vanwege de directies;
- C345 Controles op de administraties door de Algemene Rekenkamer;
- C355 Vaststellen en wijzigen van de organisatie van het korps Rijkspolitie;
- C380 Verstrekken van inlichtingen uit de politieregisters;
- C381 Informatie verstrekking uit dossiers politiezuivering;
- C382 I Documentatiesysteem voor de Districtsrecherche;
- C397 Aanwijzing tot en opheffing van inrichtingen ressorterende onder het Gevangeniswezen en Psychopatenzorg;
- C398 Organisatie en reorganisatie inrichtingen gevangeniswezen, T.B.R. en kinderbescherming;
- C399 Organisatiebesluiten van het ministerie van Justitie;
- C427 Toegang tot de inrichtingen;
- C429 Toegang tot de strafgestichten;
- C436 Organisatie en reorganisatie gerechten;
- C440 Verbeurdverklaarde en in beslag genomen goederen;
- C466 Plaatsing en overplaatsing van gedetineerden en verpleegden;
- C489 Begrotingen en afrekeningen inzake particuliere reclasseringsinstellingen;
- C490 Verpleegsubsidies particuliere reclasseringsinstellingen;
- C502 Gevallen waarin de Staat aansprakelijk wordt gesteld voor schade;
- C521 Personeelsbezetting en formatie;
- C534 Toelating tot de extranei opleiding bij de politie;
- C537 Bouw, exploitatie en overdracht van gebouwen;
- C547/1695 Personeelsbezetting en formatie;
- C557 -152 Commissies en werkgroepen Immigratie en Naturalisatiedienst (IND);
- C561 Personele, materiele en financiële voorzieningen ten behoeve van de Raden voor Rechtsbijstand;
- C602 Verstrekken, wijzigen en de financiële verantwoording van speelautomatenvergunningen.
Selectie en vernietiging
Van de 531,65 meter die bij PWAA en later HVA werd aangeboden is 31,875 meter (1 tot en met nummer 898) in de eerste en tweede bewerking bewaard. In de derde bewerking door Doc-Direkt (vanaf nummer 899) is 36,375 meter bewaard. Uit de derde bewerking kwam 22,25 meter in aanmerking voor vernietigen op termijn. Deze stukken zijn geretourneerd aan zorgdrager. De overige archiefbescheiden zijn vernietigd.
De selectie vond plaats op basis van de volgende Basis Selectiedocumenten:
- [010] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Zorg voor de rechtspleging over de periode 1945-2002, (Stcrt. 17 maart 2008, nr. 54);
- [011] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en
de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Nationaliteiten over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 6 mei 2003, nr. 86); - [012] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Kwaliteit van de wetgeving over de periode 1945-1998, (Stcrt. 14 februari 2007, nr. 32);
- [015] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Beheer van de Rijksbegroting over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 11 september 2006, nr. 176);
- [016] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Burgerluchtvaart over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 2 september 2008, nr. 169);
- [023] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein toelating van vreemdelingen over de periode 1945-1993, (Stcrt. 23 mei 2002, nr. 95);
- [040] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Regulering van en het toezicht op de centrale bank, het kredietwezen, het effectenverkeer, het giroverkeer (en de
Rijkspostspaarbank), het voorkomen van het witwassen van uit criminele activiteiten
verkregen gelden en het financiële verkeer in buitengewone omstandigheden over de periode vanaf 1940 (Stcrt. 26 november 2007, nr. 229); - [045] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Rijkshuisvesting over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 26 juli 2007, nr. 142);
- [046] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Voorlichting van de rijksoverheid over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 14 juni 2007, nr. 112);
- [056] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Nationale Ombudsman over de periode vanaf (1964) 1982, (Stcrt. 23 oktober 2007, nr. 204);
- [072] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie als vakminister en de onder hem als vakminister ressorterende actoren op het deelbeleidsterrein Arbeidsverhoudingen bij de overheid over de periode 1945-1995 (1997), (Stcrt. 16 oktober 2001, nr. 200);
- [073] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie als vakminister en de onder hem als vakminister ressorterende actoren op het deelbeleidsterrein Arbeidsvoorwaarden Rijkspersoneel over de periode 1945-1996, (Stcrt. 16 oktober 2001, nr. 200);
- [074] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Buitensectorale Arbeidsvoorwaarden over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 30 oktober 2007, nr. 210);
- [075] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie als vakminister en de onder hem als vakminister ressorterende actoren op het deelbeleidsterrein Formatiebeleid, arbeidsmarktbeleid en personeelsontwikkeling en mobiliteit over de periode 1945-1996, (Stcrt. 17 oktober 2001, nr. 201);
- [076] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie als vakminister en de onder hem als vakminister ressorterende actoren op het deelbeleidsterrein Arbeidsomstandigheden bij de overheid over de periode 1945-1996, (Stcrt. 17 oktober 2001, nr. 201);
- [077] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie als vakminister en de onder hem als vakminister ressorterende actoren op het deelbeleidsterrein Personeelsinformatievoorziening en -administratie over de periode 1945-1996, (Stcrt. 17 oktober 2001, nr. 201);
- [087] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Reclassering over de periode 1948-1999, (Stcrt. 21 juli 2004, nr. 137);
- [090] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Wapens en Munitie over de periode 1945-1997, (Stcrt. 24 november 2005, nr. 229);
- [092] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Overheidsinformatievoorziening over de periode 1945-1999, (Stcrt. 29 juli 2004, nr. 143);
- [095] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren voor het Toezicht op Rechtspersonen, onderdeel van het beleidsterrein Privaatrecht vanaf 1945-2000, (Stcrt. 1 maart 2006, nr. 43);
- [100] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Politie over de periode 1945-1993, (Stcrt. 6 november 2007, nr. 215);
- [106] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Bescherming van Persoonsgegevens over de periode vanaf 1968, (Stcrt. 16 april 2007, nr. 73);
- [112] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van het Centraal Justitieel Incasso Bureau op het beleidsterrein Sanctiebeleid over de periode 1991-2001, (Stcrt. 10 januari 2006, nr. 7);
- [116] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Internationale Rechtshulp in strafzaken over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 22 mei 2006, nr. 99);
- [118] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Auteursrecht over de periode (1912) 1945-2000, (Stcrt. 29 november 2005, nr. 232);
- [123] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Verslavingsbeleid over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 26 februari 2007, nr. 40);
- [124] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Rechterlijke macht over de periode vanaf 1950, (Stcrt. 8 januari 2007, nr. 5);
- [125] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Cultuurbeheer over de periode 1945-2000, (Stcrt. 28 oktober 2004, nr. 208);
- [130] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Kansspelen over de periode 1945-2000, (Stcrt. 19 juli 2007, nr. 137);
- [135] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Gevangeniswezen en Terbeschikkingstelling over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 25 februari 2008, nr. 39);
- [139] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Friese taal over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 12 april 2007, nr. 71);
- [143] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Internationale Rechtshulp in strafzaken over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 22 mei 2006, nr. 99);
- [152] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Justitiële Jeugdzorg over de periode 1945-2000, (Stcrt. 27 februari 2006, nr. 41);
- [153] Selectielijst voor de neerslag van handelingen van de Minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Beleid Openbaar Ministerie over de periode vanaf 1950, (Stcrt. 2 december 2005, nr. 235);
- [168] Selectielijst voor P-Direkt (het deelbeleidsterrein van Personeelszaken, t.w. het personeelsdossier) voor de periode vanaf 1945, (Stcrt. 18 november 2016, nr. 61351);
- [182] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Gerechtsdeurwaarders over de periode vanaf 1945, (Stcrt. 10 maart 2008, nr. 49);
- [188] Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Gefinancierde Rechtsbijstand en Rechtshulp over de periode vanaf 1975, (Stcrt. 8 januari 2009, nr. 348).
Selectie heeft ertoe geleid, dat enkele dossiers van vernietiging werden uitgezonderd en op basis van artikel 5, lid 1 onder e van het Archiefbesluit 1995 worden bewaard. Het betreft bescheiden inzake de opsporing, berechting en gratieverzoeken van oorlogsmisdadigers, stukken inzake het Nederlands Beheersinstituut en de bescheiden betreffende het internationaal privaatrecht, in het bijzonder de internationale koop van goederen.
Tevens werden stukken inzake kwesties met Ambonezen en Molukkers uitgezonderd van vernietiging en in deze inventaris opgenomen. Een en ander is reeds uitvoerig in het voorgaande besproken.
Aanvullingen
Tot op heden worden er C-dossiers gevormd. Er kan dientengevolge een aanvulling op dit archief verwacht worden.
Verantwoording van de bewerking
De archiefblokken van de archiefonderdelen TBR en reclassering lopen tot 1995. Het archiefonderdeel onderwerpsdossiers van algemene aard loopt door tot heden en is bewerkt tot 2005 om de eenheid van het archief te bewaren. Desalniettemin kunnen in dit archief bescheiden worden aangetroffen waarvan de looptijd na 2005 doorloopt.
Tijdens de bewerking is ervoor gekozen om de dossiers zoveel mogelijk intact te laten, ondanks de formele grenzen van de bewerking. In 2007 is het archief tot en met 1995 vanuit het semi-statisch depot van het ministerie van Justitie te Rijswijk verplaatst naar het Groot Handelsgebouw te Rotterdam, de huisvesting van het Project Wegwerking Archief Achterstanden (PWAA), alwaar het bewerkt is.
Het archief kende vóór 2007 geen eerdere bewerking. Wel zijn voorafgaand aan de bewerking door het ministerie van Justitie enkele toegangen aangeleverd. Deze toegangen bleken onbruikbaar voor opname in de inventaris. Het archief werd door de zorgdrager in standaard archiefdozen aangeleverd waarop de C-code stond vermeld. Op de dossiers stonden de C-code, een Basis Archief Code en een omschrijving geschreven. Door PWAA werd in een Excel bestand een vernietigingslijst opgesteld die door de zorgdrager werd goedgekeurd, waarna tot vernietiging kon worden overgegaan. 22,25 meter kwam in aanmerking voor vernietiging op termijn. Dit materiaal is geretourneerd aan de zorgdrager.
In 2010 heeft HVA een bewerking uitgevoerd op de C-dossiers van 1990 t/m 2009. Uit deze bewerking kwamen twee MS Excellijsten met dossierbeschrijvingen en waarderingen B, V, VOT en VJO. Justitie heeft deze producten niet volledig goedgekeurd en daarmee werd er geen archief overgedragen of vernietigd. In 2021 en 2022 heeft Doc-Direkt een deel van de selectie van HVA opnieuw uitgevoerd, met als richtperiode de dossiers van 1995-2005 (DVO-A). Daarnaast bleken er dossiers van vóór 1995 in het archiefbestand van de C-dossiers voor te komen die nooit eerder zijn bewerkt. Deze zijn in de bewerking van Doc-Direkt meegenomen. Dossiers die door HVA wel juist waren geselecteerd, zijn niet herbewerkt, maar zijn hetzij opgenomen in de inventaris, hetzij in de V- of VOT-lijsten.
Alle stukken zijn van nietjes, plakband en overige hechtmiddelen ontdaan en verpakt in zuurvrije omslagen en zuurvrije archiefdozen. Ze zijn daarna genummerd volgens de inventaris. De omslagen en dozen zijn voorzien van etiketten. Van de te vernietigen stukken zijn vernietigingslijsten opgesteld en deze zijn aan het ministerie van Justitie overgedragen.
Ordening van het archief
Om te komen tot een helder, duidelijk overzicht van de te bewaren documenten is de inventaris als volgt geordend:
Primair werd een onderscheid gemaakt tussen Directie Justitiële Inrichtingen en Directie Bedrijfsvoering en Ondersteuning Bestuursdepartement en secundair op C-code. Opgemerkt dient te worden dat de afzonderlijke C-codes zowel bij Dienst Justitiële Inrichtingen als bij Directie Bedrijfsvoering en Ondersteuning Bestuursdepartement kunnen voorkomen.
Deze oorspronkelijke ordening is tijdens de bewerking in stand gelaten. De afzonderlijke C-codes zijn voorzien van een titel die voor de onderzoeker als referentie kan dienen. Deze titels werden aan PWAA verstrekt door de Directie Bedrijfsvoering en Ondersteuning Bestuursdepartement. De aangeleverde lijst voorzag echter niet voor iedere code een titel. Door PWAA werden deze leemtes, aan de hand van de archiefbescheiden, ingevuld. Tertiair werd een chronologische ordening aangebracht.
Deze indeling naar C-codes is door HVA en Doc-Direkt bij de latere bewerkingen in stand gehouden.
Aanwijzingen voor de gebruiker
Openbaarheidsbeperkingen
Deels openbaar, deels beperkt openbaar (B). Eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer.
Beperkingen aan het gebruik
Reproductie van originele bescheiden uit dit archief is, behoudens de algemene regels die gelden voor het kopiëren van stukken, niet aan beperkingen onderhevig. Er zijn geen beperkingen krachtens het Auteursrecht.
Materiële beperkingen
Het archief kent geen beperkingen voor het raadplegen van stukken als gevolg van kwetsbare of slechte materiële staat.
Andere toegang
Voor dit archief is geen andere toegang beschikbaar
Aanvraaginstructie
Openbare archiefstukken kunnen online worden aangevraagd en gereserveerd. U kunt dit ook via de terminals in de studiezaal van het Nationaal Archief doen. Om te kunnen reserveren dient u de volgende stappen te volgen:
- Creëer een account of log in.
- Selecteer in de archiefinventaris een archiefstuk.
- Klik op ‘Reserveer’ en kies een tijdstip van inzage.
Citeerinstructie
Bij het citeren in annotatie en verantwoording dient het archief tenminste éénmaal volledig en zonder afkortingen te worden vermeld. Daarna kan worden volstaan met verkorte aanhaling.
VOLLEDIG:
Nationaal Archief, Den Haag, Ministerie van Justitie: C-dossiers Ministerie van Justitie, Aanvulling C-dossiers DBOB, nummer toegang 2.09.92, inventarisnummer ...
VERKORT:
NL-HaNA, Justitie / C-dossiers, 2.09.92, inv.nr. ...
Verwant materiaal
Bewaarplaats van originelen
Niet van toepassing
Inventarisnummers van dit archief zijn niet in kopievorm beschikbaar
Afgescheiden archiefmateriaal
Niet van toepassing
- Nationaal Archief, toegang 2.09.01: Het archief van het Ministerie van Justitie, (1800)
1813-1876 (1951); - Nationaal Archief, toegang 2.09.05: De archieven van het Ministerie van Justitie: Verbaalarchief, 1876-1914;
- Kabinets- en Geheim Archief, 1823-1914 Nationaal Archief, toegang 2.09.22: De archieven van het Ministerie van Justitie: Verbaalarchief, (1853) 1915-1955 (1963);
- Kabinetsarchief, (1907) 1915-1940; Nationaal Archief, toegang 2.09.75: De archieven van het Nieuw Burgerlijk Wetboek (1919) 1947-2005;
- Nationaal Archief, toegang 2.09.47; Inventaris van het archief van het Ministerie van Justitie: Wettendossiers, (1831) 1850-1975 (2000);
- Nationaal Archief, toegang 2.09.5309; Inventaris van de dossiers betreffende Auteursrecht van de Directie Wetgeving van het Ministerie van Justitie (1932), (1939)1945-1979(1984).
Bijlagen
Geen bijlagen