Inhoud der archieven
In vrijwel alle gevallen beginnen de series notulen, periodieken en dergelijke vóór de fusie van de KNVB van 1 augustus 1940. Toen fuseerden alle bestaande voetbalorganisaties tot één organisatie . Daarmee kwam er een einde aan het bestaan van de als gevolg van de verzuiling afzonderlijke bestaande voetbalorganisaties . Archivistisch gezien had elk afdelingsarchief daarom in een periode van vóór en ná 1940 gesplitst kunnen worden. Om praktische redenen werd hiervan afgezien en lopen alle series, mits deze goed op elkaar aansluiten, door.
Alvorens nader in te gaan op de inhoud van de archieven kan in het algemeen worden gesteld, dat het bij de aanvang van elk onderzoek raadzaam is de jubileumboeken te raadplegen. Hoewel er over de jubilea van de KNVB het nodige is bewaard, ontbreken de bij die gelegenheid uitgegeven jubileumboeken in dit archief. Dergelijke overzichtswerken zijn daarentegen van de afdelingen Drenthe, Twenthe, Arnhem, Nijmegen, Utrecht, Haarlem, Leiden, Gouda, 's-Gravenhage, Zeeland en Noord-Brabant wel aanwezig. Onderling onderscheiden deze zich van zeer summier tot uitgebreid
Inv.nrs 1505, 1726-1727, 2089, 2308, 2572, 2791-2792, 2961, 3040, 3178, 3698, 3777.
.
Wat de series in de verschillende archieven zelf betreft valt het volgende op te merken. Bestuurlijk gezien vormen de notulen de ruggengraat van elk archief. Voor de onderzoeker, die is geïnteresseerd in eindstanden en dergelijke, zijn daarentegen allereerst de jaarverslagen van groot belang.
Deze inventaris laat zien dat in de voetbalwereld vanouds veel waarde werd gehecht aan een goede informatievoorziening. Dientengevolge vindt men in elk archiefblok, of dit nu het hoofdbestuur betreft of de verschillende afdelingen, wel een eigen periodiek of periodieken. Voor de periode van het bestaan van de KNVB tot 1898 had men nog geen eigen periodiek en moet men de periodieken raadplegen, die gezamenlijk met andere sportverenigingen werden uitgegeven. Naast de algemene bladen onderhield het hoofdbestuur van de KNVB sinds 1950 ook contact met de bij haar aangesloten verenigingen door deze Rondzendbrieven en Bulletins toe te sturen. Vanaf 1955 werd daarbij ook een onderscheid gemaakt tussen het betaald - en het amateurvoetbal.
Verder treft men in de archieven van het hoofdbestuur en een aantal afdelingsarchieven ook een serie Adresboeken aan. Anders dan de titel doet vermoeden geven de adresboeken van het hoofdbestuur veel meer informatie dan enkel adressen. In de loop van de tijd veranderde de inhoud hiervan wel. Zo werden naast de samenstelling van het bondsbestuur, de districtsbesturen en het commissiewezen, de werkzaamheden van het bondsbestuur, de namen van scheidsrechters en consuls, de oprichtingsdata van de verenigingen en de ligging van de terreinen vermeld, maar bijvoorbeeld ook de namen van de niet bij de bond aangesloten bonden. Gedurende enige tijd gold dit ook voor de bondsbesluiten van het voorgaande seizoen. In de adresboeken van de afdelingen treft men uiteraard voor een deel dezelfde gegevens aan. Verder treft men hier bijvoorbeeld aan welke kleuren de tenues hadden en waar de kleedlokalen waren gelegen.
Hoewel het archief van het hoofdbestuur over bepaalde gebeurtenissen als de fusie van 1940 en de organisatie van het betaald voetbal respectievelijk het amateurvoetbal en de interlands het nodige bevat, maakt het over het geheel genomen toch een onvolledige indruk. Zeker waar het de beginjaren betreft. Dit in vergelijking met enkele afdelingsarchieven.
Overigens is ook de volledigheid van deze archieven zeer verschillend. De afdelingen Groningen, Drenthe, Haarlem en Leiden zijn voorbeelden van (redelijk) complete archieven over de gehele bestaansperiode. In mindere mate geldt dit ook voor de afdelingsarchieven van Friesland, Gelderland, Arnhem, Nijmegen, Utrecht, Gouda, Rotterdam, Dordrecht, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Doordat de voorzitter van de afdeling Zwolle het afdelingsarchief op eigen initiatief in 1996 aan het gemeentearchief Zwolle schonk, bestaat het in deze inventaris als zodanig beschreven archief vooral uit drukwerk. Als zodanig is hier geen sprake van een echt archief. Het in Zwolle berustende archief loopt over de periode 1906-1996 en beslaat 3 meter. Momenteel is het nog niet nader ontsloten. Het afdelingsarchief van Twenthe is zeer fragmentarisch. Het afdelingsarchief van Noord-Holland berust op het bondsbureau te Alkmaar en is aldaar raadpleegbaar. Desondanks is er in deze inventaris ook een rubriek voor deze afdeling ingeruimd. Daarin zijn allereerst afgedwaalde archiefstukken geplaatst. Verder werden daarin periodieken en gedrukte stukken van de afdeling Noord-Holland opgenomen, die bij andere afdelingen als ingekomen stukken werden aangetroffen.
Verder zij nog opgemerkt dat bij de afdelingen Drenthe, Nijmegen, 's-Gravenhage en Noord-Brabant restanten van archieven van andere bonden werden aangetroffen. Uit het feit dat deze alle van vóór 1940 dateren valt af te leiden, dat deze in verband met de fusie van 1940 bij de afdelingsarchieven zijn gedeponeerd. Van geheel andere aard zijn de bij de afdeling Dordrecht gedeponeerde archivalia, die betrekking hebben op de periode, die aan de oprichting van de Dordtsche Voetbalbond voorafging.
Periodisering en omvang
Over de datering kan worden opgemerkt dat het archief van het hoofdbestuur begint met afschriften van de oprichtingsvergaderingen van 1889. In principe ligt het eindjaar van het archief van het hoofdbestuur bij 1996, omdat toen de hiervoor genoemde herstructurering van afdelingen naar districten inging. Het jaartal 1997 is tussen haakjes toegevoegd, omdat in twee gevallen archiefstukken tot in dat jaar doorlopen
Inv.nrs 314 en 916.
Voornoemde reorganisatie verklaart tevens waarom alle afdelingsarchieven met uitzondering van Friesland, Arnhem, Gouda en Rotterdam, die een jaar eerder eindigen, ook tot 1996 doorlopen.
De omvang van het archief bedraagt na bewerking 180,2 m1. Het archief van het Hoofdbestuur van de KNVB beslaat 78,7 m1. De metrages van de afdelingsarchieven zijn als volgt te specificeren:
- Groningen 5,5 m1
- Friesland 5 m1
- Drenthe 6 m1
- Zwolle 3 m1
- Twenthe 0,5 m1
- Gelderland 7,5 m1
- Arnhem 2 m1
- Nijmegen 7,5 m1
- Utrecht 10 m1
- Noord-Holland 0,2 m1
- Amsterdam 5,3 m1
- Haarlem 6,6 m1
- Leiden 2,75 m1
- Gouda 4,1 m1
- 's-Gravenhage 3,5 m1
- Rotterdam 11 m1
- Dordrecht 5,75 m1
- Zeeland 3 m1
- Noord-Brabant, 9 m1
- Limburg, 2,8 m1