2.19.191 Inventaris van het archief van Stichting voor Internationale Samenwerking in het Hoger Onderwijs (Nuffic), (Raad van) Bestuur, 1952-1992

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Oprichting

De Nuffic is de Nederlandse Organisatie voor internationale Samenwerking in het Hoger Onderwijs. De stichting is opgericht op vrijdag 11 januari 1952 door de gezamenlijke presidenten-curator van de Nederlandse universiteiten en hogescholen (toen de TH Delft, De Nederlandsche Economische Hogeschool te Rotterdam en de Handelshogeschool te Tilburg). De naam van de organisatie was toen Stichting voor de Internationale Samenwerking der Nederlandse universiteiten en hogescholen (Netherlands Universities Foundation for International Cooperation). De Engelse benaming leverde het acronym N.U.F.F.I.C op. Sinds de jaren tachtig wordt dit Nuffic niet meer als acronym gezien en koos het bestuur voor de omschrijving "Nederlandse Organisatie voor Internationale Samenwerking in het Hoger Onderwijs" om daarmee aan te geven, dat zij haar werkzaamheden niet beperkte tot de universiteiten, maar zich ook uitstrekte tot het Hoger Beroeps Onderwijs. Ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan koos de Nuffic zich bovendien een motto: linking knowledge worldwide.

Missie en taken

De Nuffic werkt in het verlengde van het Nederlandse overheidsbeleid en in dienst van studenten en instellingen:
  • Capaciteitsopbouw en Beurzen. Het beheren van programma's voor internationale mobiliteit (beurzen) en voor institutionele samenwerking.
  • Communicatie. Het geven van informatie over hoger onderwijs in Nederland en het buitenland; diplomawaardering; promotie van het Nederlands hoger onderwijs in het buitenland; het bevorderen van de internationale mobiliteit van Nederlandse docenten en studenten.
  • Kennis en innovatie. Het verrichten van studies over internationale samenwerking in het (hoger) onderwijs; het organiseren en informeren van overlegorganen voor instellingen voor hoger onderwijs, overheidsinstanties en/of particuliere organisaties; het uitdragen van kennis over internationale samenwerking in het hoger onderwijs door cursussen en seminars."
De volledige missie van de organisatie luidt sinds 2007 als volgt:
"Linking knowledge world wide is het motto van de Nuffic, de Nederlandse Organisatie voor Internationale Samenwerking in het Hoger Onderwijs. Sinds haar oprichting in 1952 hebben al haar activiteiten daarmee te maken. Linking Knowledge Worldwide betekent altijd, dat men dan ook mensen met elkaar in verbinding brengt, want het bijzondere aan kennis is, dat die in de aardse werkelijkheid niet buiten de mensen om kan bestaan. Linking knowledge is linking people. Kennis heeft nog een bijzondere karaktertrek: je kunt kennis niet weggeven, je deelt haar altijd met anderen. Dat delen brengt dan in een groot aantal gevallen weer nieuwe kennis voort. Zo vergroten mensen de totale hoeveelheid kennis op deze wereld door met elkaar te communiceren en in netwerken elkaars kennis te delen. De Nuffic is er trots op dat juist Linking Knowledge Worldwide haar bestaansreden is".
De Nuffic heeft tot op de huidige dag organisatorisch onderdak geboden aan verschillende instanties die verwantschap vertoonden met haar werkterrein. Dit zijn het Centrum voor de Studie van het Onderwijs in Ontwikkelingslanden (CESO)(1963-1995), het Instituut voor het Maatschappijwetenschappelijk Onderzoek in Ontwikkelingslanden (IMWOO) (1969 t/m 1993), het secretariaat van de Raad van Advies voor het wetenschappelijk onderzoek in het kader van ontwikkelingssamenwerking (RAWOO) (1983 t/m 2007) en het secretariaat van de Nationale Unesco Commissie.
De organisatie is vanaf de stichting in Den Haag gevestigd gebleven, zij het op verschillende lokaties, van 1952 tot 1978 in het Paleis Noordeinde, van 1978 - 1993 in het voormalige hotel de Wittebrug en sinds 1993 in het tot dat doel gerestaureerde voormalig hoofddirectiekantoor der PTT op de Kortenaerkade.
De presidenten-curator die de Nuffic stichtten, deden dat op instigatie van het Ministerie van Onderwijs Kunsten en Wetenschappen, dat door een commissie onder leiding van mr. J. Le Poole een advies had laten uitbrengen over de "Aanpassing van het academisch onderwijs aan de internationale behoeften". Een belangrijke conclusie was, dat dit onderwijs toegankelijk gemaakt moest worden voor buitenlandse studenten, met name nog onvoldoende gespecialiseerd en gevormd kader uit recent onafhankelijk geworden ontwikkelingslanden. Hiertoe zouden speciale Engelstalige instellingen in het leven geroepen moeten worden. Het oprichten van zulke instellingen was dan ook aanvankelijk het hoofddoel van de Nuffic en zij staat aan de wieg van het Institute of Social Studies (ISS) (1953) en het International Institute for Hydraulic Engineering (IHE) 1955. Thans is dit het Unesco IHE Institute for Water Education, dat tot in de jaren tachtig een organisatorische band met de Nuffic is blijven onderhouden. De Nuffic speelde ook een rol bij de oprichting van opleidingen, die thans nog voortleven als het Maastricht School of Management (MSM) and het Institute for Housing and Urban Development Studies IHS te Rotterdam.
Taken m.b.t. sociale opvang en werving van studenten in het buitenland
Van het begin af aan verrichtte de Nuffic allerlei dienstverlenende taken met betrekking tot sociale opvang en ook werving van studenten in het buitenland. Zo gaf de stichting sinds 1957 het kwartaalblad Higher Education in the Netherlands uit teneinde bekendheid te geven aan de ontwikkelingen van onderwijs en onderzoek in Nederland. Het laatste nummer verscheen in 1993. Het tijdschrift was inmiddels omgedoopt tot Counterpart.
In 1958 kreeg de Nuffic de opdracht om de waardering van buitenlandse diploma's en graden op zich te nemen. Toen het Ministerie van Buitenlandse Zaken aan het eind van de jaren zestig in het kader van de ontwikkelingssamenwerking steunprogramma's opzetten voor het hoger onderwijs in de Derde Wereld, werd de Nuffic belast met het beheer van deze programma's. Ook speelde de Nuffic een beheersol bij het Netherlands Fellowships Programma (NFP), een beursprogramma voor studenten uit ontwikkelingslanden.
In de tweede helft van de jaren tachtig begonnen de Nederlandse overheid en de Europese Commissie meer aandacht te besteden aan de bevordering van Europese mobiliteit van docenten en studenten. Er kwamen nationale en Europese stimuleringsprogramma's, zoals het bekende Erasmus, waarvan het beheer aan de Nuffic werd toevertrouwd. Het beheer van programma's voor internationale beursverlening en internationale institutionele samenwerking is nog steeds een zeer belangrijke taak van de Nuffic.
Aan het eind van de twintigste eeuw werd een nieuw werkterrein aan deze trits toegevoegd: de internationale marketing en promotie van het Nederlands hoger onderwijs. De Nuffic kreeg van het ministerie van OCW de opdracht zich bezig te houden met de generieke promotie en met de coördinatie van de promotieactiviteiten van de afzonderlijke instellingen, zodat waar relevant zoveel mogelijk synergie kon ontstaan. Dit leidde tot een praktijk van branche-promotie in nauwe samenspraak en samenwerking met de instellingen. In 2006 en 2007 werd in het kader van een branding proces een internationaal merk van het Nederlands hoger onderwijs tot stand gebracht. De themaregel die bij dit merk hoorde, luidt: open for international minds.

Bestuurlijke organisatie

Bestuurlijk is de organisatie sinds 1952 een stichting gebleven. Aanvankelijk maakten waren alle instellingen voor academisch onderwijs in het bestuur vertegenwoordigd, terwijl er ook waarnemers waren van de Ministeries van Onderwijs en Buitenlandse Zaken, alsmede de toenmalige Academische Raad. De Nuffic kende een onafhankelijk voorzitter. De eerste was prins Bernhard. Uit het bestuur kwam een dagelijks bestuur voort. De stichting kende een secretaris die tevens opdracht als directeur van het bedrijf.
In de jaren tachtig is deze bestuursstructuur afgeslankt. Er kwam een kleiner gezelschap met vertegenwoordigers van de koepelorganisaties van het hoger onderwijs HBO-Raad, Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten (VSNU) en de Federatie van Internationaal Onderwijsinstellingen in Nederland (FION). Ook de Ministeries van Onderwijs en Wetenschappen en Buitenlandse Zaken waren vertegenwoordigd, terwijl de voorzitter nog steeds een onafhankelijke positie had. In verband met Europese aanbestedingsregels zijn de banden met de achterban nog losser gemaakt. Sinds het begin van de eenentwintigste eeuw kende de Nuffic een raad van toezicht van onafhankelijke deskundigen die uit maatschappij en onderwijs afkomstig waren en een tweehoofdig bestuur, dat samenviel met de directie. Sinds 2007 kent de Nuffic een vierkoppige directie met een algemeen directeur aan het hoofd, die gecontroleerd wordt door een Raad van Toezicht.
Nuffic oefent voor bepaalde taken overheidsgezag uit. De Nuffic geeft namelijk in een aantal subsidieregelingen namens de minister beschikkingen aan particulieren af. De dossiers van die beschikkingen vallen onder de reikwijdte van de Archiefwet. Dat houdt in dat ze na een vastgesteld aantal jaren vernietigd worden. Het Bestuursarchief is van belang omdat zij de historische ontwikkelingen in internationalisering van het hoger onderwijs vanuit een bestuurlijke context schetst.
Voor meer informatie over Nuffic:
  • www.nuffic.nl.
  • Een wereldstichting uit Den Haag/ Han van der Horst, Nuffic : Den Haag, januari 2007 - ISBN 9789054640455.

Verwante organisaties

Een aantal organen zijn nauw verwant aan Nuffic. Hieronder volgt een omschrijving:
De Commissie inzake de Aanpassing van het Hoger Onderwijs aan Internationale Behoeften is ingesteld door de Minister van OKW op 11 april 1950. Als secretaris trad op mr. J. Le Poole, die toen aan dit ministerie was verbonden. Leden waren Prof. Dr. M.W. Woerdeman, prof. Ir. D. Dresden, prof. Dr. V.J. Koningsberger en prof mr. dr. F.L. Polak. In het algemeen spraakgebruik werd ze aangeduid als de "Commissie Woerdeman".
Het advies van deze commissie bracht de instellingen voor wetenschappelijk onderwijs ertoe om de Nuffic op te richten. Ook adviseerde de Commissie instelling van internationale Engelstalige cursussen voor buitenlandse geïnteresseerden, met name uit ontwikkelingslanden.
Het Hugo Grotius Seminar was een stichting onder leiding van dr. B. Landheer, die seminars en symposia organiseerde over internationale samenwerking en ontwikkelingsproblematiek. Het bestuur vergaderde in het Vredespaleis. Artikel 2 der statuten luidde: "Het doel der stichting is: het onderzoeken van de problematiek bij internationale samenwerking onder de verschillende omstandigheden van tijd, milieu en niveau van ontwikkeling der verschillende gebieden, op grondslag van de conceptie van het in één wereld samen werken en leven".
De Raad van Advies adviseerde De Stichting voor Internationale Samenwerking en het Institute of Social Studies (ISS) over hun doel, werkzaamheden en organisatie. Zij was betrokken bij hervormingsplannen van Nuffic in 1955 waarbij zij een organisatorische scheiding tussen Nuffic en ISS adviseerde. In 1963 kwam zij weer bijeen. Zij adviseerde over de positie van Nuffic. "Moet de stichting blijven als orgaan van de universiteiten en hogescholen en kan ze zich ook bemoeien met kennis-overdracht op sub-universitair niveau?" De Raad concludeerde dat er een organisatie moet komen die alles op onderwijsgebied vangt en die tussen de algemene raad van buitenlandse zaken en de uitvoerende instituten instaat. Niet gevormd door reorganisatie van het Nuffic Bestuur, maar wel begeleidt door Nuffic.
Prof. Dr. J.L. Koningsberger was een zeer gewaardeerd hoogleraar plantkunde aan de Universiteit van Utrecht, die een grote belangstelling aan de dag legde voor internationale samenwerking. De Commissie Koningsberger ontwikkelde een model voor ontwikkelingssamenwerking, dat bestond uit samenwerkingsverbanden tussen universiteiten in Nederland en in de Derde Wereld. Instrumenten: uitwisseling van docenten, gastcolleges, etc. Doel: het werken aan de verbetering van het hoger onderwijs in ontwikkelingslanden. In de eerste helft van de jaren zestig is dit model voor het eerst toegepast, o.m. met instellingen in Nigeria en Kongo.
In de eerste decennia van haar bestaan initieerde de Nuffic internationale Engelstalige cursussen, specifiek gericht op kandidaten uit de ontwikkelingslanden. Het waren master's opleidingen, maar soms ook zeer gespecialiseerde diploma cursussen. Gewoonlijk werden deze cursussen na de start bij een daartoe opgericht instituut ondergebracht. Het vroegste voorbeeld hiervan is het Institute of Social Studies. In enkele gevallen bleef er echter een organisatorische band met de Nuffic bestaan. Dit is het geval voor de cursus gezondheidstechniek en de cursus waterbouw die sinds 1956 werden georganiseerd onder leiding van ir. L.J. Mostertman. Hij legde over zijn beleid verantwoording af aan de Commissie van Beheer der Internationale cursussen te Delft, waarvan de vergaderingen ook in het onderkomen van deze cursussen op de Oude Delft in Delft gehouden werden. Thans is daar gevestigd het IHE (www.IHE.nl), dat uit deze cursussen is voortgekomen. De organisatorische band met de Nuffic heeft decennia lang bestaan, al beperkte de bemoeienis van de stichting zich op den duur tot personeelszaken. Ook maakte het budget van het IHE formeel deel uit van de Nuffic-begroting.
De Raad voor Wetenschappelijke Zaken van de Nuffic kwam op 14 december 1967 voor het eerst bijeen. Alle toenmalige instellingen voor wetenschappelijk onderwijs waren daarin met een hoogleraar vertegenwoordigd. Ook hadden zitting de Nuffic-personeelsleden met de titel van directeur. De raad is ingesteld als gevolg van een statutenwijziiging van de Nuffic. In plaats van de Raad van Bestuur werden nu ingesteld een Bestuur en een Raad van Wetenschappelijke Zaken. De Raad voor Wetenschappelijke Zaken was ingesteld ter coördinatie van de internationale activiteiten op de instellingen voor hoger onderwijs. Die wilden zich structureel gaan bewegen op het terrein van de ontwikkelingssamenwerking. Op vrijwel alle instellingen kwam het in de late jaren zestig tot de instelling van bureaus buitenland en de aanstelling van personeelsleden die zich geheel met het buitenlands beleid van de instelling bezig hielden. Tot in de jaren tachtig was de focus daarvan gericht op ontwikkelingslanden. De raad probeerde kennelijk ook het klimaat voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs te verbeteren. Hij stelde dit in de praktijk gelijk met ontwikkelingssamenwerking.

Geschiedenis van het archiefbeheer

De archiefbescheiden zijn door het bestuurssecretariaat chronologisch op jaar gearchiveerd. De bescheiden werden beheerd in het Nuffic archief.
Verwerving van Bestuursarchief Nuffic door Nationaal Archief in september 2008.
Inbewaringgeving van een particulier archief, niet in eigendom verkregen