Geschiedenis van de archiefvormer
Antoine Lipkens werd in 1782 te Maastricht geboren. Zijn vader was lakenfabrikant en koopman in lakens.
Na in zijn geboorteplaats de lagere school en het Atheneum te hebben bezocht, vertrok hij naar Frankrijk, om zijn studie voort te zetten aan de "Ecole Polytechnique" te Parijs.
Reeds in 1802 doceerde hij geodesie aan een school te Montbrison.
Hier bracht hij verschillende technische verbeteringen aan.
Een jaar later werd hij hoofd-ingenieur van zijn departement.
In 1813 trad hij in dienst van generaal Lafitte als hulp officier der genie, belast met de planning van de vestingbouw rond de stad Foix.
Na het herstel van de onafhankelijkheid van Nederland keerde Lipkens naar zijn vaderland terug. Hij werd aangesteld als chef van de brigade-ingenieurs, die belast waren met het afbakenen van da grens tussen Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.
Na voltooiing van deze opdracht werd hij benoemd tot ingenieur-verificateur van het kadaster in Luxemburg.
Duidelijk zag hij in, dat het voor het goed functioneren van deze dienst van belang was, dat het personeel een goede opleiding ontving, daarom riep hij een cursus ter opleiding in de geodesie in het leven. De lessen werden gegeven in het Luxemburgse Atheneum, waar hij ook natuurkunde doceerde. Bij Koninklijk Besluit van 4 november 1826 nr. 128 werd Lipkens benoemd tot hoofdingenieur van het kadaster van het hele koninkrijk en verbonden aan het ministerie van Binnenlandse Zaken te Brussel als raad-adviseur voor de octrooien.
In 1827 werd hij benoemd tot corresponderend-lid van het Koninklijk Nederlands Instituut te Amsterdam.
In 1830 werd Lipkens, als lid van de commissie voor de tentoonstelling van nijverheid te Brussel, tot generaal rapporteur gekozen.
Tegelijkertijd lagen de plannen gereed voor het stichten van een school voor kunsten en wetenschappen te Brussel. Van deze instelling zou hij directeur worden.
Door de Belgische opstand van 1830 kon de tentoonstelling voor de nijverheid en de oprichting van de school voor kunsten en wetenschappen niet doorgaan. Tijdens de Belgische opstand bracht Lipkens binnen 14 dagen een telegraafverbinding tussen 's-Gravenhage, 's-Hertogenbosch en Breda tot stand. Na de tiendaagse veldtocht (2-12 augustus 1831), werd Lipkens benoemd tot adviseur voor zaken van werktuigbouwkunde bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, Afdeling Onderwijs. In deze functie werden hem verschillende belangrijke opdrachten gegeven. Met name adviseerde hij bij de aanvraag van octrooien van allerlei uitvindingen en bij het in gebruik nemen van nieuwe toestellen door de overheid. In het bijzonder was hij betrokken bij de drooglegging van het Haarlemmermeer en bij de invoering van duikertoestellen bij het redden van drenkelingen en de berging van scheepsladingen. In 1836 werd Lipkens benoemd tot lid van het Koninklijk Nederlands Instituut te Amsterdam. Sinds 1837 was hij belast met de jaarlijkse controle op gewichten en balansen van 's-Rijks Munt en haar kantoren van waarborg.
Op 4 januari 1842 had Lipkens zijn eerste bespreking met de prins van Oranje over het oprichten van een akademie in Delft.
Precies één jaar later, 4 januari 1843, werd de Koninklijke Akademie officieel geopend; Lipkens werd de eerste directeur.
Op 1 september 1846 legde hij zijn functie om gezondheidsredenen neer en vestigde zich te Warmond, waar hij op 15 december 1847 overleed.
Geschiedenis van het archiefbeheer
Men kan aannemen, dat de stukken oorspronkelijk chronologisch waren geordend.
De stukken geraakten na de benoeming van Lipkens tot directeur van de Koninklijke Akademie te Delft in de archief-bewaarplaats van deze instelling, de latere Polytechnische School en vervolgens de Technische Hogeschool in Delft.
Hier hebben de beheerders naar eigen inzicht het bestand herordend.
De verwerving van het archief
Schenking (van een niet overheidsarchief)