2.21.401 Inventaris van het archief van mgr H.A.J.A. Verheggen [levensjaren 1907-2006], 1942-1982 [GEANONIMISEERDE VERSIE]

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Hubert Alphons Joseph Armand Verheggen (roepnaam: Armand) werd op 21 april 1907 in Sittard geboren. Op 12 maart 1932 werd hij tot priester gewijd.
Hij was werkzaam in Roermond, waar hij geschiedenis doceerde aan het Bisschoppelijk College. In 1942 werd hij daar aangesteld als aalmoezenier van het huis van bewaring en de inrichtingen van Justitie. In 1954 werd hij door de bisschop van Haarlem aangesteld als hoofdaalmoezenier, en vestigde hij zich in Den Haag.
Hij was belast met de Rooms-katholieke geestelijke verzorging bij de inrichtingen van Justitie, een functie die door het Rijk werd gesubsidieerd. Als zodanig had hij een coördinerende taak als leider van de zielzorg in alle Nederlandse gevangenissen, tuchtscholen en psychiatrische inrichtingen (toen TBR-klinieken geheten). Zijn werk bestond mede uit de redactie van een Contactblad, regelmatig overleg en bijdragen aan opleidingscursussen voor gevangenis- en verzorgingspersoneel. Hij wist zich een positie te verwerven waarbij hij aan het justitiële apparaat gewetensvragen kon stellen over het gevangeniswezen, in het bijzonder over de verhouding tussen misdaad, straf en verzoening. Daardoor kon hij invloed uitoefenen op het ministeriële beleid. Prominent was zijn steun aan het gratieverzoek van de drie tot levenslang veroordeelde Duitse oorlogsmisdadigers in de strafgevangenis in Breda in 1969.
Zijn werk als aalmoezenier kreeg ook internationale betekenis door zijn bijdragen in internationale katholieke en oecumenische conferenties. Dit leidde tot een erefunctie in de kerkelijke hiërarchie. Hij werd benoemd tot geheim kamerheer van paus Johannes XXIII, op grond waarvan hij de titel monseigneur mocht dragen; na de hervorming van het Pauselijk Huis door Paulus VI in 1968 was hij erekapelaan.
Verheggen had in Den Haag verschillende nevenfuncties, waaronder examinator geschiedenis der kerkelijke instellingen in de in 1969 officieel ingestelde examencommissie hoger archiefambtenaar. Na zijn pensionering in 1972 diende hij als priester-assistent aan de Parklaankerk in Den Haag. In 1994 verhuisde hij naar Cadier en Keer, een kerkdorp in de gemeente Margraten, waar hij op 13 mei 2006 overleed. Hij gold toen als de oudste priester van het bisdom Roermond.
    Literatuur:
  • Harry op de Kamp, 'Mons. Armand Verheggen', in: Sittards verleden 6 (2006), p. 68-70

Geschiedenis van het archiefbeheer

Verheggen liet zelf het archief overbrengen naar het Algemeen Rijksarchief op een moment (in 1993 of 1994) voordat hij vanuit Den Haag naar Cadier en Keer vertrok. Een opschrift "vriendelijk bedankt" op de oorspronkelijke verpakking en een globale aanduiding van de inhoud op de omslagen dienden als aanwijzing voor de onderhandse overdracht. De toenmalige Algemene Rijksarchivaris liet het wegens de vele persoonsgegevens van gedetineerden in een aparte kluis bergen. Tot een formele regeling van de overdracht is het vóór het overlijden van mgr. Verheggen niet gekomen.