Terug naar zoekresultaten

3.03.89 Inventaris van het archief van het Parket van de Procureur-Generaal te 's-Gravenhage, 1945-1979

Voer een zoekterm in
VorigeVolgende

Archief

Titel

3.03.89
Inventaris van het archief van het Parket van de Procureur-Generaal te 's-Gravenhage, 1945-1979

Auteur

CAS 1165

Versie

26-11-2024

Copyright

Nationaal Archief, Den Haag
2008 cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok

Parket van de Procureur-Generaal bij het Gerechtshof 's-Gravenhage
Procureur-Generaal 's-Gravenhage

Periodisering

oudste stuk - jongste stuk: 1945-1979

Archiefbloknummer

37215

Omvang

696 inventarisnummer(s) 56,40 meter

Taal van het archiefmateriaal

Het merendeel der stukken is in het.
Nederlands

Soort archiefmateriaal

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten.

Archiefdienst

Nationaal Archief

Locatie

Den Haag

Archiefvormers

Parket van de procureur-generaal te 's-Gravenhage

Samenvatting van de inhoud van het archief

Het archief bevat stukken van algemene aard zoals jaarverslagen. De stukken van bijzondere aard betreffen de organisatie en taak, waaronder de beantwoording van Kamervragen, rijkspolitietaken, toezicht en onderzoek naar functionarissen, instellingen (Stichting Opleiding Arbeidskrachten) en vreemdelingen. Voorts stukken aangaande de gevolgen en nasleep van de Tweede Wereldoorlog en de politionele acties (Bandoeng, Ambon), maatregelen getroffen na de Watersnoodramp 1953, de zogenaamde 'schrootaffaire'. Ten slotte zijn opgenomen in dit archief rolboeken van de afzonderlijke zittingsrechters met vermelding van naam van verdachte, eis en uitspraak in hoger beroep.

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer
De procureur-generaal bij het gerechtshof staat aan het hoofd van het Openbaar Ministerie bij het gerechtshof en als zodanig belast met het vervolgen van strafbare feiten in hoger beroep, die in eerste instantie door de rechtbanken in het ressort van zijn gerechtshof behandeld zijn, met de handhaving der wetten en met het doen uitvoeren van alle strafarresten (vonnissen). Daarbij gaat het ook om zaken waarin belanghebbende zich beklaagt over het uitblijven van een vervolging door de officier van Justitie. De andere leden van het Openbaar Ministerie bij het gerechtshof heten advocaten-generaal.
De procureur-generaal valt rechtstreeks onder de minister van Justitie. Diens bevelen is hij verplicht na te komen. Hij heeft het toezicht op het lager openbaar ministerie in het ressort van zijn gerechtshof en als zodanig de algemene leiding bij het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. Hij kan daardoor bevelen geven aan de hoofden van de arrondissementsparketten in zijn ressort.
De vijf procureurs-generaal overleggen gezamenlijk in de Vergadering van Procureurs-generaal onder voorzitterschap van de minister van Justitie -in feite de secretaris-generaal- over het te voeren beleid.
Van 1852 tot 1994 was de procureur-generaal tevens fungerend directeur van politie in zijn ressort. In deze functie zag hij erop toe, dat de politie haar taak ten dienste van de justitie en van de vreemdelingen- en vuurwapenwetgeving naar behoren vervulde. Ook had hij het toezicht op de bijzondere ambtenaren van de rijkspolitie. In 1935 kreeg hij de beschikking over enige rijksrechercheurs. Hij had uit dien hoofde tevens de verantwoordelijkheid voor de opsporingsdienst bij de PTT. Een commissaris van de rijkspolitie was hem toegevoegd. In 1945 verviel zijn medeverantwoordelijkheid voor de handhaving van de openbare orde.
Voorts adviseert hij de Hoge Raad en zijn gerechtshof met betrekking tot het beschikken op gratie-rekesten.
Samen met de president van zijn gerechtshof doet hij aan de minister van Justitie voordrachten van kandidaten voor vacatures bij de rechterlijke macht in zijn ressort.
De functies van de procureur-generaal berustten deels op de wet en waren deels in de praktijk gegroeid ter ondersteuning van dat wettelijke kader. Soms liepen de functies van hoofd van het ressortelijk openbaar ministerie en fungerend directeur van politie in elkaar over. De vergadering van procureurs-generaal is rond 1935 begonnen als een bijeenkomst van de fungerend directeuren van politie.
Taken van het parket van de procureur-generaal
Op het parket wordt de administratie van het Openbaar Ministerie gevoerd. De inkomende strafzaken worden er geregistreerd, de dagvaardingen voor de verdachten en getuigen worden er uitgezonden en na de veroordelende arresten wordt de tenuitvoerlegging door het parket verzorgd.
Omdat de procureur-generaal tevens fungerend directeur van politie was, had het parket een "Afdeling Politie" met een eigen administratie. Aan die Afdeling Politie zijn ook verbonden de z.g. rijksrechercheurs, een groep opsporingsambtenaren aan wie bijzondere opsporingsopdrachten worden gegeven, bv. onderzoeken tegen andere politie-ambtenaren of andere zaken, welke meestal een geheim karakter dragen.
Ook de bescherming van leden van het Koninklijk Huis is aan de rijksrechercheurs opgedragen. Deze opsporingsambtenaren worden uit de gewone politie geselecteerd.
Volgens de Vreemdelingenwet was de procureur-generaal eveneens belast met toezicht op de toelating en uitzetting van vreemdelingen.
Chronologisch overzicht van procureurs-generaal
( Uit: De procureurs-generaal, in vergadering bijeen: Grepen uit de notulen van 60 jaar, Verburg, M.E., 2005 )
Datum Gebeurtenis
Periode
Procureur-Generaal
1933 - 1942 Mr. A. Brants
1940 - 1943 Mr. R. van Genechten
1943 - 1945 Mr. P.H.F. van Vloten
1945 Mr. W.J. Berger, tijdelijk pg
1945 - 1951 Mr. J. Versteeg
1951 - 1965 Mr. D.J. van Gilse
1965 - 1971 Mr. B.J. Besier
1971 - 1981 Mr. W.A. baron van der Feltz
Geschiedenis van het archiefbeheer
De verwerving van het archief
Overbrenging van een overheidsarchief

Inhoud en structuur van het archief

Selectie en vernietiging
Gelet op de taakomschrijving van de procureur-generaal, zijn voor de selectie van het archief meerdere, zowel vastgestelde als concept, selectielijsten gebruikt. Voor wat betreft de taakuitvoering met betrekking tot de rechtshandhaving is gebruik gemaakt van de selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Openbaar Ministerie over de periode vanaf 1950 (14 oktober 2005/Nr. C/S&A/05/2036, Stcrt. 2 december 2005, nr. 235).
Voor de relatie OM-Politie was gedurende de bewerkingsperiode nog geen selectielijst vastgesteld. Handelingen van de procureur-generaal als fungerend directeur van politie zijn opgenomen in het Basis Selectie Document: Handelen met de sterke arm, deel I. Een institutioneel onderzoek naar het beleidsterrein Politie, 1945 - 1993.
Op 6 november 2007 werd de selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de minister van Justitie en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Politie over de periode 1945 - 1993 in de Staatscourant gepubliceerd.
Voor de neerslag op de beleidsterreinen Gevangeniswezen en TBS, Internationale Rechtshulp en Lijkbezorging waren eveneens nog geen selectielijsten vastgesteld.
Voor het personeelsbeleid waren vijf selectielijsten beschikbaar.
  • Selectielijst Overheidspersoneel: Arbeidsverhoudingen (Stcrt. 2001, 200);
  • Selectielijst Overheidspersoneel: Arbeidsvoorwaarden.(Stcrt. 2001, 200);
  • Selectielijst Overheidspersoneel: Formatiebeleid, Arbeidsmarktbeleid en Personeelsontwikkeling en Mobiliteit (Stcrt. 2001, 201)
  • Selectielijst Overheidspersoneel: Arbeidsomstandigheden (Stcrt. 2001,201);
  • Selectielijst Overheidspersoneel: Personeelsinformatievoorziening en -administratie. (Stcrt. 2001, 201).
Voor begrotingszaken was de selectielijst Beheer Rijksbegroting (Stcrt. 2001, 194, geactualiseerd Stcrt. 2006, 176) beschikbaar.
Voor de informatievoorziening werd de selectielijst Overheidsinformatievoorziening (Stcrt. 2004, 143) toegepast.
Ingevolge artikel 5, onder e, van het Archiefbesluit 1995 dient een selectielijst een opsomming te bevatten van criteria aan de hand waarvan de zorgdrager archiefbescheiden die ingevolge de selectielijst voor vernietiging in aanmerking komen, van die vernietiging kan uitzonderen.
Voor de archieven van het parket van de procureur-generaal werd besloten om de archiefbescheiden van vernietiging uit te sluiten die betrekking hebben op:
  • zaken waarover politieke of maatschappelijke onrust bestond;
  • zaken die internationaal, landelijk, regionaal of lokaal ophef hebben veroorzaakt;
  • zaken waarbij belangrijke personen of instellingen betrokken waren;
  • zaken die van zodanig juridisch belang zijn dat de uitspraak gepubliceerd is in de daartoe bestaande jurisprudentieverzamelingen en vooraanstaande tijdschriften;
  • zaken die van belang zijn voor de rechtsontwikkeling.
Ieder parket is een doorgangshuis. Het karakter van het Openbaar Ministerie brengt met zich mee dat het zaken ontvangt, die met advies belegt en doorstuurt, hetzij naar de zitting hetzij naar een andere instantie. Die functie blijkt ook uit het archief. In tegenstelling daarmee levert de zittende magistratuur een eindproduct, een rechterlijke uitspraak. Dat eindproduct is in het archief te vinden. Het product van het Openbaar Ministerie zit vaak in de archieven van anderen.
Een ander aspect is dat het parket veel stukken krijgt maar daar niet aantoonbaar iets mee doet. Zo ontvangt het bijvoorbeeld alle jaarverslagen van alle arrondissementsparketten in Nederland. Die zijn keurig in het archief belandt, vaak na circulatie en soms met een enkele aantekening. Aan het product van het parket dragen zijn niet aantoonbaar bij.
Door toepassing van eerder genoemde selectielijsten zijn de volgende categorieën van stukken voor vernietiging aangewezen:
  • Alle gedrukte stukken, als provinciale bladen, verordeningen, brochures, boeken, gedrukte rapporten enz., die niet door het parket zelf zijn geproduceerd;
  • Alle stukken die geen directe betrekking hebben op het Ressortparket 's-Gravenhage, als daar zijn jaarverslagen en verslagen van vergaderingen van de arrondissementen van andere ressorten;
  • Stukken die betrekking hebben op het Ressortparket 's-Gravenhage, maar die tot de kennis van het functioneren daarvan niet bijdragen, als machtigingen tot en declaraties van reizen, uitnodigingen van allerlei aard voor leden van het ressortparket;
  • Ambtsberichten aan de minister van Justitie.
Verantwoording van de bewerking
Op basis van een projectconvenant tussen het Ministerie van Justitie, Directie Rechtspleging en de Centrale Archief Selectiedienst (CAS) is in de periode 2006 - 2007 het archief bewerkt van het parket van de procureur-generaal te 's-Gravenhage. Het archief beslaat voornamelijk de periode 1945 - 1979.
Tijdens de voorbereiding op de bewerking van het archief van het parket van de procureur-generaal bleek weinig van een oude orde te bespeuren. Duidelijk was dat er oorspronkelijk verschillende, voornamelijk numerieke series gevormd waren, met afzonderlijke kaartsystemen als toegang hierop.
In deze inleiding is een overzicht opgenomen van de namen van de procureur-generaal vanaf 1945 tot 1979. Tevens is een overzicht opgenomen van de voor de bewerking aangetroffen archiefbescheiden. In de bijlage is een concordans opgenomen van de oude registratiekenmerken naar het nieuwe inventarisnummer.
De totale omvang van het te bewerken archief bedroeg ca. 120 meter. Na bewerking bleef er ca. 65 meter over wat in aanmerking kwam om te worden overgedragen aan het Nationaal Archief. Stukken van na 1979 zijn geretourneerd naar de rechtbank 's-Gravenhage.
Ordening van het archief
De opgenomen beschrijvingen hebben betrekking op de te bewaren archiefbescheiden waarvan de bewaargrondslag afkomstig is van zowel vastgestelde als concept selectielijsten., dit in het overleg met en goedkeuring van het NA.
Daar een oorspronkelijke ordening afgezien van een aantal series ontbrak, moest een nieuwe indeling aangebracht worden. De nieuwe hoofdrubrieksindeling is gebaseerd op het takenpakket van het parket van de procureur-generaal. Verder zijn de gevormde subrubrieken van algemeen naar bijzonder ingedeeld. Over het algemeen zijn de beschrijvingen binnen de rubrieken chronologisch gerangschikt.

Aanwijzingen voor de gebruiker

Openbaarheidsbeperkingen
Deels openbaar, deels beperkt openbaar (B). Betreft stukken jonger dan 75 jaar.
Beperkingen aan het gebruik
Reproductie van originele bescheiden uit dit archief is, behoudens de algemene regels die gelden voor het kopiëren van stukken, niet aan beperkingen onderhevig. Er zijn geen beperkingen krachtens het auteursrecht.
Materiële beperkingen
Het archief kent geen beperkingen voor het raadplegen van stukken als gevolg van kwetsbare of slechte materiële staat.
Aanvraaginstructie
Openbare archiefstukken kunnen online worden aangevraagd en gereserveerd. U kunt dit ook via de terminals in de studiezaal van het Nationaal Archief doen. Om te kunnen reserveren dient u de volgende stappen te volgen:
  1. Creëer een account of log in.
  2. Selecteer in de archiefinventaris een archiefstuk.
  3. Klik op ‘Reserveer’ en kies een tijdstip van inzage.
Citeerinstructie
Bij het citeren in annotatie en verantwoording dient het archief tenminste éénmaal volledig en zonder afkortingen te worden vermeld. Daarna kan worden volstaan met verkorte aanhaling.
VOLLEDIG:
Nationaal Archief, Den Haag, Parket van de Procureur-Generaal bij het Gerechtshof 's-Gravenhage, nummer toegang 3.03.89, inventarisnummer ...
VERKORT:
NL-HaNA, Procureur-Generaal 's-Gravenhage, 3.03.89, inv.nr. ...

Verwant materiaal

Beschikbaarheid van kopieën
Inventarisnummers van dit archief zijn niet in kopievorm beschikbaar

Bijlagen

Archiefbestanddelen