De Willem Drees van DS’70

DS70 eerste verkiezingsvergadering
2 december 2025

Het snel opkomen (en neergaan) van politieke partijen is iets van alle tijden. Zoals NSC of BBB in onze tijd, was daar in 1971 opeens DS’70, dat vanuit het niets 8 zetels haalde bij de Tweede Kamerverkiezingen. Het gezicht van de partij was Willem Drees junior (1922-1998). Zijn archief is nu in te zien bij het Nationaal Archief.

Opleiding en verzet

Willem Drees was de jongste zoon van Catharina Drees-Hent en zijn gelijknamige vader, de bekende PvdA-politicus en oud-premier die te boek staat als geestelijk vader van de Algemene Ouderdoms Wet (AOW). Willem groeit op in Den Haag, bezoekt daar het gymnasium en studeert vervolgens economie aan de Nederlandse Economische Hogeschool in Rotterdam. Tijdens de Duitse bezetting raakt hij betrokken bij het verzet in Den Haag en omstreken. Drees is voorzichtig. Zijn ervaringen uit deze periode tekent hij pas na de bevrijding op in een ‘illegaal dagboek’, dat deel uitmaakt van zijn archief.

Carrière als (top)ambtenaar

Na de bezetting maakt Drees snel carrière als ambtenaar. Hij werkt onder meer bij het Sociaal Planbureau, het IMF in Washington en op het ministerie van Financiën. Hier wordt hij op zijn 33ste directeur van de Rijksbegroting. Als econoom gespecialiseerd in overheidsfinanciën zit hij helemaal op zijn plek. Vanaf 1963 combineert Drees zijn loopbaan als ambtenaar met de positie van bijzonder hoogleraar in de openbare financiën, aan de Nederlandse Economische Hogeschool.

Politiek avontuur met DS’70

DS70 fractie
DS70 fractie

Drees komt uit een socialistisch nest. Hij blijft zijn afkomst aanvankelijk trouw en zet zich jarenlang actief in voor de PvdA, de partij van zijn vader. Eind jaren zestig broeit het binnen de PvdA, vooral door de invloed van de interne vernieuwingsbeweging Nieuw Links. Uit onvrede over de partijkoers ontstaan overal in het land kleine splintergroeperingen. Met Jan van Stuijvenberg als architect sluit een deel hiervan zich aaneen tot een nieuwe landelijke partij: Democratisch Socialisten 1970, kortweg DS’70. Ook Drees maakt de overstap. En wordt in januari 1971 aangewezen als lijsttrekker. Bij de verkiezingen van dat jaar boekt DS’70 met acht zetels een onverwacht groot succes. 

Minister, fractievoorzitter, politicus af

De partij gaat meeregeren in het kabinet-Biesheuvel I, en Drees wordt minister van Verkeer en Waterstaat. De regeringsdeelname van DS’70 blijkt van korte duur. Na een jaar ontstaat een conflict over de begroting omdat Roelof Nelissen, minister van Financiën, zich niet houdt aan afspraken uit het regeerakkoord. Drees weigert al te veel water bij de wijn te doen en stapt op, samen met de andere drie bewindslieden van DS’70. Na de vervroegde verkiezingen van 1972 gaat Drees de Kamer in als fractievoorzitter. Als DS’70 in 1977 nog maar één zetel overhoudt, verlaat hij de actieve politiek.

Drees Jr. stapt op

Exit DS’70

Na het vertrek van Drees is DS’70 ten dode opgeschreven. De partij verdwijnt in 1981 uit de Tweede Kamer en houdt twee jaar later op te bestaan. Drees was de belichaming van de partij, die een groen en sociaaldemocratisch karakter combineerde met enkele rechtsere standpunten. DS’70 was trouw aan de NAVO, was voor beperkt autogebruik en duurder parkeren, voor het terugdringen van (indirecte) subsidies (zoals lage collegegelden), voor een sober uitkeringsbeleid. En tegen de onbegrensde toelating van Surinamers in Nederland rondom de onafhankelijkheid van Suriname in 1975.

Terug naar de luwte

Na zijn politieke loopbaan wordt Drees lid van de Algemene Rekenkamer, waar hij werkt tot aan zijn pensioen. De degelijkheid en relatieve luwte van de ambtenarij en wetenschap pasten eigenlijk beter bij hem. Drees was geen raspoliticus zoals zijn vader, die het politieke spel liefhad en tot in de puntjes beheerste.

Zoon van

Als ‘zoon van’ lag Drees bovendien altijd onder een vergrootglas. Zijn bliksemcarrière als ambtenaar ging gepaard met verwijten van vriendjespolitiek. En in de lange schaduw van zijn vader zou hij de toevoeging ‘jr.’ achter zijn naam of bijnamen als ‘de jonge Drees’ nooit helemaal kwijtraken, zelfs niet na de dood van senior in 1988. 

Archief

Het archief van Willem Drees (1922-1998) is in te zien bij het Nationaal Archief, onder toegangsnummer 2.21.407. Het bevat materiaal over zowel Drees’ privéleven als zijn loopbaan. En archief dat is gevormd door enkele familieleden. 

Archief van Willem Drees [levensjaren 1922-1998] en enkele familieleden, (1886) 1925-1998 (2005) inventarisnummer 2.21.407